De GidsLust & Liefde

‘Ik beefde over mijn hele lichaam, want ik begreep dat mijn leven aan het veranderen was’

Liefde op het eerste gezicht was het tussen Lena en de weduwnaar die ze op haar 55ste leerde kennen. Hoe verschillend ze ook waren.

null Beeld Sasa Ostoja
Beeld Sasa Ostoja

Lena (70)‘We leerden elkaar kennen op een verjaardag. Hij was een bedachtzame Twentse weduwnaar van 62, die je rijzig zou kunnen noemen, ik een impulsieve stadse flapuit van 55. Toen hij zei: ik ga even weg om mijn dochter naar huis te brengen, ik kom zo terug, was ik al verliefd. Dat ging heel snel en zonder dat ik kon bedenken waarom, want wij waren zo verschillend. Toen hij terugkwam en ik de afwas begon te doen om iets omhanden te hebben, pakte hij een theedoek. Met de rug naar de anderen wasten we af en niemand zag dat er meer gebeurde. Ik leerde hem het afwaslied van 3 Heren. Dat ging zo: ‘En de afwasborstel zong een lied, het was zonde om te zeggen, waar zal ik de messen leggen en ik gaf je nog geen zoen en we wisten niet hoe vaak wij samen nog de afwas zouden doen.’ En zo, innig met onze handen in het sop, begon de liefde. Ik zei: ik zou je wel nog eens willen zien, en wachtte vervolgens drie weken tot hij eindelijk actie ondernam. We zouden een uurtje koffiedrinken bij hem thuis, maar het werd een hele wandeling. Met zijn labrador trokken we het bos in, en ik beefde over mijn hele lichaam, want ik begreep dat mijn leven aan het veranderen was. Al snel was het aan.

‘Latten’ kost energie, steeds een tas in- en uitpakken en bij aankomst merken dat je toch iets vergeten bent. Toen ik na vier jaar voorstelde bij hem in te trekken, zei hij: dat vindt mijn dochter zo moeilijk. En ik dacht: dat meisje heeft haar moeder al verloren, ik leg me erbij neer. Intussen deed ik mijn best voor een goede verhouding en verzon uitstapjes met zijn drieën. Maar ook toen ze allang de deur uit was, en ik hem af en toe een kaartje stuurde van bijvoorbeeld twee hondjes verkleed als bruid en bruidegom, reageerde hij niet. Al die zestien jaar leefden we apart, ik in een grote stad, hij in een huisje aan de rand van het bos onder een grote walnotenboom. Ieder weekend zocht ik hem op. In de zomer op de fiets met de kat die ik als een piepklein wit bolletje van zijn buurvrouw, de boerin, had gekregen en die ik in zijn mandje op de bagagedrager bond, en in de winter, met slecht weer, in de auto met de kat op de achterbank. Elke zaterdagochtend reed ik over de onverharde weg naar zijn huis. Als ik uitstapte rook ik de koffie en wist ik precies hoe ik hem zou aantreffen: aan tafel gebogen over de zaterdagkrant. Als hij me zag stond hij op, dan pakten we elkaar vast, en ik voelde hoe blij hij was. Natuurlijk hadden we ook seks, maar een zoen op mijn mond gaf hij me nooit. Als ik hem vroeg waarom niet, antwoordde hij: dat is te opwindend. Mijn voeten daarentegen kuste hij wel, hoewel die verre van bijzonder zijn.

Een beetje vreemd was dat wel, maar een nieuwe verkering op latere leeftijd heeft als voordeel dat je niet langer een ideaal nastreeft en in verwondering gelukkig kunt zijn met wat is. Ik ging meestal wat vroeger naar bed dan hij, dan keek hij nog wat televisie en kroop later tegen me aan en voelde ik in mijn halfslaap zijn grote billen tegen mijn buik. Een vriendin zou later zeggen: als ik naar jullie keek, zag ik twee mensen die totaal anders waren en elkaar daarmee verrijkten. Toen ik vier maanden als vrijwilliger naar Nepal wilde, waar ik eerder had gewerkt, zei hij: oei, vier maanden is wel erg lang, maar hij deed niets om me tegen te houden en eenmaal daar, vergezelde hij me via Streetview op mijn dagelijkse wandelingen. De wederzijdse verrijking zoals mijn vriendin dat noemde, gaf ons vrijheid, en wat wil je nog meer? Ook al was hij zelf nogal honkvast, hij was altijd geïnteresseerd als ik bijvoorbeeld in een opwelling spreeuwenzwermen wilde zoeken. Voor ik het wist pakte hij zijn jas en ging mee. Wel altijd met de auto, nooit met de fiets, want hij was hartpatiënt en niet zo sterk als ik.

Iets meer dan een jaar geleden, 19 december 2019, huilde ik een dag lang om de dood van Jules Deelder van wie ik altijd een dichtbundel in mijn tas meedraag, Ben je gelukkig? Gelukkig niet. Weer een dag later zat ik bij de schoonheidssalon waar mijn lief me een behandeling cadeau had gegeven voor mijn verjaardag. Niks voor hem zou je zeggen, maar zijn overleden vrouw werkte ooit in een salon, vandaar. Na afloop reed ik naar hem toe om trots het resultaat te showen. Vind je me mooi, brandde het op mijn lippen. Op het erf rook ik geen koffie. Het was rond het middaguur, maar hij sliep nog. Het bedlampje was aan en in zijn hand lag een zakdoek, en toen hij maar niet wakker werd dacht ik: toch maar even de huisarts bellen. Die zei meteen: vindt u het goed als ik een ambulance waarschuw?

Nog geen tien minuten later was het in het huisje in het bos drukker dan ooit. Bereid u voor op het ergste, zeiden de ambulancebroeders. En ook: pak rustig een tas in, haast u niet, ze zullen in het ziekenhuis nog wel even met hem bezig zijn. Maar natuurlijk haastte ik me. Ik reed vijf kilometer te hard en kreeg een bekeuring en eenmaal aan zijn bed bleek het onmogelijk contact te maken. We willen hem van de apparatuur halen, zeiden ze en ik vroeg of ze konden wachten tot zijn dochter, die in Londen woonde, er was. Een dag later zaten zij en ik elk aan een zijde naast zijn bed. Zonder veel woorden, elk met onze eigen, intieme gedachten. Ik streelde zijn haar, hij had zulk mooi, dik haar. Het afgelopen jaar was moeilijk vol te houden, maar af en toe, als ik in bed lig, is het of ik hem gewaarword. Dan voel ik weer zijn grote billen genadig tegen mijn buik.’

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Lena ­gefingeerd. Ook geïnterviewd worden? Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden