In het voet spoor van DiCaprio

Veel rugzaktoeristen in Thailand hebben The Beach in hun bagage, de bestseller van Alex Garland over een geheime commune op een paradijselijk eilandje....

Door speelfilms is in Thailand menig locatie uitgegroeid tot een toeristische trekpleister. The Beach, naar de bestseller van Alex Garland, zal zeker ook zijn sporen nalaten. Tijdens internationale vluchten naar Bangkok en in de Thaise restaurantjes met video wordt de reiziger er vaak op getrakteerd. Het zal de jeugdige rugzaktoerist weinig moeite kosten zich te identificeren met de avontuurlijke Richard in de film The Beach, vertolkt door Leonardo DiCaprio. Zoals voor duizenden westerse reizigers begint Richards avontuur in Bangkoks Khao San Road, een kosmopolitisch straatje vol goedkope guesthouses, en 'een decompressiekamer voor wie Thailand verlaat of binnenkomt'. In de film zijn maar een paar shots van het straatje, maar zelfs die hebben al tot de respectabiliteit van Khao San bijgedragen. Thai zagen het vooral als een getto voor hippies en drugsgebruikers, maar dankzij de populariteit van The Beach gaat men dat nu positief benaderen. En voor de rugzaktoerist is Khao San opnieuw cool.

In de film zien we Leonardo er een glaasje cobrabloed achterover slaan, aangestaard door schurkachtig ogende Thai. In werkelijkheid wordt er weinig heldhaftigheid vereist en is de sfeer gezapiger. Nergens hangt de geur van een joint. Westerse stelletjes staren vanachter een glas bier naar een videoscherm - al of niet geflankeerd door een rij computerschermen waarop men het contact met het moederland onderhoudt. Bij de tumultueuze kraampjes met goedkope cd's dreunt westerse muziek. Garland: 'Moving through the music zones, picking up the walking pace for one beat, slowing it for another. Creedence Clearwater...A techno beat pumped out of fuzzy speakers, then Jimi Hendrix.' Het hoofddoel is echter te zorgen de metropool weer spoedig te verlaten. De reisbureautjes adverteren daarvoor steeds maar weer met dezelfde bestemmingen, overwegend stranden en eilanden: Phuket, Krabi, Ko Lanta, Ko Phi Phi Le, Ko Samui, Ko Pha Ngan, Ko Tao, Ko Chang, Ko Samet, Ko Zus en Ko Zo. Of, zoals Richard mompelt: 'Always the same bullshit!'

Door de voorzienigheid belandt Richard wel op een uiterst alternatief en 'ontoeristisch' plekje: Eden. Die voorzienigheid is zijn buurman in het guesthouse, de flink psychotische Schot Mr. Duck. Middenin de nacht reikt hij Richard een joint aan door het muskietengaas en betoogt verward over een paradijselijk strand. Een kaart met de ligging van 'The Beach' is de volgende ochtend op Richards deur geprikt. Mr. Duck zelf ligt met doorgesneden polsen dood in zijn kamer.

Richard weet twee Fransen te bewegen met hem op zoek te gaan naar dat paradijsje van de zelfmoordenaar. Al gauw zitten ze in de nachttrein naar het zuiden, vreemd genoeg zeer luxueus eerste klas. Ik reis met ze mee, tweede klas zonder sleeper. In de trein is geen rugzaktoerist te bekennen - het is laagseizoen en ik heb mijn kaartje gewoon gekocht op het station. Bij het vallen van de avond trekken grillige kalksteenformaties aan de horizon voorbij, uitlopers van dezelfde bergketen die in het zuiden onder invloed van erosie door zee zo'n unieke verzameling weerbarstig uit het water priemende eilandjes vormen. Een onwaarschijnlijke plek voor een zwaar bewaakte wietplantage, maar vervangen we de marihuana door de kostbare zwaluwnestjes dan is de setting een stuk realistischer. Waar zwaluwnestjes worden geoogst, is geweld schering en inslag en pottenkijkers zijn er niet welkom. Enkele jaren geleden spoelden op een populair strand bij Krabi nog zeven met kogels doorzeefde lijken aan van rovers die het op de vogelnestjes hadden gemunt.

Ik tuur tot diep in de nacht naar de duizenden lampjes van de garnalenvijvers die als vuurvliegjes voorbijflitsen. Richard staart naar het rode lampje naast de leeslamp en waant zich in een ruimteschip: 'Space ships aren't space ships without little red bulbs. Everything else - the clever compartments, the rushing noise of the train's engine/warp drive, the sense of adventure - was a happy complement.' De jongen heeft fantasie.

