Philip Dröge krijgt geen greep op zijn hoofdpersoon in Pelgrim; de mysterieuze avonturier Hurgronje
©

Philip Dröge krijgt geen greep op zijn hoofdpersoon in Pelgrim; de mysterieuze avonturier Hurgronje

Boek (non-fictie) - Pelgrim - Leven en reizen van Christiaan Snouck Hurgronje

Dröge weet de exotische werelden op te roepen die Christiaan Snouck Hurgronje heeft bereisd.

Voor een man wiens levensverhaal ruim driehonderd pagina's beslaat, blijft de avonturier en islamkenner Christiaan Snouck Hurgronje (1857-1936) een nogal raadselachtige figuur. Dit valt biograaf Philip Dröge, auteur van de bestsellers De schaduw van Tambora en Moresnet, niet te verwijten. Want Dröge weet de exotische werelden op te roepen die Snouck Hurgronje heeft bereisd - van de indringend stille woestijn die zich uitstrekt tussen Jeddah en Mekka tot de groene weelde van Sumatra - en hij kent de geest van andere tijden en culturen dan de onze. Maar op zijn hoofdpersoon krijgt hij geen greep. Die lijkt zich er zijn hele leven voor te hebben ingespannen om ongrijpbaar te blijven - voor zijn tijdgenoten en voor het nageslacht.

Hurgronje lijkt zich er zijn hele leven voor te hebben ingespannen om ongrijpbaar te blijven - voor zijn tijdgenoten en voor het nageslacht

Pelgrim - Leven en reizen van Christiaan Snouck Hurgronje, wetenschapper, spion, avonturier

non-fictie

Philip Dröge

Spectrum;

355 pagina's; euro 19,99.

Er viel dan ook heel wat af te dekken. Zijn islamitische relaties mochten niet twijfelen aan de oprechtheid van zijn keuze voor hun geloof. Tezelfdertijd moesten zijn Nederlandse opdrachtgevers ervan worden overtuigd dat hij zich slechts had bekeerd om participerend onderzoek naar de islam te kunnen verrichten. Het feit dat hij in Mekka een Abessijnse slavin 'voor de seks' aanschafte omdat de plaatselijke norm dat min of meer voorschreef, moest uiteraard worden verheimelijkt. Net als het feit dat hij later in Indië tweemaal trouwde. Zijn levensweg was geplaveid met verzwegen gebeurtenissen en leugentjes om bestwil. In die zin trad hij in de voetsporen van zijn vader, een Zeeuwse predikant die er gelijktijdig twee vrouwen op nahield.

De fascinatie die Snouck Hurgronje oproept, is daardoor wel verklaarbaar. Te meer omdat zijn vergrijpen tegen de normen van de tijd waarin hij leefde zijn loopbaan en maatschappelijke statuur niet noemenswaardig hebben geschaad. Hij was rector magnificus van de Leidse universiteit en voorzitter van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (de huidige KNAW). En hij genoot internationaal gezag als intermediair tussen het Westen en de islamitische wereld.

De vraag die Dröge herhaaldelijk opwerpt in Pelgrim, de vraag aan wiens kant Snouck Hurgronje eigenlijk stond, blijft onbeantwoord

Maar de vraag die Dröge herhaaldelijk opwerpt in Pelgrim, de vraag aan wiens kant Snouck Hurgronje eigenlijk stond, blijft onbeantwoord. Enerzijds noemde hij zichzelf een 'antichristen'. Anderzijds waren zijn beschrijvingen van de islamitische geloofspraktijk weinig vleiend en betrok hij het standpunt dat de gematigde islam niet bestaat. Aan de ene kant drong hij aan op de overdracht van regeringstaken aan Indonesiërs. Aan de andere kant voorzag hij het gouvernement in Batavia gevraagd en ongevraagd van adviezen over het neerslaan van de opstanden in Atjeh.

Als Christiaan Snouck Hurgronje een dubbelspel heeft gespeeld, heeft hij dat heel bekwaam gedaan, getuige alleen al het feit dat zijn gezag in de islamitische wereld pas nu ter discussie wordt gesteld - vaak in samenhang met de (valse) suggestie dat hij van Joodsen bloede was.

In het slothoofdstuk van Pelgrim is Snouck Hurgronje nog steeds de schimmige figuur die hij al was in de proloog - waarin de besnijdenis wordt beschreven die zijn bekering tot de islam bezegelde.