Onze gids dit weekeinde

Eddy De Clercq ontsnapte aan het ambassadeurschap van de westerse muziek en verdiepte zich in Afrikaanse ritmen

Nadat de legendarische club Roxy in 1999 afbrandde ging ‘housegoeroe’ Eddy De Clercq op zoek naar nieuwe ritmen en nieuwe klanken en belandde zo in Zuid-Afrika. Onlangs kwam dansalbum Afrotronic uit, een betrokken reisverslag van de muziek uit het Zuiden.

Robert van Gijssel
Eddy De Clercq Beeld Els Zweerink
Eddy De ClercqBeeld Els Zweerink

Het leven van de Nederlandse housepionier en Roxy-oprichter lijkt steeds meer op dat van een toegewijde archivaris. Dat merk je al gelijk als je bij hem op bezoek gaat, in het kantoor onder zijn statige Amsterdamse huis. Platen, boeken, affiches uit een vervlogen nachtleven, kisten vol singletjes, alles met een label eraan en chronologisch opgeslagen. En vooral: cassettebandjes. ‘Alle sets die ik in mijn loopbaan heb gedraaid staan hier zo’n beetje in de kast’, zegt hij. ‘Vroeger zei ik al: ik zou best willen wonen in een archief. Dát doel heb ik nu in ieder geval bereikt.’

Als we iemand in Nederland een housegoeroe mogen noemen, dan toch Eddy De Clercq (66). Vanaf eind jaren zeventig dook hij in de disco en transporteerde hij de opwindende New Yorkse dansmuziek naar zijn eerste feesten die hij organiseerde in het Vlaamse cultuurhuis De Brakke Grond. Hij richtte zijn eerste, zeer vooruitstrevende discotheek De Koer op in 1980. ‘In een heel donkere tijd, van woningnood en een grote financiële crisis: even iets leuks beginnen. Misschien een beetje naïef.’

Uitgaansgeschiedenis

Maar De Koer werd een clubsucces en De Clercq schreef toen al uitgaansgeschiedenis. ‘Voor het eerst zag je heel Amsterdam bij elkaar komen, van punks tot bankiers en mensen die net uit het Concertgebouw kwamen. Homo, hetero en bi. En ik draaide disco, Nancy Sinatra, new wave en Arabische muziek, alles door elkaar. De Koer was de ideale club: speels, vrijgevochten en vol mooie mensen die allemaal iets bijdroegen aan de sfeer en de beleving.’

Daarna volgde in 1987 de legendarische Amsterdamse club Roxy, waar De Clercq Nederland liet kennismaken met de house, die alweer vanuit de VS kwam overwaaien. De Roxy werd in 1999 door brand verwoest, maar de geschiedschrijving is nog in volle gang. Natuurlijk komt de Roxy voorbij in De Clercqs lijst van culturele voorkeuren, het kan bijna niet anders. Toch is De Clercq niet blijven hangen in zijn eerbiedwaardige muziekverleden. ‘Ik wilde niet tot in lengte van dagen als die housegoeroe de wereld over reizen als een soort uitzendkracht, en een one trick pony. Vanaf eind jaren negentig voelde ik mijn passie voor het draaien van nieuwe dansmuziek wat uitdoven. De monotonie van de beats ging me vervelen. Ik voelde me ook eenzaam, altijd op reis.’

Ommekeer

Een ommekeer in zijn leven kwam in 1996, toen hij werd gevraagd als dj op een rave in de Zuid-Afrikaanse stad Durban. Hij leerde het land kennen, raakte betoverd door de cultuur, ging op lange reizen door alle provincies en kocht er uiteindelijk een huis, waar hij nog altijd een groot deel van zijn tijd doorbrengt. En hij liet zich overweldigen door de rijke en complexe Zuid-Afrikaanse muziek. ‘Ik ging op muziekjacht, op zoek naar platen. Op een gegeven moment kon ik een complete muziekcollectie overnemen van een zwart radiostation, en ik ontdekte ontzettend veel nieuwe muziek. Ik wilde er alles over weten en begon mijn online blog Soul Safari, dat nu 25 jaar bestaat. Ik wilde daar niet alleen die muziek laten horen, maar ook vertellen over de achtergronden en de cultuur, over de evolutie en de emancipatie van de zwarte muziek.’

