Onze gids dit weekeinde

Annie Clark aka St. Vincent zit al tijden in een jarenzeventigkick: ‘Ik kom er maar niet uit’

St. Vincent (Annie Clark) houdt van zovéél. Maar op dit moment vooral van de jaren zeventig. Komt door haar nieuwe album, dat op zijn beurt weer alles te maken heeft met haar vader. ‘De albums die hij vroeger draaide zijn voor mij heel belangrijk gebleken.’

null Beeld Zackery Michael
Beeld Zackery Michael

Als St. Vincent bracht de Amerikaanse Annie Clark (38) onlangs haar zesde soloalbum uit. Met dit Daddy’s Home consolideert ze haar status als een van de interessantste, origineelste popartiesten van dit moment. Haar muziek heeft vanaf haar debuut Marry Me (2007) altijd ergens tussen rock en avant-garde gezweefd. Haar ongrijpbare, grote stembereik en even inventieve als pregnante gitaarsound zijn nog altijd haar belangrijkste wapenfeiten. Maar op Daddy’s Home zijn de songstructuren minder weerbarstig dan op eerder werk.

‘Ik wilde wat minder perfectionistisch zijn, minder bouwen aan liedjes en meer intuïtief te werk gaan’, zegt Clark beeldbellend vanuit een zonnig Los Angeles, waar het 10 uur is en ze net haar koffie op heeft. ‘Ik zal proberen wat andere dingen te noemen dan in The New York Times’, zegt ze lachend als de vorm van het interview ter sprake komt. ‘Daar vroegen ze ook naar mijn favorieten. Veel van mijn favoriete culturele werken en hoogtepunten wisselen per dag. Er is gewoon zoveel waar ik van hou. Maar nu zit ik toch al tijden in een soort jarenzeventigkick, waar ik maar niet uitkom.’

Dat heeft alles te maken met de thematiek van haar nieuwe plaat. ‘Ik had het New York uit de jaren 1971-1976 voor me toen ik de liedjes schreef. In die periode werd de meest fantastische muziek gemaakt. Platen van Steely Dan, Joni Mitchell en Sly & The Family Stone, waar we nog altijd stomverbaasd over de tijdloosheid van de sound en de songs naar luisteren.’

Die soundtrack hoorde Clark in haar hoofd terwijl ze visioenen had van een stad in verval. ‘Een failliete stad, met veel armoede, en inwoners die aan hun lot werden overgelaten of de zelfkant opzochten.’ De geweldige muziek tegenover de grauwe werkelijkheid van New York waarin niks glamoureus te ontdekken was, dat vond Clark een interessante tegenstelling.

‘Die jarenzeventigtic heeft ook alles met mijn vader te maken. Hij zat bijna tien jaar in de gevangenis en kwam in 2019 vrij (Richard Clark werd in 2010 tot twaalf jaar celstraf veroordeeld voor diverse fraudezaken, red.). Ik heb al die jaren veel teruggedacht aan de muziek die hij thuis draaide. Allemaal jarenzeventigalbums die voor mij heel belangrijk zijn gebleken. De singer-songwriterspop van Joni Mitchell, maar ook de funk van Stevie Wonder en de jazzy akkoordenpatronen van Steely Dan, die heb ik altijd meegedragen en ik denk ook verwerkt in eigen composities.’

Maar ze mocht daar wel wat directer naar terugverwijzen op haar nieuwe plaat, vond Clark. ‘Een iets warmer geluid, en iets losser ook. Een beetje richting het soort muziek dat ik met mijn vader associeer.’

Al gaan de liedjes niet per se over haar vader, het album heet niet voor niets Daddy’s Home, zegt Clark. ‘Het huis waar ik die mooie muziek hoorde, daar begon het.’

Album: Stevie Wonder - Talking Book (1972)

Stevie Wonder - Talking Book
 Beeld
Stevie Wonder - Talking Book

‘Mijn vader had de hele dag mooie muziek opstaan. Mijn moeder niet, die hield van John Denver. Niets ten nadele van ‘good old John’, maar een liedje als Life is so Good wil je echt niet horen als puber met veel angsten, twijfels en identiteitsproblemen. Het leven is helemaal niet goed, dacht ik toen al, en dat denk ik nog steeds.

Nee, dan Stevie Wonder. Ik denk dat ik een jaar of 8 was, in 1990 ofzo, dat ik voor het eerst gegrepen werd door zijn muziek, ik herinner me ook de hoes van Talking Book nog heel goed. En dan de plaat, die was toen al bijna twintig jaar oud maar klonk me als nieuw in de oren.

Wat Stevie Wonder met die twee synthesizer-wizzkids (Malcolm Cecil en Robert Margouleff, red.) op die plaat voor een geluid neerzette was ongehoord en klinkt nu nog net zo futuristisch als dat het volgens mij in 1972 was.

Dat onvoorstelbaar funky Superstition is prachtig, maar mijn huidige favoriete track is Maybe Your Baby. Zo’n regel als ‘Maybe your baby done made some other plans’, die voelt toch echt als een stomp in de maag. Zo hard, zo raak.’

Gitarist: Jimi Hendrix

Jimi Hendrix Beeld AFP
Jimi HendrixBeeld AFP

‘Ik denk dat ik 11 jaar was toen ik me realiseerde dat muziek het belangrijkste in mijn leven was. Ik raakte net als iedereen bevangen door Nirvana-koorts en was steeds meer geobsedeerd geraakt door de gitaar. Zo’n ding moest ik ook. Ik weet nog dat ik mijn eerste lessen kreeg, de gitaar ter hand nam en dacht: dit is het, hier begint het.

Ik ben toen ook veel gitaristen gaan bestuderen. En dan kom ook ik toch uit bij Jimi Hendrix als grootste van allemaal. Niet eens vanwege zijn solo’s. Ik vind Frank Zappa als solist veel beter te genieten. Maar Hendrix was een zeldzaam goede slaggitarist, dat wordt weleens vergeten. Hij kon zulke goede melodieën schrijven en spelen. Doo-do-doo-te-doo-doo (Annie zingt de melodie van Crosstown Traffic), dat is prachtig en me ook dierbaarder dan dat eindeloze gesoleer.

Waarom ik Hendrix toch liever noem dan Zappa is omdat ik allergisch werd van de flauwe, vaak seksistische grappen tijdens diens concerten.’

Serie: Babylon Berlin (Videoland)

‘Ik ben een echte bingewatcher. Lekker zes afleveringen achter elkaar kijken en dan weer een tijdlang niks. Mijn recente favoriet is Babylon Berlin. Ik ben een sucker voor DDR-geschiedenis, al gaat deze serie over het Duitsland uit de Weimarrepubliek.

Hij begint in 1929, de karakters zijn geweldig en de hoofdrolspelers heel goed gecast. Daar blijf je echt naar kijken.

Wat ik zo goed vind is dat er allerlei politieke stromingen waren met idealen en doelen die elkaar eigenlijk overlapten. Fascisten, communisten, republikeinen en socialisten gingen elkaar te lijf of wantrouwden elkaar tot op het bot. Maar eigenlijk wilden ze allemaal gewoon een iets beter leven.

Heel knap ook hoe voortekenen van de latere nazigruwelen subtiel ruimte krijgen. Je ziet in 1929 al signalen van antisemitisme en denkt met rillingen aan wat er allemaal nog gaat komen. In het echt en wellicht in latere seizoenen van deze serie.

Land: Italië

Tuck & Patti Beeld Redferns
Tuck & PattiBeeld Redferns

‘Ik ben al jaren verliefd op dit land. Sinds mijn eerste bezoek als scholier toen mijn zus er studeerde, eind jaren negentig. Ik hou van de films, ook weer vooral uit de jaren zeventig. Het werk van Federico Fellini is onaantastbaar en de beeldesthetiek van Bernardo Bertolucci’s Il Conformista (1970) is onovertroffen.

De films, het eten en de rijke kunsthistorische geschiedenis zijn al genoeg geprezen denk ik, dus daar hoef ik mijn zegje niet over te doen. Laat ik het over de mensen hebben.

Toen ik net van school kwam vroegen Tuck & Patti, die toen heel populair waren, me om mee te gaan op tournee door Europa. Niet zo vreemd hoor, want het waren mijn oom en tante en ze hadden een soort tourmanager nodig. Ik herinner me vooral Italië. We hadden ergens op Sicilië een pleintje afgezet. Na het optreden moesten mijn oom en tante door het publiek naar hun kleedkamer. Er was politie aanwezig. Die keek enkel naar het podium, niet naar wat er verder op het plein gebeurde. Ze kwamen alleen na afloop even in actie. Om handtekeningen te vragen.’

Eten: Mexicaans

Mexicaanse maaltijd Beeld Getty Images
Mexicaanse maaltijdBeeld Getty Images

‘Ja, ook Italiaans eten is heerlijk, maar ik kies toch voor de Mexicaanse keuken. Ik ben opgegroeid in Texas en volgens mij kun je nergens in Amerika zo goed Mexicaans eten als daar. Het is een eeuwenoude keuken met een enorme rijkdom aan smaken. Dat halen wij in de Verenigde Staten nooit meer in.

Vooral hun gewone straatvoedsel vind ik heerlijk. Taco’s al pastor zijn mijn favoriet. Gemarineerd varkensvlees met ananas, kort gezegd. Maar het heeft een hele lange bereidingstijd. Het vlees komt van een groot spit, zoals kebab, en is lang gegaard, met een korstje. Dat mengen met verse ananas is zo lekker dat het water me nu al in de mond loopt.’

Museum: Museum voor Gebroken Relaties, Zagreb

 Museum voor Gebroken Relaties, Zagreb Beeld Museum of Broken Relationships
Museum voor Gebroken Relaties, ZagrebBeeld Museum of Broken Relationships

‘Wanneer ik op tour ben, ga ik graag even een museum in. Beeldende kunst leidt me af van de dagelijkse sleur en biedt troost. Of het verontrust of ontregelt zoals Francis Bacon, een van mijn favoriete kunstenaars. Zoals hij het innerlijk van de mens kon uitbeelden, hij schiep geen enthousiast beeld van de mensheid, maar klopt volgens mij wel.

Een van mijn favoriete musea heeft een veel positiever mensbeeld, al zou je dat niet zeggen van een plek gewijd aan Gebroken Relaties. Ze nemen het begrip relaties daar in Zagreb dan ook heel ruim. Directeur en werknemer, geliefden, of mensen die afscheid van het leven willen nemen. Alles verteld aan de hand van voorwerpen. Soms een beetje kitscherig misschien, als het over kleine zaken gaat. Kinderen en hun pop, bijvoorbeeld, maar soms ook keihard en confronterend.

Op mij maakte een afscheidsbriefje van een zelfmoordenaar erg veel indruk. Dat iemand zo precies en emotieloos kon verwoorden waarom, kwam hard binnen. Het zorgvuldige handschrift ook. Zulke musea zeggen soms meer over ons menselijk tekort dan welke grote kunstcollectie ook.’

Sporter: Serena Williams

Serena Williams Beeld Getty Images
Serena WilliamsBeeld Getty Images

‘Wat leuk, eindelijk vraagt iemand me eens naar sport. Ik heb vroeger alle sporten gedaan die je kunt bedenken en was ook best goed. Ik voetbalde graag en had allemaal gemene trucjes die me berucht maakten. Maar tennis vond ik het leukst, ook om naar te kijken.

Ik volg vooral het vrouwentennis met grote interesse. De nieuwe ster daar lijkt me Naomi Osaka uit Japan. Ze is pas 23 maar doet me erg denken aan mijn grote held: Serena Williams. Een echte force of nature. Geweldig hoe ze met haar zus Venus de hele tenniswereld opschudde. Ze wonnen alles en Serena blijft maar winnen. Ze is ook zeer uitgesproken over wat witte mannen die in tennis de dienst uitmaken moeilijke onderwerpen vinden. Onbevangen, een echte bad-ass performer zoals we dat in de rock-’n-roll zouden noemen.’

Sport: Free fighting

 Kamaru Usman, 2017. Beeld Zuffa LLC via Getty Images
Kamaru Usman, 2017.Beeld Zuffa LLC via Getty Images

‘Heerlijk vind ik dat. Voor de buis hangen en de Ultimate Fighting Championships volgen. Mijn held is Kamaru Usman, die een paar weken geleden nog een belangrijk kampioenschap won.

Dat ik extra op hem gesteld ben, heeft alles te maken met mijn vader. Die zat in de gevangenis met de vader van Kamaru en ze kwamen ongeveer op hetzelfde moment vrij. Iedere keer als Usman op tv was om een wedstrijd te vechten gingen mijn pa en zijn vader samen met andere gevangenen voor de tv zitten om hem hard aan te moedigen.

Wat ik zo mooi vind is dat ze dat ook deden als ik ’s avonds in een late-night show op tv te zien was. Dan schreeuwden diezelfde gevangenen mij toe, vertelde mijn vader me.

Zo is er toch een band tussen Kamaru Usman en mij, ook al hebben we elkaar nooit ontmoet. Onze vaders hebben ons in de bajes allebei hard aangemoedigd zonder dat we daar erg in hadden. Dat beeld krijg ik niet van mijn netvlies.’

CV Annie Clark

28 september 1982 geboren als Annie Erin Clark in Tulsa, Oklahoma.

1990 Verhuist na scheiding van haar ouders met haar moeder naar Dallas, Texas.

2000 Gaat als roadie mee met haar oom en tante die het succesvolle duo Tuck & Patti vormen.

2001 Studeert drie jaar lang aan de Berklee College of Music in Boston.

2003 Sluit zich aan bij het rock-zangkoor The Polyphonic Spree.

2006 Speelt gitaar in de tourband van Sufjan Stevens.

2007 Brengt als St. Vincent (genoemd naar een liedje van Nick Cave) met Marry Me haar eerste album uit.

2012 Maakt met David Byrne het album Love This Giant en gaat met hem op wereldtour.

2014 Vierde soloalbum St. Vincent. Wint in 2015 Grammy voor ‘beste alternatieve muziekalbum.’

2020 Zesde album Daddy’s Home verschijnt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden