Het probleem van de hoofdpersonages is het best te vatten in twee woorden: 'Laat maar'
© de Volkskrant

Het probleem van de hoofdpersonages is het best te vatten in twee woorden: 'Laat maar'

Twee strijdende moeders, thuis

***
Parttime astronaut

Renée van Marissing
Fictie
Atlas Contact, 176 pagina's
€19,99

'Laat maar.' Misschien wel de irritantste twee woorden die je tegen je partner kunt zeggen. In Parttime astronaut van Renée van Marissing, over huwelijk en ouderschap vanuit het perspectief van een vrouw, legt de man uit waarom: 'Als ik vraag of je iets wil drinken en je zegt 'nee', dan is dat prima, maar als ik vraag of je iets wil drinken en je zegt 'nee, laat maar', dan krijg ik het gevoel dat jij je tekort gedaan voelt, dat ik te laat ben met mijn vraag.'

**
Stille grond

Sanneke van Hassel
De Bezige Bij; 224 pagina's
€19,99

De woorden duiken ook op in Stille grond, de tweede roman van Sanneke van Hassel. Landa, pas moeder geworden, woont in een luxe nieuwe flat in het centrum van Rotterdam. Voor de deur ontsiert een geïmproviseerde daklozenopvang een braakliggend veldje dat in haar ogen een gezellig park had moeten worden. Aan huis gekluisterd, met het kind aan de borst, wordt Landa steeds obsessiever in haar strijd tegen de opvang. 'Ik zou mijn tijd er niet in steken', zegt haar workaholic echtgenoot. Landa: 'Laat maar.'

De twee woorden vatten precies het probleem in de levens van Landa (Van Hassel) en Karlijn (Van Marissing) samen. Beiden zijn moeder in de grote stad, Landa in Rotterdam, Karlijn in Amsterdam. Het huis is tot strijdtoneel verworden, want over de buitenwereld voelen ze geen macht.

Stille grond maakt weinig indruk: Landa is te schematisch neergezet, te veel het cliché van de webshoppende jonge moeder aan een kookeiland, die het liefst niet opendoet als haar hardloopvriendinnen haar overvallen met flessen witte wijn ('dat wordt weer kolven').

Aan mooie zinnen en gevoelige observaties geen gebrek, maar wat is het probleem eigenlijk?

Renée van Marissing schreef een intiemer en subtieler portret. De hoofdpersoon is tegenstrijdig, vermoeiend, lief. En eenzaam: in gedachten zit ze regelmatig aan de bar van The Beanery, de beroemde installatie van Edward Kienholz in het Stedelijk Museum. Daar deelt ze haar problemen met een oude vrouw aan de bar. 'Dame', zegt deze troostend, 'jij hebt jezelf buitenspel gezet.'

Toch overtuigt ook Van Marissing niet helemaal. Het drama had scherper gekund, Karlijn heeft geen échte moeilijkheden. Aan mooie zinnen en gevoelige observaties geen gebrek, maar wat is het probleem eigenlijk? Wat is dat precies, jezelf buitenspel zetten, en waarom is dat erg? Karlijn zou antwoorden: laat maar. Terwijl niet vaak op zo'n tedere, genuanceerde manier over moederschap geschreven wordt.