Spoorwegmuseum is net pretpark. Nou en?

Voor de verbouwing trok het Spoorwegmuseum in Utrecht jaarlijks 150 duizend bezoekers, na de ingreep 300 duizend in zeven maanden, vooral kinderen....

De rij kinderen met ouders voor het Spoorwegmuseum in Utrecht is onafzienbaar lang en groeit, ofschoon medewerkers folders van andere musea in de buurt uitdelen. Directeur Paul van Vlijmen kijkt ernaar en ziet dat het idioterie is. ‘Pure idioterie, deze drukte.’ Maar wel idioterie met twee kanttekeningen, zegt hij. Zo druk als op deze dag is het alleen in de vakanties, en het is goed dat er zo veel jonge kinderen zijn. Van Vlijmen kan zich vinden in de ideeën van staatssecretaris Van der Laan van Cultuur, die constateert dat de populariteit van musea vooral onder jongeren afneemt.Het Spoorwegmuseum is voor veel kinderen hun eerste museumbezoek, zegt Van Vlijmen ‘Ze vinden het geweldig. Zo leren kinderen dat musea leuk zijn.’ Musea moeten zich niet richten op pubers, zoals vaak gebeurt. ‘Die zijn toch niet zo geïnteresseerd in musea.’Sinds de heropening in juni vorig jaar is het 78-jarige Spoorwegmuseum een rage. Voor de verbouwing waren er 150 duizend bezoekers per jaar, in de zeven maanden sinds de heropening zijn het er al meer dan 300 duizend.Voor de verbouwing – kosten 32 miljoen euro, met dank aan NS – reisde Van Vlijmen de wereld rond om inspiratie op te doen. Die vond hij in Amerika. In Alcatraz zag hij dat met licht, geluid en geur de educatieve functie van een museum wordt versterkt.Nu noemt het museum zich de ‘eerste cultuurattractie van Nederland’. Waar eerst de oude treinen stonden weg te roesten – de reden om te verbouwen – staat nu een grote overspanning met daarin drie andere hallen. Die verbeelden samen vier ‘Werelden’, die het verhaal van het spoor in drie tijdvakken verdelen.Wereld 3, ‘Stalen Monsters’, heeft een spannende ‘dark ride’ in een open karretje, met plots opduikende wassen conducteurs die raar en eng doen in treinstellen en locomotieven. Kinderen gillen van plezier. In Wereld 2, ‘Droomreizen’, is er een theatervoorstelling over een reis met de Oriënt Express.‘Critici zeggen dat we op de Efteling lijken. Ten eerste vind ik dat geen schande, ten tweede is de museale functie van het museum vertwintigvoudigd. Er staat meer tentoongesteld dan voor de verbouwing’, zegt Van Vlijmen. De klassieke museumganger knikt instemmend bij het zien van het Maliebaanstation, dat tot in de details is gerestaureerd in de staat van oplevering in 1874.Aanvankelijk waren er geen tekstbordjes bij tentoongestelde voorwerpen of schilderijen. Maar kinderen vroegen ouders hoe oud een bepaalde trein was, hoe lang, en hoe hard die kon. Dus kwamen de tekstbordjes er toch. ‘Waarom zouden we de arrogantie hebben daarnaar niet te luisteren?’, vraagt Van Vlijmen zich af.Voor overige vragen en uitleg lopen zogeheten eduTRAINers tussen het publiek. Net nog legde eduTRAINer Arnold uit dat de juiste chronologische volgorde van treinen stoom-elektrisch-diesel is, en niet, zoals vaak wordt gedacht, stoom-diesel-elektrisch.En hij weet natuurlijk waar het kindertoilet is, waarnaar zelfs op rustige dagen veel vraag is. Het lijkt op een treincoupé. ‘We hoorden van peuterspeelzalen in de buurt dat onze wc zeer geschikt is bevonden om kinderen zindelijk te maken.’ Ze blijven er heel lang op zitten, zo leuk is het.