Als ik 's ochtends in Surat Thani slaapdronken de trein uitstap, staan er Thaise gidsen in hagelwitte overhemden klaar om me in een gereedstaande bus te loodsen. De bus wacht nog twee andere treinen af voordat ze naar de pier vertrekt. Ondertussen schakelt het bushulpje dat Engels leert mijn hulp in. Hij wil weten hoe kancha (wiet), ya ba (speed) en nog wat drugs in het Engels heten en heeft kennelijk een handeltje op het oog.

Terwijl de expresboot de Golf van Thailand opvaart, leuren de Thaise gidsen met boekwerkjes met geplastificeerde foto's van strandhuisjes op Ko Samui - inclusief kiekjes van bed en toilet. Ik doe alsof ik slaap. Richard ligt op het voordek te dutten. Aan bakboord doemt de Ang Thong archipel met het paradijsje op: 'A cluster of blue-green shapes was just visible in the distance... I was more interested in finding a soft spot on my backpack to use as a pillow.' Vanuit Ko Samui is de archipel op een dagtocht met een plezierbootje te bereiken. Je kunt er zonnen op een bountystrandje, snorkelen boven kristalhelder koraal (ik zag er tien jaar geleden mijn eerste koraalduivel) en krijgt de gelegenheid een met jungle overwoekerde heuvel te beklimmen - met vanaf de top een subliem uitzicht over de archipel. Een smaragdkleurig binnenzeetje, omgeven door rotswanden, staat meestal ook op het programma.

Overnachten is op één eilandje mogelijk, maar faciliteiten ontbreken. Wie na zo'n dagtour terugkeert op het toeristische, 'verpeste' Ko Samui zal even met een katerig gevoel blijven zitten - een geschikte voedingsbodem voor de schepping van The Beach.

Op Ko Samui laten onze helden zich naar het drukke Chaweng-strand afvoeren. Ik vaar verder naar Ko Pha Ngan, het nieuwe mekka toen eind jaren tachtig het massatoerisme op Ko Samui gestadig was opgerukt. Een meute schreeuwende pick up-bestuurders wacht me op. Ik kies bestemming Hat Rin. We slingeren en hobbelen een kwartier over met kokospalmen beplante heuvels. Bij Hat Rin neem ik mijn intrek in de eerste de beste strandbungalow, minder kieskeurig dan onze helden op Ko Samui: 'Backpacker protocol demanded we check out the competition. After an hour of slogging across the hot sand, we returned to the huts we'd first seen.'

Hat Rin is nog steeds stevig in handen van de rugzaktoerist. Vanwege de maandelijkse Full Moon Parties, orgies van dansen, seks en drugs, beschrijft een reisgids het als 'Apocalypse Now, maar dan zonder de oorlog'. In het hoogseizoen trekt zo'n party duizenden bezoekers en is er een levendige handel in xtc en cake, omelet en shakes met magic mushroom. In de film krijgen we het kort te zien.

Ook zonder party schalt 's avonds beat en spirituele muziek over het met honderden olielampjes verlichte strand: BOEM, BOEM, BOEM, DZINGE-DZINGE-DZING. In The Beach is Hat Rin de lifeline van de commune. Als na maanden paradijselijk isolement blijkt dat de rijstvoorraad is beschimmeld moet er weer een missie worden uitgezonden. Richard is uitverkoren om er met een ander lid van de commune de boodschappen te doen. De drukke sfeer vinden ze walgelijker dan ooit. Tegelijkertijd ontdekken ze dat hun paradijsje bedreigt wordt door een invasie van een groepje jongeren die in het bezit zijn van een kopie van Mr. Ducks kaart. Dat Leonardo met Sal onder het muskietennet verdwijnt, is een toegift van Hollywood.

Ik slenter langs de cybercafés en videorestaurantjes achter het strand. Waar The Beach draait zijg ik neer. De interne orde van de commune gaat net te gronde als twee Zweden tijdens het vissen zwaar gewond raken door een haai. Sten sterft en de kreperende Christo knaagt aan ieders geweten: maar ze brengen hem niet naar een ziekenhuis, want daarmee wordt automatisch de geheime status van hun paradijsje prijsgegeven.

Die haaien lijken vergezocht. Ik heb nooit gehoord dat er in Thais kustwater zwemmers door een haai zijn aangevallen. Toch is een soortgelijke calamiteit niet ondenkbaar: onlangs bloedde een toerist dood die snorkelend bij Ko Samui door een grote vis was gebeten.

Achter me wordt Nederlands gepraat: Jacqueline en Govert uit Breda, samen voor het eerst in Thailand. Ze hadden The Beach al in het vliegtuig gezien. Leuke film, maar voor hun hoeft zo'n commune niet.

Jacqueline: 'Het contact met de lokale bevolking maakt het reizen juist zo boeiend. En daarvan is die commune in The Beach helemaal verstoken. Paradijselijke strandjes zijn er genoeg, ook zonder moeilijke toeren te bereiken. Wat dat betreft voldoet Thailand helemaal aan onze verwachtingen: minstens zo mooi als de foto's in de reisfolders.'

