Weer onduidelijkheid over aansprakelijkheid NAM in Groningen
© ANP

Weer onduidelijkheid over aansprakelijkheid NAM in Groningen

'Waar de NAM minder controle op kan uitoefenen, daar kan zij ook minder verantwoordelijkheden voor dragen'. Met dat zinnetje heeft de topman van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, Gerald Schotman, een flinke steen gegooid in een vijver met toch al woelig water. Het energiebedrijf ontkent intussen weg te duiken voor het vergoeden van de aardbevingsschade nu de gaskraan dichtgaat.

De zin van Schotman komt uit de reactie van zijn bedrijf op door minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat voorgestelde wetswijzigingen over de gaswinning in Groningen. Volgens de NAM heeft het bedrijf nauwelijks nog invloed op de aardbevingsrisico's in Groningen, nu de minister de hand stevig aan de gaskraan houdt.

Kamerleden wisten genoeg. 'De NAM loopt weg voor haar verantwoordelijkheid', aldus Sandra Beckerman (SP). Het energiebedrijf haastte zich dinsdag met een toelichting te komen. 'Om elk misverstand weg te nemen: de NAM loopt niet weg voor haar financiële aansprakelijkheid voor schade ontstaan door mijnbouwactiviteiten, nu en in de toekomst.' Wel vraagt het bedrijf de minister de wettekst te verduidelijken.

Aanpassing

Aanleiding voor de aanpassing van de Mijnbouw- en Gaswet is het voornemen van het kabinet om de gaswinning in Groningen zo snel mogelijk te verminderen. Uiterlijk in 2030 moet de gaskraan helemaal dicht. 

Nu is het nog zo dat de exploitant, in Groningen de NAM, een winningsplan indient met een voorstel voor de op te pompen hoeveelheid gas. De minister stemt daar al dan niet mee in, mogelijk onder voorwaarden. In een warm jaar kan dat ertoe leiden dat er meer gas uit de bodem wordt gehaald dan noodzakelijk voor de leveringszekerheid.

De wetsaanpassing moet daar verandering in brengen, aldus de minister in een schriftelijke toelichting op de wet. 'De vergunninghouder wordt opgedragen te winnen wat noodzakelijk is voor de leveringszekerheid, niet meer en ook niet minder',  zo formuleert de minister het in een toelichting.

Op de voorgestelde wetswijziging zijn 67 reacties gekomen van bedrijven, organisaties, lokale overheden en inwoners

Verantwoordelijkheid verschuift

'Dit wil zeggen dat een belangrijk deel van de verantwoordelijkheid voor de gaswinning van NAM naar de minister verschuift', stelt Herman Bröring, hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen in zijn reactie op de wetswijziging. 'De vraag is nu wat dit voor de aansprakelijkheid van NAM en de minister c.q. de staat betekent.'

In het Burgerlijk Wetboek staat dat een mijnbouwexploitant - in dit geval de NAM - aansprakelijk is voor 'schade door beweging van de bodem'. Niettemin meent Bröring dat er 'geen enkele onduidelijkheid mag bestaan over wie op welke grond aansprakelijk is wegens onrechtmatig handelen'.

Het is de tweede keer in korte tijd dat hierover twijfels rijzen. Eerder dit jaar werd bekend dat moederbedrijf Shell een zogeheten 403-verklaring voor dochterbedrijf NAM had ingetrokken - een financiële rugdekking voor als de NAM niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen. Nadat er onzekerheid was ontstaan over de kredietwaardigheid van de NAM verzekerde topvrouw Marjan van Loon dat Shell garant zou staan: 'Dan betalen wij.'

Op de voorgestelde wetswijziging zijn 67 reacties gekomen van bedrijven, organisaties, lokale overheden en inwoners. Kritiek is er onder meer van de provincie Groningen. Waar de oorspronkelijke wettekst de verplichting van de exploitant benoemde om schade te 'voorkomen', is dat woord vervangen door 'beperken'. De provincie Groningen vindt dat daardoor 'onduidelijk is wie voor het Groningenveld nu de zorgplicht heeft om schade te voorkomen en te vergoeden en gebouwen te versterken.'

Garanties ontbreken

Het Gasberaad deelt dat commentaar. Het overlegorgaan van maatschappelijke organisaties in het aardbevingsgebied prijst het besluit van het kabinet de gaswinning op termijn te beëindigen. Maar garanties zouden ontbreken. 'Voor een groot deel van de afbouw zijn we afhankelijk van de mogelijkheden en bereidheid van anderen (grootverbruikers, buitenland, e.d.), maar ook van de 'sturingsbereidheid' van de dan zittende minister van EZK. Liever hadden we meer waarborgen gezien.'


Meer over de Nederlandse Aardoliemaatschappij

Heeft de NAM nog een toekomst?
De Nederlandse Aardoliemaatschappij heeft het moeilijk. Financieel valt het nog mee, maar het versneld terugdraaien van de gaswinning en een nieuwe twist over de aansprakelijkheid voor bevingsschade doet de vraag rijzen: heeft de NAM nog een toekomst?