Onze gids dit weekeinde

Rouw kent vele gezichten, weet Joost Prinsen. Gelukkig is daar Mevrouw N.

null Beeld Daniel Cohen
Beeld Daniel Cohen

In Na Emma beschrijft Joost Prinsen (79) zijn eerste jaar na de dood van zijn vrouw. Een jaar van verdriet, maar ook van hernieuwde seksuele verlangens. En nu is daar ook nog een nieuwe liefde.

Er kwamen gek genoeg geen tranen toen de chirurg tegen zijn vrouw Emma zei: ‘Mevrouw, als we nu niet opereren, dan bent u over twee dagen dood’, en zij stellig antwoordde: ‘Er wordt niet geopereerd.’

Ook niet toen hij haar hand vasthield terwijl zij haar laatste minuten leefde, en hij in een reflex met zijn andere hand die van de verpleegkundige greep, als houvast. Zelfs niet op de dag van de crematie, 14 februari vorig jaar, van de vrouw met wie hij 46 jaar samen was.

Het gebeurde vier maanden later. Hij had net hun huis in België verkocht en uit de inboedel enkel een tafeltje en een kleed meegenomen naar zijn huis in Halfweg. Na maanden manisch te hebben getikt – columns, een boek – zat hij ineens stil. En keek naar de spullen.

‘Ineens stortte ik echt in. Ik kon niet meer stoppen met huilen’, vertelt Prinsen terwijl hij naar het kleed wijst. Het tafeltje heeft hij inmiddels weggedaan. ‘Je hebt ook geen tafeltje of kleed mee naar huis genomen’, zei zijn oudste dochter, Ireen. ‘Je hebt mama mee naar huis genomen.’

Pas toen begon de rouw. Hij besefte: ik moet hulp zoeken, want ik ga dit niet redden. ‘Ik ging echt zowat onderuit.’

Vanaf dat moment kwam eens in de week op donderdagochtend van 11 tot 12 een vrouw langs voor rouwbegeleiding, Ellen. Later deed hij ook nog mee aan een groepssessie met lotgenoten. Maar dat was vooral hilarisch. ‘Bij die vrouwen had ik het gevoel dat ze heel blij waren dat hun man was overleden. Nee, stofzuigen, daar begin ik niet meer aan hoor. Ze zagen meer voordelen dan nadelen.’

null Beeld Daniel Cohen
Beeld Daniel Cohen

Rouw zorgt niet alleen voor verdriet, maar ook voor appeltjes die nog geschild moeten, bleek later. Hij had samen met zijn twee dochters net de as van Emma uitgestrooid in een meer bij Paterswolde, in Groningen. Hij had er als een berg tegenop gezien, maar het moment was liefdevol en ontroerend. ‘Alleen volgde tijdens het diner erna ineens een hogeschoolcollege in de serie ‘Geef je ouders maar de schuld’. Emma, vertelde mijn dochter Ireen, zou haar tijdens een aanvaring eens verschrikkelijke verwijten hebben gemaakt, dat zat haar nog altijd enorm dwars. Het werd geen leuke avond. Ik vond dat Emma al die beschuldigingen niet verdiende, Ireen was in die tijd ook niet bepaald makkelijk. Maar ja, je voelt je als ouder zoals je ongelukkigste kind zich voelt, uiteindelijk hebben we het gelukkig uitgesproken. Ik wist natuurlijk ook wel dat Emma soms een secreet kon zijn, tegelijkertijd kuste ik de grond waarop ze liep. Heel merkwaardig gaat dat samen. Emma was letterlijk en figuurlijk larger than life. Zet voor alles het woord ‘te’ en je hebt mijn vrouw ten voeten uit. Te zwaar, te groot, te zwart/wit, te alles te. En stiekem vond ik dat onwaarschijnlijk aantrekkelijk.’

Ellen was in ieder geval heel tevreden met hoe haar pupil met de appelschillen was omgegaan. ‘De familie is goed bezig de scherven weer op te rapen’, complimenteerde ze.

Tja, rouw is een vreemd iets. ‘Hij doet zich in meerdere gedaanten aan me voor, alsof hij er aardigheid in heeft zich te vermommen, en heeft de gewoonte om op de meest onverwachte momenten op te dagen’, vertelt Prinsen. ‘Net, in het begin van ons gesprek, vroeg jij iets over Emma wat me ineens even emotioneerde, dat was een onverwacht en wankel moment. Maar bij alles wat aangekondigd is, zoals de crematie, de as uitstrooien, haar eerste verjaardag na haar dood, heb ik geen traan gelaten.’