De Clercq kwam voor zijn gevoel opnieuw in een muzikale revolutie terecht, toen de Zuid-Afrikaanse dansmuziek langzaam de wereld begon te veroveren met innovatieve en verslavende stijlen van amapiano tot de kwaito uit Johannesburg. Hij dook zelf de studio in met Zuid-Afrikaanse muziekvrienden, en bracht vorige maand het heerlijke dansalbum Afrotronic uit. ‘Een plaat als een soort reisverslag of verwerkingsproces van alles wat ik in Zuid-Afrika heb meegemaakt.’ Weer een omgevallen muzikaal archief.

De Clercq steekt een sigaartje op – ‘Heb je daar geen last van?’ – en vertelt over de muziek, mode en filmkunst die voor hem de vluchtigheid bestrijden. ‘Noem het gerust een pleidooi voor kwaliteit en duurzaamheid.’

Tentoonstelling: Electro

‘Een prachtig overzicht over de opkomst van de clubcultuur en de elektronische muziek in het Kunstpalast van Düsseldorf. Je stapt in Utrecht in de trein en een uur later ben je er, dus wat houdt je tegen? Het is een geniale tentoonstelling. Electro is schitterend vormgegeven, niet alleen dankzij de opstelling van museale objecten, en de antieke synthesizers en zo, maar ook met muziek. De Franse producer en dj Laurent Garnier maakte een soundtrack waarin hij de iconische dancetracks vanaf de pionierstijd tot nu in elkaar mixte. En die muziek volgt je door het hele museum.

Ik ging ernaartoe in covidtijd, en dat was een bijna apocalyptische ervaring. Overal was het clubleven stilgevallen door de pandemie, en in Düsseldorf was nog niet eens een koffietentje open. Maar in het Kunstpalast stonden ineens mensen te dansen voor een vitrine, omdat dat de enige plek was waar het nog kon. Wat een rare tijd, dacht ik. En: hoe loopt dit af?’

Tänzer, Festival N.A.M.E., Roubaix, 2018 Beeld Jacob Khrist/ Kunstpalast
Tänzer, Festival N.A.M.E., Roubaix, 2018Beeld Jacob Khrist/ Kunstpalast

Mode: Martin Margiela

‘Ik voel verwantschap met deze Belgische ontwerper. Hij kwam op in de jaren tachtig en was voor mij de motor achter de vernieuwingen van dat tijdperk. Hij was de grote man van het deconstructivisme: hij haalde kleding uit elkaar en zette stukken opnieuw in elkaar, met materialen die niet eerder waren gebruikt. Zijn shows waren visionair. Hij liet zijn werk zien op parkeerplaatsen of in fabrieken, vaak met modellen die niet herkenbaar waren omdat ze een kous over hun hoofd hadden. Ik bewonder zijn ideeënrijkdom. Zijn tabi-schoenen werden klassiekers: geïnspireerd op tweetenige, Japanse werkschoenen. Dat je een Japanse invloed zo kunt vertalen naar een mode-item, dat ook gelijk een enorme hit wordt, is ongelooflijk knap. Mode van tegenwoordig gaat vaak over geld, over grote namen. En over massaproductie: je draagt iets twee weken en dan ga je opnieuw naar de Zara. Tegenover die boekhoudersmode staat Margiela, en bijvoorbeeld de duurzame mode van AG Nauta Couture.’

tabi-schoenen Beeld Jordi Huisman
tabi-schoenenBeeld Jordi Huisman

Natuur: Koraalrif

‘Het is inmiddels wel duidelijk: de wereld produceert te veel, niet alleen mode. Er is een overkill aan alles en de aarde gaat eraan door klimaatverandering. Je merkt het in veel Afrikaanse landen: de droogte wordt steeds erger, je ziet uitgedroogde giraffes en hele kuddes die sterven omdat er niets meer te drinken is.

