Steve Bannon, voormalig hoofdredacteur van Breitbart, is topadviseur van Trump.
Steve Bannon, voormalig hoofdredacteur van Breitbart, is topadviseur van Trump. © AP

Trump zet ultrarechtse topadviseur Bannon uit Veiligheidsraad

Na een aantal uitglijders op het gebied van buitenlandse politiek heeft de Amerikaanse president Donald Trump zijn extreemrechtse adviseur Stephen Bannon uit het topoverleg van de Nationale Veiligheidsraad (NSC) gezet. Daar schuiven nu vijf traditionele functionarissen aan tafel, die in eerste instantie buiten dit belangrijke overlegorgaan waren gehouden.

Bannon, Flynn en de veiligheidsraad

In januari trad Bannon toe tot de de Nationale Veiligheidsraad. De rechtse oproerkraaier kreeg daarmee een nog prominentere rol in het Witte Huis. (+)

In februari moest veiligheidsadviseur Michael Flynn opstappen. Zijn vertrekt onderstreept de wanorde in het Witte Huis tijdens de eerste weken van president Trump. (+)

De reorganisatie kan duiden op een meer klassieke opstelling van het veiligheidsteam, dat bepalend is voor het Amerikaanse buitenlandbeleid. Het zogeheten principals committee van de NSC kookt de belangrijkste diplomatieke en militaire beslissingen voor, waarna de president alleen nog zijn fiat hoeft te geven of een keuze moet maken uit de verschillende opties.

Bronnen binnen het Witte Huis noemen de degradatie van Bannon een 'logische evolutie, geen tegenvaller' voor Trumps chefstrateeg. Bannon zou zijn aangesteld om een oogje te houden op Mike Flynn, de impulsieve generaal die door Trump tot nationaal veiligheidsadviseur was gebombardeerd. Ook zou Bannon de NSC van zijn Obama-geur hebben moeten ontdoen. Met het ontslag van Flynn en het achterlaten van een eigen geurspoor zou Bannons opdracht voltooid zijn.

Maar in januari kwalificeerde Witte Huis-woordvoerder Sean Spicer de aanwezigheid van Bannon 'met zijn significante militaire achtergrond' (een blauwe maandag bij de marine) in de NSC nog als 'cruciaal'.

Overwinning van gematigde vleugel

Hoe dan ook lijkt het ontslag een overwinning voor Herbert 'H.R.' McMaster, de nieuwe nationale veiligheidsadviseur, die Flynn opvolgde. Voor Bannon in de plaats komen meer traditionele functionarissen: de chef van de strijdkrachten, de directeur van de inlichtingendiensten, de minister van energie, de gezant bij de Verenigde Naties en de directeur van de CIA.

In bredere zin kan het inperken van Bannons invloed worden gezien als een overwinning van de gematigde vleugel in Trumps kabinet en staf, waar een strijd gaande is tussen populisten zoals Bannon  aan de ene kant en de 'New Yorkers' aan de andere kant, zoals Trumps schoonzoon Jared Kushner en economisch adviseur Gary Cohn (die ook wel de 'Democraten' worden genoemd).

De benoeming van Bannon tot de NSC, eind januari, leidde tot veel ophef. Belangrijkste reden was dat de voormalige baas van de succesvolle rechtse provocateurswebsite Breitbart een ideologisch stempel zou drukken op de ratio van internationale diplomatie en nationale veiligheid. Bannon is de architect van de America First-doctrine met zijn protectionisme en dichte grenzen; zijn denken draait om het onwrikbare geloof dat het westen in een existentiële strijd verwikkeld is met de islam. De aanstelling van Bannon kwam bovenop die van Flynn als nationaal veiligheidsadviseur, eveneens bekend om zijn anti-islamgevoelens.

Dubieuze leiders

Als de Verenigde Naties falen en niet collectief kunnen optreden, dan zijn er momenten dat we gedwongen worden zelf actie te ondernemen.

VN-gezant Nikkie Haley

De Amerikanen hebben de afgelopen twee maanden afstand genomen van hun bondgenoten en toenadering gezocht tot dubieuzere leiders. Angela Merkel kreeg bij haar bezoek aan het Witte Huis geen hand, de Egyptische autocraat Abdul al-Sisi wel. In de strijd tegen islamitische extremisten wordt een bottere bijl gehanteerd (zie de aanval in Jemen met tientallen doden, zie het bombardement op Mosoel met honderden doden). Mensenrechten lijken geen rol meer te spelen bij diplomatieke en militaire manoeuvres. Zelfs de Syrische leider Bashar al-Assad werd getolereerd, zo bleek vorige week nog: het omverwerpen van zijn bewind was geen prioriteit meer, het bestrijden van Islamitische Staat ging voor. Typisch een Bannon-lijn.

'Het lot van president Assad zal worden bepaald door het Syrische volk', zei minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson donderdag. 'Je kiest je gevechten', zei VN-gezant Nikkie Haley, 'en onze prioriteit is niet langer om Assad weg te krijgen.'

Dinsdag en woensdag echter, na de gifgasaanval, bezigde de Trump-regering ineens andere taal. Trump zelf noemde de aanval 'verschrikkelijk, verschrikkelijk, verschrikkelijk' en zei dat zijn houding tegenover Syrië en Assad 'heel erg veranderd' was. Volgens hem waren er 'een heleboel lijnen overschreden'. Haley sprak woensdag in de vergadering van de Verenigde Naties dreigende woorden: 'Als de Verenigde Naties falen en niet collectief kunnen optreden, dan zijn er momenten dat we gedwongen worden zelf actie te ondernemen.'

Gifgasaanval de nekslag?

Bannon zou maar één keer bij een vergadering van het comité zijn geweest

Was de gifgasaanval de nekslag voor Bannon? Heeft hij zich met zijn dictatorsvriendelijke houding geïsoleerd? Of was hij sowieso op weg naar de uitgang?

Hoe groot Bannons invloed is geweest is onduidelijk. Volgens bronnen van The Washington Post is hij maar één keer bij een vergadering van het comité geweest. Na het ontslag van Flynn, wegens zijn verzwegen contacten met de Russische ambassadeur, was de wind al gedraaid.

McMaster, een generaal met een genuanceerde houding tegenover islamitisch extremisme, stelde de positie van Bannon meteen ter discussie, schreef The New York Times al in februari. Hij wachtte echter met de reorganisatie, omdat dat te kort na het ontslag van Flynn zou zijn gekomen. Nu, met het vertrek van Bannon en het eerherstel van de andere functionarissen, is de nationale veiligheidsraad genormaliseerd. Grote vraag is of het buitenlands beleid daarmee ook een normalere wending neemt.