Motto: het leven is te kort om slechte wijn te drinken

Hij vertelt het allemaal terwijl hij een lunch voorbereidt. Met gebakken garnalen (‘kom op jullie, omdraaien, hup, hoppa’), en een fles sancerre. ‘Want, onthoud mijn favoriete motto: het leven is te kort om slechte wijn te drinken!’ Het heeft hem wel verbaasd dat hij zichzelf na Emma’s dood zo goed overeind wist te houden wat betreft jezelf verzorgen en het huishouden doen. ‘De keuken is geen dag vies geweest.’

Dat vond Emma ook belangrijk. ‘In de laatste vier dagen dat ze nog leefde, ging het vooral over huis-tuin-en-keukendingen. ‘Je moet de planten eens in de drie dagen water geven en niet te veel’, zei ze bijvoorbeeld. ‘Alles wat diepgaand was, wuifde ze weg’, vertelt Prinsen terwijl hij uitserveert. ‘Ik heb geloof ik nog wel een keer iets gezegd als: je weet toch dat je de vrouw van mijn leven bent?’ ‘Jahaa, laat maar zitten hoor’, reageerde ze. Dat vond ik ook wel weer goed van haar. Ook toen ik zei: ‘Zal ik nog een mooi gedicht voor je voordragen tijdens de crematie?’, was haar reactie ‘Laat zitten.’ Haha, die ongelooflijk snelle geestigheid van haar, ze was onwaarschijnlijk ad rem.’

Schilder: David Hockney

David Hockney in 1967. Beeld Getty Images
David Hockney in 1967.Beeld Getty Images

‘Ik ben door de rouw geen andere schilderijen, gedichten, boeken of liedjes gaan waarderen. Wat ik mooi vind, vond ik altijd al mooi. Maar dat ik de schilderijen van David Hockney zo fraai vind, heeft wel met Emma te maken. Wij waren het over veel dingen niet eens, maar over Hockney toevallig wel. Garrowby Hill was voor ons allebei het favoriete schilderij van hem. Het is geïnspireerd op het Engelse landschap. Naarmate ik ouder word, interesseer ik me steeds minder voor realistische kunst. Veel meer kan ik er niet over zeggen. Ik heb wel gemerkt dat jij bij alles graag het waaróm wil weten, Huigslootje, maar van veel dingen is het waarom niet te geven, omdat het gewoon zo ís. Met kunst duiden in de zin van: ‘Waarom vind je het mooi?’, heb ik zo weinig. Dat kun je ook vragen: waarom wil je nu met mevrouw N. zijn (zo noemt hij Noraly Beyer in zijn boek, red.), en niet met mevrouw B. of met mevrouw K.? Dat is ook lastig onder woorden te brengen.’

Lied: Mooi van Maarten van Roozendaal

null Beeld ANP
Beeld ANP

‘Kom, dit nummer wil ik je laten zien, schuif je stoel bij’, beveelt Prinsen enthousiast terwijl hij YouTube aan zijn bureau opent. Niet veel later zingt Maarten van Roozendaal door de kamer. Nu ik mezelf aftel/Van volwassen naar bejaard/Wordt het groener dan het groen was/Nu ik grijzer dan ik grijs ben/Ik ben Goddank/Dus nog een keer/Een jonge lente waard/Mooi!/Het is om te janken zo mooi.

‘Ik hou zo van dit nummer. Het aparte is dat Maarten van Roozendaal eigenlijk geen zwakke nummers heeft, maar dit vind ik misschien wel het mooiste. Het heeft ook een beetje met larger than life te maken.’

Doet de tekst ‘Ik ben Goddank, dus nog een keer, een jonge lente waard’ hem misschien ook een beetje aan zijn nieuwe liefde denken? ‘Ja, een nieuwe lente, een nieuwe dame.’ Ja, dat was ook zoiets raars aan de rouw. Voor het eerst in vijftig jaar was hij ineens weer een vrije jongen. En dat bracht een belangstelling voor seks bij hem boven van het soort dat hij ontwend was. ‘Het wordt tijd voor een date, pap’, zei zijn jongste dochter Fleur in juni toen ze genoeg had van zijn zelfbeklag. Maar voor haar vader was dat nog te vroeg, hij was er gewoon nog niet aan toe.

Vriendin: Mevrouw N.

