Op de voorschool De Oliebron in Schoonebeek.
Op de voorschool De Oliebron in Schoonebeek. © Aurélie Geurts

Steeds meer kinderen krijgen peuteronderwijs, ook als er geen risico op achterstand is

Bijna 80 procent van de kinderen met een risico op een achterstand krijgt peuteronderwijs. Ook peuters zonder achterstand gaan steeds vaker naar de voorschool. Daarmee is de voorschoolse educatie, bedoeld voor kinderen tussen 2,5 en 4 jaar, flink gegroeid.

Dit blijkt uit een onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs onder de grootste 37 gemeenten, dat vandaag naar de Tweede Kamer wordt gestuurd, en uit een inventarisatie van de Volkskrant. Het is voor het eerst dat de inspectie met cijfers over het peuteronderwijs in de grote steden komt. Cijfers uit een eerder rapport gaven een minder volledig beeld, aldus de inspectie.

In de grote steden zijn inmiddels meer plekken in het peuteronderwijs dan doelgroepkinderen, blijkt uit het rapport. Dat niet elk kind met risico op een achterstand naar de voorschool gaat, komt doordat niet alle ouders worden bereikt. Het peuteronderwijs is bovendien vrijwillig.

Peuteronderwijs onder vuur

'De voorschool moeten gelijke kansen bieden, maar niet door achterstandskinderen te scheiden van kinderen die zich normaal ontwikkelen'

Over wat het oplevert zijn de meningen verdeeld, maar de populariteit van voorschoolse educatie groeit. Op de Oliebron werken de peuters flink door, tot het opruimlied klinkt (+).

In een groeiende groep gemeenten zijn ook kinderen zonder risico op achterstand welkom op de voorschool, blijkt uit een rondvraag. Zo hebben in Rotterdam, Amsterdam, Eindhoven en Almere nu alle jonge kinderen recht op enkele uren peuteronderwijs per week.

Het peuteronderwijs ligt de laatste jaren onder vuur omdat wetenschappers het er niet over eens zijn of het zin heeft. De overheid probeert sinds de eeuwwisseling een achterstand bij kinderen aan te pakken door peuters educatieve programma's aan te bieden. Door kinderen jong bij te spijkeren in taal en sociale ontwikkeling, kunnen ze nog voor ze naar school gaan hun achterstand op leeftijdsgenootjes inlopen, is de gedachte.

Omdat de meeste kinderen met het risico op een achterstand in de grote steden wonen, kregen de afgelopen vijf jaar de grootste 37 gemeenten elk jaar 95 miljoen euro extra om het peuteronderwijs te verbeteren.

Dat heeft geleid tot een verdere groei aan voorscholen, blijkt uit het inspectierapport. In totaal betreft het 40 duizend plaatsen voor 31 duizend doelgroepkinderen. Ter vergelijking: heel Nederland telt 250 duizend kinderen tussen de 2,5 en 4 jaar. Elke gemeente bepaalt zelf welke kinderen in aanmerking komen voor de voorschool.

De kwaliteit van het peuteronderwijs is de laatste jaren verbeterd, constateert de inspectie. De toegankelijkheid is vergroot, ouders worden beter betrokken en de sfeer is goed. De cijfers van de inspectie gaan over 2013 en 2014, recentere cijfers zijn niet beschikbaar. Oudere cijfers over een vergelijkbare groep gemeenten ontbreken ook.

Massaal bereik

Dit jaar alleen al trekt de overheid ruim 366 miljoen euro voor achterstandsbeleid uit

'Het bereik van de voorschool is inmiddels massaal', zegt de Utrechtse hoogleraar Paul Leseman, die sinds de jaren negentig onderzoek doet naar achterstandsonderwijs. Op basis daarvan schat hij dat rond 2000 nog maar een kwart van de achterstandskinderen naar de voorschool ging.

De laatste jaren is flink geïnvesteerd in achterstandsbeleid: dit jaar alleen al trekt de overheid er ruim 366 miljoen euro voor uit. Veel gemeenten leggen daar nog geld bovenop. Over het nut van voorschools onderwijs bestaat desondanks veel onenigheid.

Jonge kinderen halen hun achterstand met de educatieve programma's niet in, constateerde bijzonder hoogleraar kinderopvang Ruben Fukkink in 2015 na een groot onderzoek. Zijn leerstoel wordt mede gefinancierd door de branche- en oudervereniging Boink, die kritisch is op de manier waarop het peuteronderwijs nu georganiseerd is.

Deze zomer kwamen onderzoekers van onder meer de Universiteit Utrecht en het Kohnstamm Instituut met een groot onderzoek dat aantoont dat het peuteronderwijs wel zin heeft. Peuters verbeteren er hun woordenschat en lopen een deel van hun achterstand in, constateren de onderzoekers.

Voorschools onderwijs heeft écht geen effect
Volkskrantcolumniste Aleid Truijens schrijft over het onderzoek van Ruben Fukkink naar de effecten van vroeg- en voorschoolse educatie. 'In zijn rapport stonden schokkende conclusies: die effecten zijn er niet.' (+)

'Jaar verlof voor ouders na geboorte is beste voor kind'
Biologe Carolina de Weerth pleit ervoor om ouders een jaar verlof te geven na de geboorte van hun kind. De kinderen zijn thuis beter af dan in de crèche, stelt de biologe. (+)

Plannen genoeg, maar wat verbetert ons onderwijs nou écht?
Maatwerk- diploma, kleinere klassen, jongens apart. De onderwijssector produceert aan de lopende band plannen. Maar hoe effectief zijn die? En hoe duur? Het Centraal Planbureau dook in de internationale literatuur en velde een - voorzichtig - oordeel. (+)