Geldvraag

Waarom rekent de Belastingdienst 4 procent rente bij een late aangifte?

De kantoren van de Belastingdienst zijn ook open voor mensen die hulp nodig hebben bij hun aangifte.  Beeld ANP
De kantoren van de Belastingdienst zijn ook open voor mensen die hulp nodig hebben bij hun aangifte.Beeld ANP

U heeft dit jaar aangifte gedaan over 2019. Dat was veel te laat, want u had die aangifte vorig jaar al moeten doen. Bij het opleggen van de aanslag brengt de Belastingdienst 4 procent rente in rekening. Dat wordt gerekend vanaf 1 juli na het belastingjaar, in uw geval dus vanaf 1 juli 2020. U betaalt 500 euro aan rente. Waarom zoveel, vraagt u boos. Op een spaarrekening krijgt u slechts 0,01 procent rente.

Ik begrijp uw teleurstelling, want 500 euro is veel geld. Ik begrijp ook dat de Belastingdienst een vergoeding wil als een belastingplichtige te laat aangifte doet. Iedereen hoort zijn rekeningen op tijd te betalen. Wie dat laat versloffen, zadelt een ander op met een probleem. De wet geeft gedupeerden de mogelijkheid om in dit soort situaties rente te vragen. Dat noemen we wettelijke rente en die bedraagt 2 procent per jaar.

Dat verklaart iets, maar niet waarom de Belastingdienst maar liefst 4 procent rente rekent. De Tweede Kamer heeft vastgesteld dat de belastingrente vanaf 2014 gelijk is aan de wettelijke rente die destijds 3 procent was. Om te voorkomen dat hierdoor een gat op de begroting ontstond, is in één moeite door bepaald dat de belastingrente altijd minimaal 4 procent per jaar is. Daar is nooit meer iemand op teruggekomen, ook niet toen later de wettelijke rente verder daalde.

0,01 procent

Wie te laat is met het aflossen van belastingschulden en het terugbetalen van toeslagen, betaalt tijdelijk maar 0,01 procent rente.

Voor de duidelijkheid: de Belastingdienst heeft nog andere machtsmiddelen dan de wettelijke rente. Wie belasting ontduikt, kan een boete krijgen oplopend tot 100 procent van de te betalen belasting. De fiscus heeft zelfs de bevoegdheid om het geld gewoon van uw rekening af te halen.

In het coronatijdperk heeft de Belastingdienst wel stappen gezet om belastingplichtigen te helpen. Dat gebeurde door ondernemers uitstel van belastingen te geven en de rente op belastingschulden te verlagen. Vroeger lag deze invorderingsrente net als de belastingrente op 4 procent per jaar.

Inmiddels is de rente voor belastingschulden verlaagd naar 0,01 procent per jaar, tot eind 2021. Hiermee worden vooral ondernemers geholpen die door corona te weinig inkomsten hebben om belasting te betalen. Ook burgers die toeslagen moeten terugbetalen, profiteren van de lagere invorderingsrente. Vanaf volgend jaar gaat deze rente in stapjes omhoog naar 2 procent, om daarna geleidelijk te stijgen naar 4 procent in 2024.

De belastingrente was vorig jaar ook tijdelijk verlaagd naar 0,01 procent op jaarbasis, maar aan die versoepeling kwam al in oktober 2020 een eind. De boodschap is duidelijk: we mogen niet verslappen en moeten tijdig en op een correcte manier aangifte blijven doen. En daar hoort een stevige rente bij, om de discipline én de rijksbegroting op peil te houden.

Dat krijgt u van zo’n waarom-vraag, hoe terecht die ook is. Daar valt niet altijd een bevredigende verklaring voor te geven. Soms is ‘daarom’ de enige reden.

Reinout van der Heijden is hoofdredacteur van de Geldgids

Zelf een vraag? Geldvraag@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden