Een cabaretier op een tandem in Urk

Al in IJsselmuiden begint het te miezeren. 'Shht, niets over zeggen', zegt Vincent Bijlo. De blinde cabaretier zit achter op zijn eigen tandem voor een tweedaagse fietstocht van Kampen naar Urk....

OP DE autokaart van Nederland zoek ik de kortste route van Urk naar Utrecht. Over Harderwijk en Amersfoort, leert een snelle blik. 'Gelul', zegt cabaretier Vincent Bijlo, naast me in het busje, 'dat is óm, je moet gewoon richting Almere aanhouden, dan de N 27 en de A 27 pakken, richting Hilversum.'

Die aardrijkskundelessen op het blindeninstituut zijn niet verkeerd geweest.

'Valt wel mee, dit weet ik vooral van jarenlang overal in het land optreden: goed voor je topografie.'

Al vanaf zijn geboorte, op 27 april 1965, kan Vincent Bijlo niets zien. Zijn ouders wisten dat hij, net als zijn oudere broer, blind ter wereld zou kunnen komen; hij neemt het ze niet kwalijk. Integendeel, van het liedje Blij met blind uit zijn laatste programma Niet zeuren, gewoon doen! is geen enkel woord cynisch bedoeld. Mensen die een foetus laten aborteren omdat het blind is, geven hem het gevoel geen bestaansrecht te hebben.

'Dat is een strafpunt', zegt Vincent bijna vrolijk, als hij met zijn rechterarm een lantaarnpaal op de Vispoort in Kampen ramt. Een blindengeleidehond heeft hij niet, we lopen gearmd. Vooral autospiegeltjes (drie) moeten eraan geloven. We zoeken een wc. Als na inworp van een gulden het moderne city toilet zich zoevend opent, laat het closet zich gemakkelijk vinden, maar op de terugweg moet Vincent paniekerige gevoelens bedwingen: het knopje waarmee de deur opnieuw kan worden geopend, vindt hij pas na minutenlang rondtasten.

Kampen is het startpunt van onze tweedaagse fietstocht langs Schokland, Urk, Lemmer, Blokzijl en Zwartsluis. Die route is sinds eind vorig jaar comfortabel bewegwijzerd met groene ANWB-bordjes (en samengesteld uit delen van de Landelijke Fietsroute 15 en de Zuiderzeeroute).

We rijden op Vincents tandem, die we achter in zijn 'theater-busje' hebben meegenomen. (Vandaag hoeft er geen marimba vervoerd te worden naar Dorpshuis Meiboom in Krabbendijke, Bellevue in Amsterdam, of Theater Zuidplein in Rotterdam.) Meestal zit Mariska voorop, zijn vriendin, zijn vijfde zintuig, over wie hij zingt:

Zonsondergang met jou aan zee,

wij zitten samen op een duin,

en jij kijkt voor twee.

jij geeft de kleuren hun geluid,

jij steekt mij in mooie kleren,

ik kleed jou met mijn oren uit.

De voorste zadelpen is hoger gezet, de wolken zijn wit, niet grijs, we fietsen Kampen uit. Met gemak rijden we dertig kilometer per uur, met wind mee is veertig goed haalbaar. Al in IJsselmuiden, niet ver achter de Oude IJsselbrug (die Nederlands gevaarlijkste brug wordt genoemd en nog dit jaar gesloopt gaat worden), begint het te miezeren. 'Shht, niets over zeggen', zegt Vincent.

Een uur later zegt hij: 'Dit doet me denken aan een fietstocht in Toscane.' Hij vindt het verhaal te mooi om niet aan tafel te vertellen, vanavond in een Urks visrestaurant.

Schokland, een paar meter boven de voormalige zeebodem, doemt op uit de omgeploegde akkers. Een welkome afwisseling in het landschap waarin al een tijd niet veel is gebeurd. Ik geef Vincent een beschrijving en vraag me af of ik hem genoeg vertel over wat ik zie.

Hoe gaat dat als je met Mariska reist?

'Praten over de omgeving is een vanzelfsprekend onderdeel van het gesprek. Ik kan eigenlijk niet eens vertellen hoe dat in zijn werk gaat. Ik ken haar zo goed, weet zo goed hoe ze kijkt. Reizen met ieder ander is totaal onvergelijkbaar. Vertel maar gewoon als je daar zin in hebt.'

Het kerkje met museum op Schokland, waar een voetstap te zien moet zijn van iemand die 4500 jaar geleden van Schokland naar Urk liep, toen die twee eilanden één waren, is gesloten.

Aan de gigantische, nieuwgebouwde visafslag in Urk wordt de laatste hand gelegd. Graafmachines vreten zich door hoge bergen zand. De sluis over, inchecken bij pension 't Anker: de eigenaar heeft een kamer mét, en een kamer zonder televisie.

'Ik neem wel die zonder', zegt Vincent om het de man gemakkelijk te maken.

Dan naar restaurant De Zeebodem, waar de keuken zo vriendelijk is om speciaal voor ons na acht uur open te blijven. De ober is voorkomend. 'Ik neem aan dat één kaart genoeg is?'

'Ziet u eens', zegt hij als hij de rog met honingsaus, de zalmforel, de tong en de kabeljauw komt brengen. Kunstvuur in de haard. Muzak op de achtergrond.

Het Toscane-verhaal. 'We hadden een appartement in een wijnboerderij gehuurd. De fietsbus zou ons tot op veertig kilometer er vandaan brengen. Dat bleek tachtig kilometer te zijn, het regende en bliksemde keihard, vreselijk desolaat en eng was het. Onze tandem, met drie naafversnellingen en trommelremmen, was totaal ongeschikt voor de heuvels. De eerste tien kilometer gingen nog. Toen kwamen de eerste hellingen. Met al dat water durfde Mariska, die voor het eerst in heuvels fietste, nauwelijks vaart te maken tijdens de afdaling. Van iedere blikseminslag schrokken we twee keer, zij van de lichtflits en ik van de donderslag. Halverwege, in Florence, hebben we de fiets aan een hek vastgezet en een taxi genomen. Domme actie, die fietstocht.'

Verder was het een schitterende vakantie geweest: 'Zon, olijfbomen, het liefste landschap dat ik ken, het ruikt er heerlijk. De wind, de vogels: je maakt deel uit van het landschap. In de heuvels klinkt alles anders. Je moet er in juni naar toe, dat is de mooiste tijd.'

Vincents Toscaanse associatie die middag had niets te maken met hellingen of bliksem, en zeker niet met zon of olijven, maar alles met de plensbui die ons in een ommezien had doorweekt. Een schuilplaats was er niet te vinden, de cafés in Ens waren dicht.

'Fiétsen met de Volkskrant', had het een paar keer sarrend geklonken vanaf het tweede zadel. 'Van Kámpen naar Urk', en hij begon weemoedig te vertellen over het aanbod van een redactrice van Elle om een week mee te gaan naar een Grieks eiland. Hij had het afgeslagen. 'Mariska raadde het me af, en ik stond bovendien vlak voor een première.'

WANNEER ZE op vakantie gaan, kiest Mariska het land uit. Ze gaan veel naar Engeland. 'Cornwall, Dorset, Stratford, Lavenam, Oxford. Hét land van de geuren: de lucht van kolenkachels, gebakken spek, gedroogde bloemen. Geuren fascineren me. Het Parfum van Patrick Süskind is een zeer herkenbaar boek voor mij. Boeken vol met minutieuze beschrijvingen, zoals van Couperus of Van Deyssel, vind ik niks aan. Omdat ik me er weinig of niets bij kan voorstellen. Voor mij blijven het losse woorden.'

Club Havana op Urk draait geen salsa, maar classic rock. Vincent vindt het een wereldtent. In welk etablissement hoor je anno 1997 Dear Prudence van de Beatles (witte dubbelelpee-versie)? Hij heeft het nummer ooit eens op de tweede plaats gezet van een persoonlijke Top-3 die hij voor Radio 3 mocht maken. Bram Vermeulen stond één, met Rode Wijn. 's Nachts laat Kirsten, een zeventienjarige scholiere die vrijdags 'in de zalm staat', ons de vuurtoren zien. Het regent nog harder dan vanmiddag.

De volgende dag laten we de route Urk, Lemmer, Blokzijl, Zwartsluis, Kampen voor wat hij is. De ruitenwissers van de streekbus naar Kampen zwiepen onophoudelijk.

Terug op Urk (Vincent: 'We komen hier nóóit meer weg') vraagt de man van het pension 't Anker als we de tandem ophalen: 'Dat busje, is dat van een instituut of zo?'.

'Instituut', zegt Vincent wanneer we naar de N 27 rijden, 'wat een mooi woord is dat toch, ik moet steeds aan het Max Planck-instituut denken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden