Eijk en Rose-Marie de Mol van Otterloo.
Eijk en Rose-Marie de Mol van Otterloo. © Martijn Beekman.

'Deze collectie bevat louter topstukken'

Een privéverzameling van een Amerikaans/ Nederlands echtpaar, met toppers uit de 17de eeuw, wordt tentoongesteld in het Mauritshuis. Hoofdconservator Quentin Buvelot (41) over de schilderijen van het echtpaar Eijk en Rose-Marie de Mol van Otterloo.

Is dit mooiste particuliere verzameling die u kent?
'Het is een verzameling van 17de-eeuwse schilderkunst van uitzonderlijke kwaliteit. Er zitten eigenlijk alleen maar topstukken in. Alles in perfecte staat. Dat zie je zelden.'

Topstuk der topstukken?
'Portret van Aeltje Uylenburgh uit 1632 van Rembrandt. Een heel mooi schilderij waar het echtpaar vijf jaar over heeft gedaan om het aan te kopen en waarvoor het achttien andere werken heeft ingeruild. Dat kenmerkt de doordachtheid van hun verzamel-strategie.'

Platte vraag natuurlijk, maar hoe komen ze aan het geld?
Het echtpaar Eijk en Rose-Marie de Mol van Otterloo is van oorsprong Nederlands/Vlaams. In de jaren zeventig vertrokken ze naar de VS en heeft Eijk in Boston een succesvolle beleggingsmaatschappij opgericht.'

In de jaren zeventig vertrokken ze naar de VS en heeft Eijk in Boston een succesvolle beleggingsmaatschappij opgericht

Waar komt hun verzamelwoede vandaan?
'Het begint altijd met één schilderij. Hun eerste kunstadviseur, Peter Sutton, zei tegen ze: One is a painting, two is a collection. De rest is geschiedenis. Avercamp, Hals, Dou, Wouwerman, Van Mieris, het is heel bijzonder.'

Zijn er veel van dit soort particuliere verzamelaars?
'Van deze kwaliteit niet. Maar er wordt nog wel verzameld. Ook in Nederland. Hoewel ik de indruk heb dat het hier vijftig jaar geleden meer was. Wetzlar, De Geus van den Heuvel, zegt het u wat? Grote particuliere verzamelingen die in de jaren zeventig en tachtig op de veiling zijn gekomen.'

Zonde, hadden ze naar het museum gemoeten?
'Verzamelaars zeggen: wij hebben die schilderijen ook eens kunnen kopen. Als alles in het museum komt, droogt de handel op. Maar de grote vraag van elke verzamelaar is, wat gebeurt er met de collectie na mijn dood? Ook dit echtpaar denkt er over na. Er is nog niets besloten.'

Nederland is pas laat, begin 19de eeuw, de waarde van het eigen cultuurgoed echt gaan inzien

Zou u hun Rembrandt graag zelf hebben?
'Natuurlijk! Maar het Mauritshuis kan niet klagen over de Rembrandts die het wel heeft. Bovendien is het schilderij nu bij ons te zien. De Van Otterloos hebben altijd hun werken ruimhartig in musea getoond in de VS en Nederland. Deze Rembrandt heeft nooit bij hun thuis gehangen. Daarom is het overigens belangrijk dat musea goede relaties onderhouden met verzamelaars. Zodat we de werken af en toe in het echt kunnen zien.'

Klopt het dat er altijd relatief veel Nederlandse 17e-eeuwse kunst in buitenlandse handen is geweest?
'Nederland is pas laat, begin 19de eeuw, de waarde van het eigen cultuurgoed echt gaan inzien. Toen was al veel werk uit de Gouden Eeuw in het buitenland. Met name via het Rijksmuseum en het Mauritshuis is toen een inhaalslag gemaakt. Maar er zijn hiaten in de Nederlandse collectie.'

Welke hiaten?
'We missen een mooie Aelbert Cuyp. Dat zit allemaal in Engelse landhuizen en bij Amerikaanse en Engelse musea. Orpheus betovert de dieren, uit 1640, is een verrassende vroege Cuyp uit de collectie van de Van Otterloos.

Verzamelen Amerikanen beter dan Nederlanders?
'Nee. Er is wel wat meer gevoel voor filantropie, omdat de overheid afwezig is in de kunstwereld. Maar zo gretig als nu wordt gekeken naar de particuliere ondersteuning van kunst in de VS, omdat er bij ons op kunst wordt bezuinigd, vind ik gevaarlijk. Musea daar zijn echt zeer afhankelijk. Door de economische crisis zijn er musea die een vleugel moesten sluiten.'