Ze verraden me een van hun paradijsjes: Hat Tian. De volgende dag ga ik op pad. Achter Hat Rin vind ik met moeite het pad dat de heuvel opgaat. Al gauw loop ik door een weelderige jungle met Pandanuspalmen en wurgvijgenbomen. Het cicadengezang is oorverdovend en af en toe klinkt de mysterieuze roep van de coucal. Na ruim een uur verschijnen er weer kokospalmen. Goed nieuws is geprikt op een van de stammen: '15 mins more to paradise'. Een boeddha en yin yang zijn erbij getekend.

Het kleine baaitje met zo'n twintigtal hutjes, gerund door vriendelijke vissers, is inderdaad een plaatje. Gelukkig kan me dankzij een aggregaat een ijskoud colaatje worden geserveerd. De Noorse Marit (21) heeft zich hier door een bootje laten afzetten. Ze is al drie maanden op reis. Via Fiji en Lombok belandde ze in Thailand, waar The Beach, zowel boek als film, tot haar spirituele handbagage behoort. 'Met andere reizigers wordt veel over The Beach gepraat. En over de ontoeristische plekjes die het benaderen, zoals hier. We proberen elkaar als het ware de loef af te steken met dat soort "ontdekkingen", dat heeft wat aanstellerigs maar het is ook opwindend. Wie een of andere band met de film heeft scoort hoog. Zelf sla ik geen slecht figuur. Ik kom uit Vadsø en ken daar de jongen die nogal op Leo (Leonardo DiCaprio) lijkt en in de film heeft meegespeeld als zijn "double".'

Toen trekkers massaal op Hat Rin begonnen neer te strijken (volgens het boek was het in 1991 al 'fucked up') weken de ware avonturiers nauwelijks uit naar stranden als Hat Tian. Het afgelegen eiland Ko Tao werd juist het alternatief bij uitstek. Vanaf Ko Pha Ngan ben je binnen twee uur op Ko Tao. De tijd heeft er intussen niet stilgestaan. Het geldt nu als een duikersparadijs en er zijn tientallen complexen van strandhuisjes. Overal staan lichte motorfietsen for rent. Maar wie even van de paar hoofdwegen afwijkt en een wandeling van een paar uur niet schuwt wordt beloond met vrijwel verlaten strandjes, omgeven door grillige rotspartijen en kristalhelder water. Het paradijs ligt als het ware om de hoek.

In het haventje zitten Monique (23) en Romek (27) uit Amsterdam aan de straat te eten. Wat stranden betreft zijn ze goed verpest sinds een reis naar de Malediven. Toch hadden ze op Ko Tao al gauw een schitterend plekje gevonden: 'Ao Luek, je moest er wél anderhalf uur voor lopen. Een paar strandhutten, prachtig levend koraal. De black cap haaien zwommen er rustig om je heen!'

Romek: 'Ik zou nooit in zo'n commune als in The Beach willen leven. Zo'n zogenaamd idealistische gemeenschap, maar iedereen is er wel bezig met zijn westerse dingen, house en computerspelletjes. Het stoorde me. Met Sal aan het hoofd leek het een soort sekte. Dat was beklemmend in plaats van bevrijdend. Impliciet vond ik de film een kritiek op een bepaald slag rugzaktoerist dat zo nodig "iets anders" wil.'

Van de nuchtere Hollanders moet ik rennen om de nachtboot naar het vasteland te halen. Niet voor niets heet hij de slow boat: de oversteek duurt acht uur. De matrasjes op het dek zijn bezet door een twintigtal toeristen en eilandbewoners. Met nog vijf westerse rugzaktoeristen krijg ik een matje boven de opbouw van de machinekamer toegewezen. Buiten de haven steekt een flinke wind op. Het zal niet de eerste keer zijn dat er hier zo'n boot vergaat. Ik houd niet van avontuur. De hitte uit de machinekamer is echter ondraaglijk en het grootste deel van de tocht hang ik voor verkoeling deinend uit een raam. De volgende morgen ligt het eilandenparadijs van de rugzaktoerist ver achter me en voel ik me prettig weer vaste grond onder de voeten te hebben. En straks zal ik, net als Richard, weer blij zijn thuis te zijn.

Milieuactivisten hebben zich fel verzet tegen de filmopnames op het eilandje. Voor de film werd het strand met een bulldozer breder gemaakt, de natuurlijke vegetatie werd verwijderd en er werden kokospalmen geplant. De filmploeg had toegezegd het strand na de opnamen weer in zijn oorspronkelijke staat terug te brengen, maar de activisten menen dat dat onvoldoende is gedaan. De boottochtjes naar de baai ('Trip to Leonardo's Beach') zijn nu populairder dan ooit - wat het koraal niet ten goede komt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden