Romana Vrede wint als eerste zwarte actrice belangrijkste toneelprijs Theo d'Or

Louis d'Or voor Hans Croiset

Zondagavond werden in de Amsterdamse Stadsschouwburg de belangrijkste toneelprijzen van Nederland uitgereikt. Na ruim zestig jaar werd geschiedenis geschreven.

'Ik kan geen revolutie ontketenen', dat zei Romana Vrede (44) in haar dankwoord na het ontvangen van de Theo d'Or, de belangrijkste Nederlandse toneelprijs voor de beste vrouwelijke hoofdrol van het seizoen. 'Ik ben geen activist, ik ben actrice.'

Maar vaststaat dat haar winst, als eerste zwarte actrice, gisteren in de Amsterdamse Stadsschouwburg, een mijlpaal is in de Nederlands theatergeschiedenis. En dan won Vrede ook nog eens voor haar rol in Race bij Het Nationale Theater, een voorstelling waarin racistisch ongemak en zwart-wit-vooroordelen tot op het bot worden ontleed.

De andere prijzen

VSCD Mimeprijs The Automated Sniper van Frascati Producties i.s.m. & Heit/Julian Hetzel.
Gouden Krekel voor indrukwekkendste jeugdproductie Liefde, van Maas Theater en Dans.
Gouden Krekel voor indrukwekkendste podiumprestatie Guy Corneille, voor zijn rol in The Basement, van De Dansers, Theater Strahl en Wies Merkx.
ACT (belangenorganisatie voor acteurs) Award Regisseur Mirjam Koen.

Zelf wilde ze in haar speech aan het onderwerp racisme niet te veel woorden vuil maken. De revolutie was al bezig, zei ze tegen een schouwburgzaal vol acteurs en theaterbobo's: 'We zitten hier samen en al doende leren we.' Maar ze maakte nog wel een vergelijking met de laatste keer dat ze een prijs kreeg: toen ze 10 jaar was, won ze met een kleurplaat een boottochtje over de Maas. 'Eén kaartje, dus ik moest alleen.' Voorlopig is ze nog alleen, maar zoals ze woensdag al zei bij De Wereld Draait Door: na dat ene schaap over de dam volgen er meer.

Naast de eerste zwarte vrouw stond de éminence grise van het toneel: Hans Croiset (81) kreeg de Louis d'Or voor beste mannelijke hoofdrol, voor zijn vertolking van een alzheimerpatiënt in De Vader, door Senf Theaterpartners. Croiset droeg de prijs op aan zijn moeder, actrice Jeanne Verstraete, die op 17 september werd geboren, en gisteren 105 zou zijn geweest.

Croiset hield een gepassioneerde speech over de kloof die is ontstaan tussen toneel en publiek, en hoe een productie als De Vader, waarvoor hij werd bekroond, die wellicht kan overbruggen. Croiset speelt daarin een Alzheimer-patiënt, en vertelde dat hij na een voorstelling stevig werd aangesproken door een vrouw uit het publiek. 'Ik ben dement. Goed gedaan, jochie.' Ook pleitte hij ervoor het Nederlands Theaterfestival ruimer te subsidiëren - 'twee weken uitverkochte zalen!' En hij besloot met: 'Leve het theater!'

Geestige driedubbelrol

Bijrolprijzen Colombina en Arlecchino gingen naar Lotte Dunselman voor haar geestige driedubbelrol in Volpone van Dood Paard en Maarten Heijmans voor zijn hartverscheurende vertolking van stervende aidspatiënt in Ibsen Huis van Toneelgroep Amsterdam. Dunselman prees Dood Paard, waarbij ze kwam te werken nadat het gezelschap zijn subsidie verloor. Hun voorstelling, Volpone, was het enige mogelijke antwoord daarop, zei ze. Heijmans hield een geestig vilein dankwoord, waarin hij vrijwel alle medespelers van Ibsen Huis uitvoerig bedankte, behalve Aus Greidanus jr., 'want met hem had ik nauwelijks scènes. Dus fuck hem.'