Het symbool van deze verwoesting van de aarde is voor mij het koraal. Dat is zo surrealistisch mooi: het licht en het leven dat erin te vinden is. En het koraal leeft zelf, al dreigt het nu te verdwijnen. Er wordt wel gewerkt aan herstel, maar zelfs áls het behouden kan blijven, hoelang duurt het voor de natuurlijke orde weer heerst?

Op mijn album Afrotronic staat het nummer Coral Reef, op een gedicht dat ik tien jaar geleden op mijn blog plaatste en waar toen veel reacties op kwamen. Ik liet het vertalen in het Xhosa en zingen door een fantastische zangeres. Het moest gewoon op muziek komen.’

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Boek: Het Roxy Archief

‘Er staat een meter aan Roxy-boeken in mijn kast, maar dit exemplaar is bijzonder. Ook omdat de uitgever Mary Go Wild het aandurfde zo’n prijzig en luxe boek te laten maken, daar heb ik echt bewondering voor.

Toen de club in 1999 afbrandde, was het klaar: de Roxy was een afgesloten periode. Maar de herinnering bleef levend. Het ging maar door: in boeken, op feesten en nu nog op Instagram en in de Netflixserie Dirty Lines. De club heeft echt een legendarische status gekregen, en dit fotoboek geeft een perfect beeld van wat er werkelijk gebeurde.

De foto’s van de Roxy-huisfotograaf Cleo Campert zijn zo goed omdat zij zelf nooit op de voorgrond trad, maar een beetje verlegen opereerde, op de achtergrond. Zij maakte veel snapshots, in de geest van Andy Warhol. En op haar foto’s zie je hoe mooi en exhibitionistisch de bezoekers waren, hoe ongeremd de seksualiteit was. Zij heeft dat prachtig vastgelegd: ze was op het juiste moment in de juiste club.’

null Beeld Het Roxy Archief
Beeld Het Roxy Archief

Muziek: Black Motion

‘In 2009 kregen Robert Mahosana en Thabo Mabogwane uit het township Soshanguve een computer, dankzij een of ander liefdadigheidsproject op hun school. Met vrij eenvoudige software gingen ze muziek maken, en die was ongelooflijk. Ze vormden een dj-duo en bouwden hun shows steeds verder uit met live-musici en percussionisten. En nu zijn ze een geweldige danceband, die een revolutie heeft ontketend en de Zuid-Afrikaanse dansmuziek de wereld over brengt. Het is echt ongelooflijk hoe alle Zuid-Afrikaanse stijlen samenkomen in hun muziek, van amapiano tot maskandi, een soort Zuid-Afrikaanse blues.

Hun muziek is een geniale symbiose van analoog en digitaal, en mengt geweldige ritmen met melodieuze, bijna lounge-achtige jazz. En dat met prachtige, poëtische teksten. Het is niet verwonderlijk dat de Zuid-Afrikaanse dansmuziek het nu mondiaal zo goed doet: Black Motion heeft ook mijn ogen geopend. Het is van een heel ander niveau dan wat er nu in Europa gebeurt in de dance.’

null Beeld Black Motion
Beeld Black Motion

Feest: Wonderland

‘Het mooiste en spontaanste feest dat ik ooit heb meegemaakt. Paradiso had mij in 2018 gevraagd iets te organiseren vanwege het 50-jarige jubileum van het podium. Ik wilde Black Motion laten overkomen, maar dat kon niet doorgaan, die waren inmiddels te duur. Toen dacht ik: een sprookjesfeest, niet weer voor die punks en die hippies, dat weten we nu wel. Maar voor de jeugd, voor de toekomst, voor de kids.

We bedachten een feest met als thema Alice in Wonderland. Er er wilden steeds meer creatieve mensen aan meedoen. Een kunstenares maakte vier kijkdozen op een soort ufo-achtige poten waar je op moest klimmen om erdoorheen te kijken. Ongelooflijk. En bij de ingang stond een eettafel uit het verhaal, waar de bezoeker overheen moesten lopen.’

Toen de deuren opengingen, zagen we honderden kinderen verkleed als Alice of Humpty Dumpty voor de ingang staan. De rij liep tot aan het Leidseplein. Daarna ging het helemaal los, de kids en mensen van ver boven de 60 dansten samen op Ethiopische jazz van een dj die zijn ogen niet kon geloven. Een enorme uitbarsting van creativiteit en energie. Mij werd gevraagd zoiets nog eens te doen, maar toen kwam corona. Wie weet, in de toekomst.’

Muziek: Richenel

‘Ik kende Richenel uit het uitgaanscircuit, vanaf de jaren zeventig. Ik zag hem vaak optreden met zijn fameuze band Luxor, een vaste waarde in het rhythm-and-bluescircuit. Hij zag er prachtig uit, met een heel androgyn uiterlijk. Hij was eigenlijk de eerste genderbender: hij kon een heel knappe man zijn, of een heel knappe vrouw. Heel naturel.

Ik vroeg hem op te treden op een van mijn feesten in De Brakke Grond. Hij kwam op in een lakleren jas, naast een Surinaamse bodybuilder en zong Millie Jacksons liedje You Created a Monster. Het publiek werd helemaal gek. We raakten bevriend. Hij werd internationaal bekend met zijn hit uit 1987 Dance Around the World en kon echt overal optreden. Maar hij was onrustig: hij wilde geen disco meer maken maar jazz, en ging covers van Billie Holiday zingen. Hij had een prachtige stem, kon alles zingen. Maar zijn publiek was daar nog niet aan toe. Hij ging te snel.

In 2020 overleed hij aan longkanker. Zijn broer vroeg me zijn archief van demo’s en opnamen van concerten te beheren. Op Mixcloud staat mijn eerbetoon aan zijn muziek. Maar we moeten nog een keer een mooie compilatie maken.’

Richenel Beeld ANP /  Novum RegioFoto
RichenelBeeld ANP / Novum RegioFoto

Film: Visconti

‘Ik ben opgegroeid met de films van Luchino Visconti, de Italiaanse meester. Zijn films als Death in Venice en The Damned zijn tijdloos, gedetailleerd en stijlvol. Visconti was een perfectionist tot in het absurde. Als in een decor een houten vloer moest worden gemaakt, was dat niet van spaanplaat, maar van Braziliaans hardhout. Omdat de voetstappen moesten klinken zoals hij ze had gehoord in zijn eigen huis, op een hardhouten vloer. De bloemen op zijn sets werden dagelijks ververst.

Die aandacht voor detail, voor perfectie, dat alles moet kloppen: dat vind ik mooi. Ik herken me er ook in. Ik kan ook niets afraffelen. Ik probeer fouten te voorkomen. Ik wil dat iets meer is dan een trucje doen. As ik een feest geef, heb ik liever dat de portiers een smoking dragen dan een leren jasje. En dat de bezoekers drinken uit een glas en niet uit een plastic bekertje.’

CV Eddy De Clercq

18 oktober 1955 Geboren in Gent.

1977 Introduceert disco op feesten in De Brakke Grond in Amsterdam.

1980 Opent club De Koer.

1983 Begint bij Paradiso de maandelijkse clubavond Pep Club.

1987 Opent met kunstenaar Peter Giele en Arjen Schrama van tijdschrift Vinyl de club Roxy.

1989 Brengt als A-Men, met Corné Bos en Gert van Veen, de single Pay the Piper uit.

2001 Debuutalbum Passport op label Blue Note.

2004 Begint eigen label en uitgeverij Ubuntu Publishing.

2005 Componeert muziek voor internationale reclamecampagne van L’Oréal en het parfum Flowerbomb van Viktor & Rolf.

2015 Publiceert boek over het nachtleven: Laat de nacht nooit eindigen: van discothèque tot rave.

2019 Speelt op Holland Festival met Vuyani Dance Company.

2022 Album Afrotronic.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden