Gebrekkig toezicht, laakbaar gedrag en tijdsdruk - hoe het zo mis kon gaan bij de politie

Veel belastinggeld is verbrast aan exorbitante feesten, overnachtingen met champagneontbijt, maatpakken en snoepreisjes

In de zomer van 2016 werd bekend dat de Centrale Ondernemingsraad (COR) van de net opgerichte Nationale Politie veel belastinggeld heeft verbrast aan exorbitante feesten, overnachtingen met champagneontbijt, maatpakken, snoepreisjes, een extreem luxueuze vergaderlocatie en het inhuren van 'experts' die bevriend waren met COR-voorzitter Frank G. Dit alles in een tijd dat agenten demonstreerden voor een hoger salaris. Voormalig korpschef Bouman lag onder vuur: stond hij de geldsmijterij toe om gunstige COR-adviezen te 'kopen'?

Nee, zegt de commissie-Ruys die het schandaal onderzocht. Daar is geen bewijs voor. Er is wel veel kritiek op de totstandkoming van de Nationale Politie - waarvoor de COR werd opgericht - en het gebrekkige toezicht van Bouman op de COR-voorzitter. Naar G. loopt nu een onderzoek wegens een grootscheepse fraude die het imago van de politie ernstig heeft geschaad. Wat ging er mis?

1. Tijdsdruk

De totstandkoming van de Nationale Politie tussen 2011 en 2013, waarbij 26 korpsen tot één landelijk korps werden samengesmeed, moest te snel. Toenmalig 'blauwe baas' Gerard Bouman moest te veel tegelijkertijd doen. Aandacht voor financieel beheer en controle daarop schoot in deze omvangrijke reorganisatie ernstig tekort, oordeelt de commissie Ruys. Dit is zowel de politiek als politiebestuurders aan te rekenen.

In de nieuwe, landelijke politie, die 1 januari 2013 van kracht ging, was sprake van veranderende verhoudingen. Besluitvorming verschoof van lokale ondernemingsraden naar de nieuwe, Centrale Ondernemingsraad. Omdat toenmalig korpschef Bouman de vakbonden te kritisch vond, deed hij liever zaken met deze nieuwe COR. Dat gaf spanningen en een 'weinig constructieve relatie' tussen de verschillende belangenbehartigers van agenten in de omvangrijke politiereorganisatie. Het ministerie van Justitie wist van meet af aan van deze spanningen en onduidelijkheid over de vraag wie het voor het zeggen had, maar trof geen maatregelen. Dat had volgens de commissie-Ruys wel gemoeten.

2. Gebrekkig toezicht

In de jaren 2013-2016 overschreed de COR jaar na jaar het toegekende budget van meer dan een miljoen euro. In 2014 werd de begroting van de COR niet formeel vastgesteld, en in 2015 diende de COR zelfs helemaal geen begroting in, terwijl de korpsleiding de raad wel geld verstrekte.

Ook verantwoordde de COR zijn uitgaven niet toereikend. Na signalen over geldsmijterij voor exorbitante feesten, snoepreisjes en dure diners werd de raad wel gemaand tot soberheid. Daarover werden afspraken gemaakt, maar die werden niet nagekomen. Dit kon de COR allemaal ongestraft doen: het schenden van afspraken en overschrijding van het budget leidde niet tot consequenties, waardoor de raad onzorgvuldig met publiek geld kon en bleef omspringen. Volgens de commissie-Ruys toonde korpschef Bouman bij het toezicht op de financiën een 'geringe' betrokkenheid. In een interview zei Bouman dat hij 'een handtekeningmachine' was: hij tekende dagelijks 'stapels' documenten zonder deze echt grondig te lezen, en noemde dat een kwestie van vertrouwen.

De door Bouman aangevoerde tijdsdruk en zware werklast is voor die onzorgvuldigheid geen rechtvaardiging, stelt de commissie.

3. Verleende gunsten

Leden van de COR werden ruimer gefaciliteerd dan medezeggenschapsorganen elders bij de politie. Denk daarbij aan laptops, toelages en ruimhartige vrijstellingen van werk. Toenmalig COR-voorzitter Frank G. werd in het bijzonder gunstig gefaciliteerd. Hij kreeg een persoonlijk voorschot, dat later werd vervangen door een politiecreditcard met een hoge bestedingslimiet. In strijd met de regels leverde hij voor uitgaven met deze kaart geen schriftelijke motivatie. Later bleek dat hij de kaart gebruikte voor privézaken.

Opmerkelijk is ook dat oud-COR-voorzitter G. van korpschef Bouman een persoonlijke lening van 4.000 euro kreeg voor zijn hypotheekprobleem. Bouman zei hierover destijds dat hij die lening had gemeld bij de afdeling Veiligheid, Integriteit en Klachten (VIK) bij de politie. De belangrijkste beslissingen had de COR volgens Bouman ten tijde van het verstrekken van die lening al genomen. Desondanks noemt de commissie-Ruys deze lening 'onprofessioneel' en 'ongepast': 'het verstrekken van deze lening leidt tot een afhankelijkheidsrelatie en heeft dus invloed op hun verdere (zakelijke) relatie'. Ook bevorderde Bouman de voorzitter van de COR naar een hogere rang - die tegen de regels indruiste - en kreeg Frank G. van Bouman een salarisverhoging. Deze persoonlijke begunstiging voedde geruchten over omkoping van de COR door de korpsleiding. Harde bewijzen daarvoor zijn echter niet gevonden, stelt de commissie-Ruys.

4. Laakbaar gedrag

Tegen Frank G. loopt inmiddels een disciplinair en een strafrechtelijk onderzoek wegens het verbrassen van belastinggeld voor eigen gewin. Hij kreeg daarbij weinig tegenspraak van zijn mede-COR-leden. Als er kritische vragen kwamen over kwestieuze uitgaven, schermde G. 'veelvuldig en vaak onterecht' met de opmerking dat zijn uitgaven door Bouman werden geaccordeerd. De nieuwe korpschef, Erik Akerboom, heeft tegen Frank G. in oktober vorig jaar aangifte gedaan van oplichting, verduistering en valsheid in geschrifte.

Over het strafrechtelijk onderzoek naar G. zegt justitie nog niets openbaar te kunnen maken. Wel lekte vorige week een brief uit van korpschef Akerboom aan Frank G., met de aanzegging van een voorgenomen strafontslag. Daarin staat, onder een lange lijst aantijgingen, dat G. het imago van de hele politie ernstige schade heeft toegebracht.

5. Politiecultuur

De commissie-Ruys constateert dat bij de politie als geheel aandacht nodig is voor onderlinge omgangsvormen. 'Het duurt lang voordat men elkaar aanspreekt op laakbaar, normoverschrijdend gedrag.' Dergelijke zakelijkheid is volgens de commissie 'zwak ontwikkeld'. Eerder schreef Michiel Princen een boek over de 'verziekte' omgangsvormen bij de politie, waarbij voor kritiek weinig tot geen ruimte bleek te zijn.

Een verzakelijking van de onderlinge relaties en strengere handhaving van interne regels is volgens de commissie-Ruys dan ook noodzakelijk. Dit 'biedt geen garanties, maar verkleint wel de risico's op het financiële vlak'. Ook de opeenvolgende ministers van Veiligheid en Justitie - Ivo Opstelten en Ard van der Steur - kregen signalen van de omstreden uitgaven van de COR, maar 'het verbeteren hiervan had geen prioriteit', aldus de commissie.

Lees hier meer over het onderzoek

Commissie-Ruys: geen bewijs voor bewuste omkoping COR door Gerard Bouman. Wel is het 'onprofessioneel' en 'ongepast' dat Bouman de COR-voorzitter een persoonlijke lening van 4.000 euro verstrekte en hem tegen de regels in bevorderde.

'Frank verwende ons enorm. En Bouman moedigde dat aan.' Veertien betrokkenen over de buitensporige uitgaven bij de politie (+).

Oud-korpschef Bouman zou duizenden euro's hebben uitgeleend aan COR-voorzitter Frank G. Hiermee zouden schulden van G. zijn gedekt.

Oud-korpschef Bouman beschuldigt een lid van de onafhankelijke onderzoekscommissie-Ruys ervan vooringenomen te zijn. 'Ik ben er klaar mee om alleen maar de klappen op te vangen.'