Directeur Ivo van Hove van Toneelgroep Amsterdam reikte de regieprijs uit aan collectief De Warme Winkel, voor hun Pina Bausch-ode De Warme Winkel speelt De Warme Winkel. Bescheiden stelde de ster-regisseur dat het onzin is te beweren dat een voorstelling staat of valt met één man, of vrouw. En Marcus Azzini, die de gala-avond ook regisseerde, reikte de Prosceniumprijs, voor een wezenlijke bijdrage aan het theater achter de schermen, uit aan zijn goede vriend, decorontwerper Theun Mosk.

Azzini creëerde in de schouwburg een puntgaaf prijzenfestijn, waarin, na de vrolijke camp van voorgaande jaren, glamour en kwaliteit voorop stonden. Met onder meer een indrukwekkend, hevig elektronisch versterkt 'Au Suivant' van Jacques Brel, gezongen door Wende Snijders, en een geestig babbelintermezzo van acteurs Vincent van der Valk en Teun Luijckx. In een knipoog naar de vroegere camp liet Azzini een vijftigkoppig homoseksueel mannenkoor Katy Perry's 'I kissed a girl and I liked it' zingen. Maar Romana Vrede stal de show, door na haar bekroning een euforische vreugdedans op toneel weg te geven. Na afloop: 'Ik wilde er niet af! Typisch, hè? Actrice.' (HW)

Romana Vrede

Theo d'Or

Theo d'Or 2017: Romana Vrede

voor Race
van David Mamet
door Het Nationale Theater
regie Eric de Vroedt

Volkomen op haar gemak en jaloersmakend autonoom zat ze daar, afgelopen woensdag in het strakke format van De Wereld Draait Door: Romana Vrede, de eerste zwarte actrice die was genomineerd voor een Theo d'Or.
 
Natuurlijk wilde ze die hoofdprijs winnen. Wie niet, zei ze. Ze zei ook dat ze zich ondanks alle feestvreugde wat ongemakkelijk voelde met deze nominatie. Het was alsof nu alle aandacht uitging naar de goochelaar en niet naar de truc. Dat snapte men aan tafel niet zo goed.
 
Wat Vrede bedoelde: als actrice, als persoon, staat ze ten dienste van haar personage. Het draait om de rol, niet om haar. Aan de andere kant: zonder de actrice is er natuurlijk ook geen rol, laat staan een theatervoorstelling en al helemaal geen prijs.

Intussen weten we het: zondagavond won Romana Vrede (44) als eerste zwarte actrice de Theo d'Or voor de beste vrouwelijke hoofdrol van het afgelopen seizoen. Waarom moet de toevoeging zwart hier bij? Omdat het een mijlpaal is in de Nederlandse theatergeschiedenis, en duidt op een omissie in de nog altijd overwegend witte theatersector. Dit moment markeert een omslag, nu ook de grote podia van het Nederlandse theater meer kleur en diversiteit beginnen te vertonen.

'Iedereen vraagt er voortdurend naar, hoe het is als eerste zwarte actrice genomineerd te worden. Ik ben me nog nooit zo bewust geweest van mijn kleur als nu', zei ze zelf onlangs in een interview in het V Zomer Magazine van deze krant. Waaraan ze toevoegde dat ze zichzelf niet als boegbeeld of activist ziet in de zwart-witdiscussie, maar het liefst actievoert in het repetitielokaal, en met een voorstelling als Race. 'Het theater is mijn strijdtoneel, daar laat ik mijn stem horen en mijn lichaam zien.'

Stem en lichaam: we hebben het inderdaad gezien, afgelopen seizoen. In Race van David Mamet speelde Vrede een stagiaire op een Amerikaans advocatenkantoor waarin op het scherp van de snede onderwerpen als racisme en seksisme aan de orde kwamen, in Mamets bekende virtuoze dialoogstijl.

Misschien nog wel beter en heftiger, want diverser, was Vredes acteren in The Nation, ook van Het Nationale Theater, een nieuw theaterfeuilleton over het wel en vooral wee in de Haagse Schilderswijk. Ze speelt daarin de moeder van een verdwenen jongetje om wie alles draait, en kan in die rol heel veel schakeringen van haar talent laten zien.

Dat talent is vooral expressief: haar stemgebruik, het inzetten van haar krachtige lichaam, die ogen die spreken, haar taal die kan klinken als een donderwolk maar ook angstaanjagende hoogten kan bereiken. Ja, in The Nation zet ze lichaam, ziel en hoofd volledig in. In het Nederlandse theaterklimaat zijn een licht-ironische en soms ook commentariërende vorm van acteren lange tijd toonaangevend geweest. Vrede voegt daar een eigenzinnig gestileerde hartstocht aan toe. En dat is een verrijking.

De komende jaren bouwt ze in Den Haag verder aan haar carrière. Bijzonder is dat na The Nation haar volgende grote productie de Oresteia zal zijn, een Griekse tragedietrilogie over moord en wraak. Theu Boermans zal haar dan regisseren en een van haar tegenspelers is Hans Croiset (81). De Theo en de Louis d'Or 2017 samen in één productie - de een al redelijk oud, de ander betrekkelijk jong, de een wit, de ander zwart. Om naar uit te kijken. (HJ)

Hans Croiset

Louis d'Or

Hans Croiset speelt als André een koningsrol in De Vader. Tot op de millimeter perfect geacteerd, toont Croiset vol overtuiging zijn geweldige vakmanschap. Lichtvoetig neemt hij de toeschouwers mee in de wereld van hellende waarheden en verdwijnende realiteiten waar een dementerende oudere in verzeild kan raken.' 

Louis d'Or 2017: Hans Croiset

voor De Vader
van Florian Zeller
door Senf Theaterpartners
regie Gijs de Lange.

Aldus het VSCD-juryrapport over acteur Hans Croiset, winnaar van de Louis d'Or. De jury heeft gelijk: zelden is een tragisch hoofdpersonage zo lichtvoetig gespeeld als Croiset doet in dit stuk van de Franse theaterauteur Florian Zeller. Hij is koning en kind tegelijk, op de wankelende bodem van zijn bestaan.

De Vader gaat over een oude man die aan alzheimer lijdt en inwoont bij zijn dochter. De kracht van het stuk is dat het vanuit 's mans steeds verwarder wordende gedachten is geschreven, inclusief onwaarschijnlijkheden en omdraaiingen die later toch weer lijken te kloppen.

Daarbinnen acteert Croiset heel erg goed, met een vervaarlijke souplesse en vol verwondering over wat er om hem heen gebeurt. Als publiek houd je je adem vast, en voel je ten slotte op niet-sentimentele wijze mee met deze man, die in ons allemaal zit.

Het kan niet anders of deze bekroning voor Croiset - in 1980 won hij ook al een Louis d'Or - is een beetje bedoeld voor zijn hele carrière, waarin hij niet alleen als acteur maar ook als artistiek leider (van onder meer Publiekstheater, Het Nationale Toneel en Het Toneel Speelt) van grote waarde voor het Nederlandse theater is geweest. Bovendien: waar oudere toneelspelers nogal eens teruggrijpen naar het verleden, staat Croiset met beide benen in deze tijd. Hij maakt zich druk, mengt zich in discussies, volgt de nieuwe generatie op de voet. En doet op Facebook geestig en leerzaam verslag van zijn belevenissen als rondreizend artiest.

Zelf is hij bescheiden over zijn kwaliteiten als acteur, een bescheidenheid die hij - terecht - minder heeft als het over zijn artistieke leiderschap gaat. Maar hij is onmiskenbaar ook groot acteur, die het spelen niet kan laten. Ooit was hij een getormenteerde King Lear en een prachtig lucide Professor Bernhardi van Schnitzler, beide bij het Nationale Toneel. Oudere mannen in de war, tevergeefs vechtend voor hun bestaansrecht. Dat hij in De Vader nu bijna kaal en zonder acteergeweld tot de kern van het menselijk tekort is doorgedrongen, heeft ongetwijfeld geleid tot deze nieuwe, fraaie kroon op zijn noeste arbeid. (HJ)

Lotte Dunselman

Colombina

Moeiteloos en razendsnel schakelt Lotte Dunselman in Volpone tussen drie rollen. Als de gewetenloze gierigaard Corbaccio trekt ze krom en schuifelt rochelend en fluimend over toneel, weerzinwekkend en geestig. In de rol van diens rechtschapen zoon Bonario recht ze haar rug en verheft ze haar stem, en draagt ze een honkbaljack met zijn naam erop. Speelt ze Celia, de mooiste vrouw van Venetië, overgeleverd aan haar echtgenoot Corvino, dan gaat dat jack open, ontbloot ze haar schouders en steekt ze haar borsten vooruit. 

Colombina 2017: Lotte Dunselman

voor Volpone
van Ben Jonson
door Dood Paard

Met haar gestileerde chaos evenaart ze moeiteloos het luchtige, lucide spel van de Dood Paard-collega's. Dunselman is een getalenteerd actrice die een beetje onder de radar is gebleven, al speelde ze eerder mooie rollen bij NTGent, de Toneelschuur en Het Zuidelijk Toneel. Ze manifesteert zich vooral met haar eigen gezelschap TgEcho (samen met Anna Schoen) met tegendraads, vervreemdend, sterk vormgedreven teksttoneel dat aanschurkt tegen de mime. Haar speelstijl is lichamelijk, onbeschaamd en rauw, maar met een bedachtzaam kantje. In Volpone is ze verrassend vrijpostig en fijngevoelig tegelijk.

De VSCD-jury noemt haar een droogkomisch talent en een 'mimische alleskunner' en roemt haar haast 'over the top' fysieke speelstijl. 'Als een ideale middenvelder houdt zij het spel in beweging, met haar zintuiglijkheid brengt ze een chemische reactie op gang en toont zij zich in dit stuk de magische drijvende kracht.' (HW)

Maarten Heijmans

Arlecchino

Hij is maar een van de vele schakels in Ibsen Huis, de caleidoscopische, groots gemonteerde familietragedie van regisseur Simon Stone bij Toneelgroep Amsterdam. Maar wel een opvallende, afwijkende schakel. Bij hem breekt de generatieketen, hij is de zoon die uit de stamboom stapt. Moe, ziek, zijn lichaam geruïneerd door aids, vraagt Sebastiaan zijn moeder (Maria Kraakman) het ondenkbare te doen. Het is een van de mooiste scènes: de moeder die hem het leven gaf, en hem dat nu, uit mededogen, weer afneemt.

Arlecchino 2017: Maarten Heijmans

voor Ibsen Huis
naar Henrik Ibsen
door Toneelgroep Amsterdam
regie Simon Stone

Heijmans toont in deze hartroerende rol nieuwe diepten in zijn spel. We kenden hem al als charmante bon bivant (in de tv-serie Ramses), als gedoemde virtuoos Vaslav, expressief tot in zijn tenen en als fluwelen verleider in de titelrol in de musical De Gelaarsde Poes bij het Ro Theater, waar hij voluit kon schmieren en uitpakken. Heijmans loopt met zijn fraaie uiterlijk (de groene kattenogen, het zwart-grijze golvende haar) het risico een beetje de 'mooiboy' te blijven; gelukkig kiest hij zijn rollen daar dwars tegenin.

Maar zo wanhopig, kapot en kwetsbaar als in de rol van Sebastiaan zagen we hem niet eerder. Het rusteloze lijf, de obsessieve blik, zijn fysieke pijn haast voelbaar. De jury schrijft: 'De opstandigheid, het cynisme, de troost die hij put uit de muziek, de hunkering naar (moeder)liefde - het zit allemaal in zijn spel. Zo creëert hij een personage dat zich op een mooie, eigen manier onderscheidt van de rest, waarachtig, breekbaar en oprecht, en heel tragisch.' (HW)