Hij moest ineens denken aan Noraly Beyer. In een ver verleden had hij kort met haar gewerkt en vond haar toen ontzettend leuk. Ze was van zijn leeftijd. Via via kreeg hij haar contactgegevens, en waagde de sprong: hij nodigde haar uit voor een kopje koffie. Het klikte, maar de sprong werd een huppeltje doordat hij corona kreeg en hij een tijdlang niet kon afspreken. ‘Lieve prins, ik stuur je een bosi en een brasa om verder te genezen’, schreef de vroegere nieuwslezeres hem. Eenmaal koortsvrij en genezen verklaard, nodigde hij haar uit voor een lunch bij hem thuis. ‘Daar hebben we toen aan de keukentafel een beetje onhandig zitten zoenen als kinderen van 16 in een portiek.’ Daarna inviteerde hij haar voor het avondeten, met het verzoek haar tandenborstel mee te brengen. ‘Die was rood.’

Goede raad: Stop met je schuldig voelen

Een nieuwe lente. Met sporen van de herfst. ‘In het begin had ik best veel last van schuldgevoel. Zoals Kitty Courbois zei: schuldgevoelens zijn op de hoek van iedere straat gratis te krijgen. Frank Lammers, die dol was op Emma, zei tegen me: ‘Ja Joost, Emma zou vast gewild hebben dat je voor de rest van je leven gaat zitten griepen in de hoek van je bank.’ Die opmerking hielp me wel een beetje over de schuldgevoelensbrug heen.’

Dat hij ineens weer seks heeft, is ook wel een cadeau. ‘Eigenlijk wel, hè. Eigenlijk wel. Het was niet het eerste waaraan ik dacht toen Emma overleed, en ook niet het tweede, maar wel het derde. Het is een heel wrang voorbeeld van dat elk nadeel zijn voordeel heeft. Het gevoel van vrije jongen zijn, dat je in vijftig jaar niet hebt gehad, komt ineens terug in je leven, en je herkent het nog van heel lang geleden. Dat is merkwaardig, hoor.’

De latrelatie gaat met vallen en opstaan. De prins wil misschien wel samenwonen, de prinses is al dertig jaar alleenwonend en trappelt minder hard. En soms is daar ook nog het verdriet om Emma. ‘Ik heb in de armen van Noraly liggen huilen om Emma, dat is weird hoor, dat kan ik je wel vertellen. Dat is echt heel weird. Es gibt zwei Seelen in einem Körper. Ik heb twee zielen in mijn borst.’

Gedicht: Vrouweportret, van Cola Debrot

Cola Debrot in 1963. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Cola Debrot in 1963.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

‘Ach ja, alle gevoelens zijn altijd zo dubbel, hetzelfde in dit gedicht dat ik prachtig vind. Ik heb het onlangs voor het eerst gelezen toen ik moest helpen bij het samenstellen van een bundel voor Caribische literatuur. Cola Debrot was arts en jurist, maar hij is ook een dichter. Je kunt van alles invullen bij dat gedicht. Een oude vrijster die niet veel seksuele belevenissen heeft meegemaakt staat bijvoorbeeld bij een raam en voelt ineens iets. Wat was het? Het heeft iets heel dramatisch, terwijl het helemaal geen dramatisch gedicht is. Debrot heeft drama in heel beheerste bewoordingen gevangen, en dat bewonder ik erg.’

Film: Lacombe, Lucien, onder regie van Louis Malle

null Beeld Alamy Stock Photo
Beeld Alamy Stock Photo

Ook bij film hou ik van dat dubbele, het tragikomische, het klein vertellen van iets groots. Deze film gaat over een jongen van 15 die niet zo slim is. Hij woont in een Frans provinciestadje. Het speelt zich af in de Tweede Wereldoorlog, hij wil bij het verzet, maar ze willen hem niet. Een beetje treurig loopt hij naar huis, en komt onderweg langs een terras waar de Franse NSB een feestavond heeft. Een man komt op hem af: hé jongen, wat kijk je treurig, ah neem een biertje man, kom op, gezellig, en overnight is hij een NSB’er geworden, en gedraagt zich ook zo. Van toeten noch blazen wetende gaat hij echt gruwelijk tekeer tegen een Joodse kleermaker. Ik vond het een indrukwekkende film. Ik geloof er onvoorwaardelijk in dat je een kind binnen een kwartier voor een kar kunt spannen. Kom, we drinken nog een slokje.’

Boek: Vallende ouders, A.F.Th. van der Heijden

null Beeld

‘Na rijp beraad kies ik voor Vallende Ouders van A.F.Th. van der Heijden, ik vind het een absoluut meesterwerk. Als Van der Heijden op zijn best is, vind ik hem beter dan Mulisch of Hermans. De hele compositie ervan is schitterend, ik heb het gewoon met ongelooflijk veel plezier gelezen. Laat dat verdomme ook eens een keer voldoende zijn als reden waarom het me aanspreekt!’

YouTube 1: Who Sang The ‘Nessun Dorma’ Climax The Best?

‘Een van mijn favoriete YouTubefilmpjes is een compilatie van allerlei operazangers die de uithaal ‘Vincero!’ uit Nessun Dorma zingen, de laatste door Puccini gecomponeerde aria uit zijn laatste opera Turandot.’ Zingt uit volle borst: ‘Vincerooooo Vinceroooohoohoohooo, en dat dan van twintig tenoren achter elkaar, prachtig!’

YouTube 2: Wielrennen

‘Maar wat ik het vaakst gedraaid heb op YouTube is Alessandro Ballan, die in 2008 het Wereldkampioenschap wielrennen won. Dat gaat zo verschrikkelijk hard, maar ook op het commentaar erbij ben ik verliefd.’ Imiteert in volle overgave: ‘Grande Ballane! Alessandro. Vaya de Sandro, Vaya de Sandro!’ Het was een schitterende demarrage waarmee hij wereldkampioen werd, daar word ik in een klap vrolijk van.’

Klok: Schwarzwalder

‘Mijn favoriete voorwerp in huis is dat klokje daar aan de muur, een Schwarzwalder. Je hoort hem nu alleen niet slaan. De werkster heeft een stoel tegen de ketting aan gezet, en nu moet ik hem eerst weer helemaal inregelen. Ik heb hem na Emma’s overlijden gekocht, van een man in Italië, een antieke klokkenman. Hij had wel veertig Schwarzwalder klokjes in een kleine ruimte. Dit was veruit het kleinste, maar maakte een enorm kabaal, dat sprak me weer enorm aan: klein, maar larger than life. Iedere dag wind ik het op, en verzorg ik het goed, ik heb er ontzettend plezier van. Noraly noemt het mijn derde kind.’

Zelf is hij niet larger than life. ‘Daarom heb ik er ook zo’n bewondering voor. Ik ben een burgerman. Gerard Joling trad eens op met veren in zijn reet, daar heb ik een heimelijke bewondering voor. Ik zou dat nooit doen.’

‘Kom.’ Hij staat op, en haalt de fles Sancerre. ‘We nemen nog een glaasje.’ Tijdens het pakken van de wijn hoeft hij niet echt te bukken, zijn rug staat altijd al op bukken. Hoe het komt dat hij zo krom staat? Hahaha! Een harde lach buldert door de keuken. Tja, verkeerde houding, en daarvoor betaalt hij nu de prijs. ‘Ik kan het wel, hoor’, zegt hij in een poging recht te staan. ‘Noraly vindt het ook mooi als ik recht sta. Emma ook. Jij ook. Alle dames eigenlijk. Jenny Arean zei me eens: ‘Je ziet er niet uit en je loopt krom, maar als je je mond opendoet ben je een hele grote.’

Ach ja, dat ouder worden ook. Hij heeft een stent in zijn kransslagader, zijn oren zijn geopereerd, hij heeft een carotis-operatie gehad vanwege een vernauwing in de halsslagader, er is een tumor uit zijn blaas verwijderd, en hij draagt twee gehoorapparaten. ‘Ik hang van touwtjes aan elkaar. Maar je kunt een hele tijd van touwtjes aan elkaar hangen, hoor. En Noraly vindt mij wel een leuk jong. Wat geen wonder is, Slootje, want ik ben een leuke jongen!’

CV Joost Prinsen

9 juni 1942 Geboren in Vught.

1965 - 1969Toneelschool.

1969Begint zijn carrière bij Wim Sonneveld in de musical De Kleine Parade. Debuteert datzelfde jaar op tv, in Hadimassa.

1972Breekt door als Erik Engerd in De Stratemakeropzeeshow.

Speelt daarna in ongeveer tachtig toneelproducties.

Bedenkt en presenteert Met het mes op tafel. En is ruim dertig jaar docent aan de Academie voor Kleinkunst.

Schreef daarnaast meerdere boeken zoals Mijn vrouw pikt zeepjes, en nu Na Emma, dat deze week verschijnt bij uitgeverij Nijgh & Van Ditmar.

Verbetering: In een eerdere versie van dit artikel werd een foto van Maarten van Roozendaal toegeschreven aan Patrick Van Hanenberg. Dat klopt niet. Jaap Reedijk is de fotograaf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden