Klootschieter ben je voor het leven

Wat kaatsen is voor Friesland, is klootschieten voor Twente. Voor de Tukkers maakt klootschieten deel uit van de Twentse cultuur en folklore....

Rob Kramp

‘Vroeger’, zegt Jos Leussink, ‘vroeger nam ik mijn kloten altijd mee naar bed. Het was een soort bijgeloof. Als ze warm waren, dacht ik er meer topspin aan te kunnen geven. Dus legde ik ze trouw elke avond onder mijn kussen. En ik was echt niet de enige die er zo over dacht en ze mee naar bed nam.’

Leussink (46) is zaterdag in Reutum bij de eerste (van drie) serie wedstrijden op de Grolsch Champions Tour coach van zijn dochters, een drieling van 13, en zijn zoon van 15.

‘Klootschieten beheerste vroeger mijn leven. Ik was de oudste van zeven kinderen op een boerderij. Minstens vier keer in de week speelden wij met onze ouders en alle kinderen een onderlinge wedstrijd. In de weekeinden schoten de families uit het buurtschap tegen elkaar, dan stond het prestige van ons gezin op het spel. Bloedfanatiek waren we, op het linke af.

‘In alle dorpen, gehuchten en buurtschappen in Twente werd aan klootschieten gedaan.’ Hij werd, net als zijn broer, Europees kampioen en meervoudig Nederlands kampioen.

Van origine is klootschieten een middeleeuws volksspel. Kloot is het Oudhollandse woord voor bal of kogel, schieten betekende in die tijd ‘met zekere kracht verplaatsen’. Het is een oersimpel spel waarin het erom draait wie zijn kloten het verste weg kan gooien.

De kloot is gemaakt van massief beukenhout, op drie plaatsen doorboord en gevuld met lood. Hij heeft een diameter van 65 mm en weegt 300 gram.

Op ‘s lands oudste grasbaan in Reutum, een gehucht tussen Tubbergen en Ootmarsum, ligt een glooiend parcours van 600 meter. Winnaar wordt de schieter die de afstand met het minste aantal schoten (lees: worpen) kan overbruggen. Bijeen gelijk aantal schoten beslist het aantal meters na de finish.

Oorspronkelijk werd er alleen onderhands geschoten. Met de opkomst van andere technieken, zoals de slingerworp, ontstond er een scheuring in de microwereld van het klootschieten. De traditionalisten scheidden zich af en richtten een eigen bond (Nederlands’n Kloatscheet Bond) op, de progressieven verzamelden zich in de Nederlandse Klootschieters Bond.

Decennialang keken de rivalen elkaar niet aan en maakten ze de ander uit voor verrader. In Reutum is zaterdag sprake van een historische doorbraak. Voor het eerst in dertig jaar komen leden van beide bonden weer tegen elkaar uit.

Samen tellen de bonden zo’n 4500 leden. ‘Dat is de harde kern, de verslaafden aan de sport’, zegt voorzitter Timmerhuis van de klootschieters. ‘Daarnaast kent klootschieten veel recreanten, voornamelijk in Oost-Nederland. Wij schatten dat aantal op zo’n 15 duizend. Mensen die geregeld aan klootschieten doen maar geen lid zijn van een bond.’

Het merendeel is actief op het populairste onderdeel, straat. Daarbij leggen de deelnemers een stratenparcours van tussen de vier en twaalf kilometer al schietend af. Naast straat zijn er nog twee onderdelen: veld (op gras- en/of zandbanen) en zetten (een soort onderhands discuswerpen).

Aan de voet van de Kuiperberg bij Reutum lopen zaterdagmorgen alleen de verslaafden (20 mannen, 14 vrouwen en junioren) met hun coaches rond. ‘Klootschieter ben je voor je leven’, zegt Richard Blankenvoort, met 44 jaar de oudste deelnemer. Hij maakt op de grasbaan zijn rentree na een jaar afwezigheid.

‘Ik miste de beleving bij de jongere generatie en begon me te ergeren. Daarom ben ik eruit gestapt en gaan trainen voor de marathon.’

Bondscoach Boschmann slaagde erin de oude tijger uit Vasse (bij Tubbergen) te bewegen de kloot weer ter hand te nemen. ‘Heerlijk om weer terug te zijn’, zegt hij. ‘Een kick, de adrenaline begint vanzelf weer te stromen.’

Hij wordt als vanouds begeleid door zijn oom Toon, 87 jaar jong. ‘Zelf was ik niet zo’n goede klootschieter’, meldt de krasse baas in onvervalst Tukkers dialect. ‘Daarom ben ik de coach van Richard geworden. We zijn al ruim dertig jaar onafscheidelijk.

‘Ik verken het parcours, let op de oneffenheden in de baan, geef de richting aan en zeg waar hij de kloot het beste kan laten stuiteren.’

Bij zijn eerste wedstrijd in veertien maanden eindigt Blankenvoort als derde achter zijn Mandelse clubgenoten Meijer en Oude Luttikhuis. Bij de vrouwen gaat de dagoverwinning naar Annemarie Leusman, ook van Mandel.

Tegen die tijd is Jos Leussink met zijn kinderen al naar huis. Zijn dochters zijn de nummers een, twee en drie van Nederland in hun leeftijdscategorie, zijn zoon staat aan de top bij jongens. Toch missen ze de hartstocht van hun vader.

‘Ze vinden klootschieten allemachtig mooi’, weet Leussink, ‘maar de passie waarmee wij vroeger schoten, hebben ze niet. Mijn vader liep vroeger met zijn makkers met een kloot naar school, legde de hele weg schietend af. Er was niets anders.

‘Mijn kinderen hebben nu veel meer keuzemogelijkheden. Nog een paar jaar en ze gaan naar de discotheek. Ik ben razend benieuwd of ze dan nog blijven klootschieten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden