Rechtbanktekening uit 2015 van de verdachte (vlnr) Iman B., Azzedine C., Rudolf H., Oussama C., Jordi de J. en Moussa L. tijdens het grote Haagse jihadproces in de speciaal beveiligde rechtszaal de bunker in Amsterdam-Osdorp. In totaal staan in deze zaak tien mensen terecht voor terreurbeschuldigingen.
Rechtbanktekening uit 2015 van de verdachte (vlnr) Iman B., Azzedine C., Rudolf H., Oussama C., Jordi de J. en Moussa L. tijdens het grote Haagse jihadproces in de speciaal beveiligde rechtszaal de bunker in Amsterdam-Osdorp. In totaal staan in deze zaak tien mensen terecht voor terreurbeschuldigingen. © ANP

Justitie kan makkelijker streng optreden tegen jihadgang

Door een rechterlijke uitspraak kan justitie makkelijker streng optreden tegen de jihadgang. Geld sturen is al genoeg voor een paar jaar celstraf.

Het Openbaar Ministerie krijgt in de strijd tegen de jihadgang steeds meer munitie in handen. Volgens een recent vonnis van de Rotterdamse rechtbank zijn niet alleen strijders strafbaar, maar ook sympathisanten die terroristische groeperingen op enige wijze faciliteren.

Juridisch zijn 'belangrijke piketpalen' geslagen, zegt landelijk coördinerend officier van justitie voor terrorismebestrijding Ferry van Veghel (40) in een interview met de Volkskrant. Die bieden het OM meer houvast in de ruwweg honderd terreuronderzoeken die lopen.

Wie geld of goederen stuurt naar jihadgebieden wordt al gezien als deelnemer aan een terroristische organisatie. Zo ook uitreizigers. Ze komen niet meer weg met verhalen dat ze zich alleen maar wilden vestigen in het kalifaat of daar hulp gingen verlenen.

Van Veghel reflecteert op het vonnis van de Rotterdamse rechtbank, afgelopen donderdag, tegen drie terreurverdachten uit Arnhem. Een verdachte beweerde dat hij een transportbedrijfje wilde opzetten in Syrië, een tweede ging weeskinderen helpen. De derde verdachte had 1.000 euro gestuurd naar een strijdende vriend voor voedsel, kleding en medicijnen.

'Niet aannemelijk', vindt de rechtbank hun verweer. Ze werden veroordeeld van 1 tot 3,5 jaar cel wegens deelneming aan een terroristische organisatie.

Je komt niet meer weg met ‘ik wilde op vakantie’

Lees hier het interview met terrorismebestrijder Ferry van Veghel. 'Bij elke rechterlijke uitspraak duikt iets nieuws op'

Belangrijke bouwstenen in de bewijsvoering in deze zaak leverden twee rapporten die de rechters inzicht gaven in de situatie ter plekke: de half januari uitgebrachte notitie Leven bij ISIS, de mythe ontrafeld van de inlichtingendienst AIVD, en een rapport van drie deskundigen dat zich ook uitstrekt tot gebieden die in handen zijn van de terreurbeweging Jabhat al-Nusra. Van Veghel: 'Uit die rapporten blijkt dat het onaannemelijk is dat je je daar helemaal aan de strijd kunt onttrekken.'

Ook vrouwen niet. Zo staat in de AIVD-notitie dat vrouwen in beginsel niet deelnemen aan de gewapende strijd, maar wel geacht worden hand- en spandiensten te verrichten. 'Ze lopen gewapend rond, sommigen met bomgordel. De rol van vrouwen kan niet worden onderschat', zegt Van Veghel. 'Dat doen we ook niet. Er lopen serieuze onderzoeken naar vrouwen.'

Hij zegt goede hoop te hebben dat de Somalisch-Nederlandse Shukri F., tegen wie het OM in november 4 jaar cel had geëist wegens ronselen voor de gewapende jihad en die is vrijgesproken, in hoger beroep wel veroordeeld kan worden.

Begin december al kreeg het OM meer wind in de zeilen met de uitspraak in de zogenoemde Contextzaak tegen negen Haagse terreurverdachten. De rechters deelden straffen uit tot 6 jaar cel wegens opruien en ronselen met terroristisch oogmerk. Ze laveerden langs de klippen van vrijheid van meningsuiting en godsdienst en trokken duidelijke grenzen. Wie terrorisme vergoelijkt, legitimeert of verheerlijkt is niet strafbaar. Maar wie stelselmatig geesten rijp maakt voor de gewapende jihad is dat wel.

Afgelopen donderdag borduurde de rechtbank Breda voort op dit vonnis. De Somalische Nederlander Salim S. (31), die minderjarige asielzoekers aansprak in een opvangcentrum en op straat in Tilburg, werd veroordeeld tot 18 maanden cel. Hij had met de jongeren meerdere keren gesproken over aansluiting bij IS, om onder meer 'Amerikanen te doden'.

Het gaat hier om internationale misdrijven, waarin bewijsvoering altijd moeilijker ligt

Afshin Ellian, rechtsgeleerde

Ook de Leidse rechtsgeleerde Afshin Ellian ziet de deskundigenrapporten als belangrijk instrument in het afremmen van de jihadgang. 'Het gaat hier om internationale misdrijven, waarin bewijsvoering altijd moeilijker ligt. Door de rapporten beginnen de Nederlandse rechters eindelijk te begrijpen wat zich daar afspeelt. Het afslachten van burgers, slavenhandel, verminkingen.'

Bij gewone criminele organisaties is het verlenen van hand- en spandiensten ook strafbaar, zegt Ellian. 'Je hoeft niet per se drugs te verhandelen om als deelnemer te worden aangemerkt. Een auto besturen of de politie misleiden is al voldoende.' De Rotterdamse rechtbank past dit gegeven nu ook toe op criminele organisaties met terroristisch oogmerk.