De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb.
De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb. © ANP

Zijn coffeeshops nog wel de juiste plek voor verkoop softdrugs? Aboutaleb zoekt alternatieven

De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb wil een alternatief zoeken voor de verkoop van softdrugs. Coffeeshops zijn te vaak verbonden aan criminaliteit en veroorzaken overlast. 'Ik wil onderzoeken of coffeeshops nog wel het aangewezen systeem zijn om het spul bij de klant te krijgen.'

Als opties noemde Aboutaleb woensdag de verkoop via internet en via afhaalautomaten, zoals sommige apotheken deze al hebben voor de uitgifte van medicijnen. Ook wees hij op het model van de Zweedse staatswinkels voor alcohol, de Systembolaget.

Antecedenten bij de politie

'Al die modellen staan open, ik heb daar nog geen oordeel over', aldus Aboutaleb. 'We kunnen de verkoop van wiet aanbesteden of aan een publiek-private stichting denken. In de moderne economie is het heel wel denkbaar dat er andere wegen te vinden zijn om de klanten te bedienen dan via de coffeeshop.'

Uit onderzoek blijkt volgens Aboutaleb dat 75 tot 80 procent van de exploitanten van coffeeshops antecedenten bij de politie hebben, 'tot en met bezit van wapens'. Daarom zoekt hij 'een andere weg voor afzet'. 'Ik ben voor elke vorm van regulering die leidt tot minder overlast, minder criminaliteit en tot meer bescherming van de jeugd.'

Opvallend is dat Aboutaleb wel twee recent gesloten coffeeshops de kans geeft om een nieuwe vergunning aan te vragen. Hij sloot de coffeeshops 't Trefpunt (centrum) en Rif (Crooswijk) omdat ze op minder dan 250 meter loopafstand van een (nieuwe) school gevestigd zijn. Oppositiepartijen GroenLinks, SP en Partij voor de Dieren en coalitiepartij D66 willen dat Aboutaleb de sluiting terugdraait.

In de moderne economie is het heel wel denkbaar dat er andere wegen te vinden zijn om de klanten te bedienen dan via de coffeeshop

Dat is mogelijk, zegt Aboutaleb. 'Maar als ze opnieuw een vergunning krijgen, dan moeten ze gesloten blijven tijdens de lesuren op school.'

Aboutaleb heeft een onderzoek laten doen naar hoeveel coffeeshops er nodig zouden zijn, gezien de vraag: 'dus los van overlast en criminaliteit'. In 2007 telde Rotterdam 65 coffeeshops, nu zijn dat er 36. Volgens onderzoeksbureau Ecorys zijn er 34 nodig om aan de vraag van de Rotterdammers zelf te voldoen. Over vijf jaar zal de vraag zijn gestegen, en zouden er 38 coffeeshops moeten zijn.

Indien Rotterdam ook rekening houdt met de vraag van (regionale en internationale) toeristen, dan zijn er over vijf jaar 41 tot 46 coffeeshops nodig zijn. 'Ik ga het drugstoerisme niet faciliteren', zei Aboutaleb daar echter over. ' 'Ik wil in Europa niet bekendstaan als de stad waar je heen moet voor coffeeshops. Daar worstelt Amsterdam nu mee.'

Landelijke proef

Rotterdam hoopt mee te kunnen doen aan een landelijke proef voor gereguleerde wietteelt. Een plan daarvoor, ingediend bij toenmalig minister Opstelten, bleef eerder op de plank liggen bij het ministerie van Justitie. In het nieuwe regeerakkoord staat dat er in zes tot tien gemeente experimenten komen met het 'gedoogd telen van wiet voor recreatief gebruik'.

Die landelijke experimenten moeten volgens het regeerakkoord duidelijk maken of coffeeshops 'gedecriminaliseerd' aan hun softdrugs kunnen komen. Aboutaleb heeft volgende week een afspraak met minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, twee weken geleden nog wethouder in Rotterdam.