Duizenden belangstellenden en mensen uit de kunsten- en cultuursector demonstreerden in 2011 tegen de bezuinigingen van Halbe Zijlstra.
Duizenden belangstellenden en mensen uit de kunsten- en cultuursector demonstreerden in 2011 tegen de bezuinigingen van Halbe Zijlstra. © ANP

Advies: zo moeten kunstenaars en andere mensen met creatieve beroepen meer gaan verdienen

Kunstenaars en mensen met andere creatieve beroepen moeten meer gaan verdienen, en het afsluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten (cao's) kan daarbij helpen. Het is ook belangrijk te onderzoeken hoe hun vaak slechte aanspraken op sociale zekerheid en pensioen kunnen verbeteren. Hun belangenorganisaties moeten meer samen optrekken en beter overleggen met werkgevers en opdrachtgevers.

Dit zijn enkele adviezen uit de Arbeidsmarktagenda Culturele en Creatieve Sector 2017-2021, die dinsdag werd aangeboden aan de nieuwe minister van Cultuur, de D66'er Ingrid van Engelshoven. Aan de agenda, die tal van adviezen bevat, is meegewerkt door werknemers, werkgevers en zelfstandigen uit de culturele en creatieve sector.

Kleine ravage

De Sociaal-Economische Raad (SER) en de Raad voor Cultuur hadden begin vorig jaar geconcludeerd dat de economische crisis en de bezuinigingen een kleine ravage hebben veroorzaakt in de kunst- en cultuursector. Het kabinet-Rutte I bezuinigde 200 miljoen euro op rijkssubsidies, de provincies 74 miljoen en gemeenten 250 miljoen - tezamen ruim een half miljard euro per jaar.

Daardoor zijn er 20 duizend vaste banen verdwenen en is het aantal zzp'ers flink toegenomen. De kans om werkloos te worden in de kunst- en cultuursector is twee keer zo groot als bij de rest van werkend Nederland. Wie wel werk heeft, verdient gemiddeld 10.000 euro minder dan andere Nederlanders. Beeldende kunstenaars moeten gemiddeld zelfs rondkomen van 14.000 euro per jaar.

Om een goede, gezonde sector te houden moeten we iets doen aan die arbeidsmarktpositie

Minister Van Engelshoven

Tegelijk genereert de sector veel inkomsten, bijvoorbeeld voor steden. 'Maar de waarde die de sector creëert, komt lang niet altijd bij de makers terecht. De sector moet daarom nu in actie komen, waar nodig samen met de overheid', zei SER-voorzitter Mariëtte Hamer destijds. Toenmalig cultuurminister Jet Bussemaker (PvdA) vroeg daarna Kunsten '92, de belangenorganisatie voor de kunst-, cultuur- en erfgoedsector, een agenda op te stellen.

Van Engelshoven, Bussemakers opvolger, maakte maandag in een eerste overleg met de Tweede kamer over cultuur duidelijk dat zij werk wil maken van de agenda, 'want om een goede, gezonde sector te houden moeten we iets doen aan die arbeidsmarktpositie.' Volgens Van Engelshoven moeten er op 'tal van fronten' maatregelen worden genomen.'Ook kunstenaars moeten de mogelijkheid krijgen om via hun werk een salaris te verdienen waarmee zij een goed bestaan kunnen opbouwen.'

Extra geld voor cultuur

De minister zette haar woorden nog geen kracht bij door daar geld voor uit te trekken. Zij kondigde aan in februari volgend jaar met een 'visiebrief' te komen, waarin zij haar beleidsvoornemens concreet maakt. Die bevat ook, zo zegde de minister toe, een reactie op de dinsdag gepresenteerde arbeidsmarktagenda.

Het nieuwe kabinet trekt extra geld uit voor cultuur: 25 miljoen euro in 2018, 50 miljoen in 2019, 80 miljoen in 2020 en 80 miljoen in 2021. Afgelopen vrijdag maakte Van Engelshoven bekend dat van dat extra geld 9 miljoen per jaar naar culturele instellingen gaat. Onder andere muziektheatergezelschap Orkater, danstheater AYA en theatergroep Suburbia krijgen daardoor de komende drie jaar zeker subsidie. Van Engelshoven besteedt daarnaast een miljoen euro aan nieuwe kunstvormen en -genres. Zij hoopt daarmee ander publiek te trekken dan de vaste bezoeker van kunst en cultuur.