'Ik kan niet helpen dat ik in België leef'

Het liefst zou hij in een normaal land als een normale politicus aan politiek doen. Maar in de ogen van Bart De Wever is België geen normaal land.

In de Belgische politiek is hij een grote naam, maar met welke Nederlandse politicus zou je de Vlaams-nationalistische partijvoorzitter Bart De Wever kunnen vergelijken? Met Pim Fortuyn, oppert de interviewer, of misschien met Rita Verdonk? De Wever steigert. 'Ik woon in een land dat gespleten is, waar een heel ander soort nationalisme leeft dan dat van Fortuyn of Verdonk.'

De Wever was gisteren hoofdgast in het debatprogramma 'Volkskrant op Zondag', in de Rode Hoed in Amsterdam. Zijn bezoek aan Nederland is uitzonderlijk. Op 25 mei vinden in België cruciale verkiezingen plaats, en als burgemeester van Antwerpen, partijvoorzitter én kandidaat-premier heeft De Wever zijn bordje vol. Zo vol dat hij zelfs geen interviews geeft aan buitenlandse kranten.

Dat hij wel naar Amsterdam komt, is in de eerste plaats een vriendendienst aan de europarlementair Derk-Jan Eppink (VVD) en de oud-politicus Frits Bolkestein (VVD), mede te gast in het debatprogramma. De Wever wil de buurlanden er ook van overtuigen dat zijn partij, zoals hij vorige week in het Vlaamse weekblad Knack zei, geen 'bende malloten' is, maar 'een legitiem politiek project'.

'Moest ik in Nederland aan politiek doen, dan was ik allicht een VVD'er of een CDA'er', zegt hij. 'Ik zit daar ergens tussen, op maatschappelijk en socio-economisch vlak. Ik zou niet liever willen dan een normaal land, waar ik als normaal politicus aan politiek zou kunnen doen. Ik kan het ook niet helpen dat ik in België leef.'

Een eigen taal
In de ogen van De Wever is België geen normaal land, waardoor een Vlaams politicus vanzelf nationalistisch wordt. 'België is een optelsom van twee democratieën, met aparte partijen, een eigen taal, eigen media en een eigen publieke opinie. Wat maakt dat je na de verkiezingen twee landen moet optellen, en dat je nooit krijgt waarvoor je hebt gekozen.'

De Wever (43) is in België meer dan een politicus, hij is een fenomeen. Onder zijn voorzitterschap groeide de Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA) in amper zeven jaar uit van onbenullig splinterpartijtje tot grootste partij van België. De N-VA teert op het Vlaamse ongenoegen over hoge belastingen en geldtransfers naar Wallonië, en doet de Belgische structuur geregeld op zijn grondvesten daveren.

Het succes van de N-VA is voor een stuk gelieerd aan De Wevers persoonlijkheid. De historicus, die alles weet van Romeinse keizers en vaak uitpakt met Latijnse spreuken, staat bekend om zijn scherpe retoriek en gevatte humor. In de populaire tv-quiz De Slimste Mens ontpopte hij zich tot publiekslieveling. Ook in Amsterdam duurt het geen twee minuten voor hij de zaal aan het lachen krijgt.

Hoe succesvol ook, veel heeft De Wever nog niet kunnen bewerkstelligen. Al werd zijn N-VA in 2010 de grootste partij, ze wist geen compromis te sluiten met de andere partijen. Het leidde tot een regeringsformatie van 541 dagen, en een afstraffing van België op de financiële markten. De traditionele partijen leggen de schuld daarvoor bij de Vlaams-nationalisten.

Transformatie
Sindsdien heeft De Wever wel een grote transformatie ondergaan, zowel fysiek als inhoudelijk. De voorheen zwaar obese politicus verloor 60 kilo door te sporten en te diëten, en verruilde tegelijk het separatisme voor een zachter confederalisme, waarbij Vlaanderen en Wallonië een los samenwerkingsverband blijven vormen.

Vooral verlegde de partijleider de focus van het communautaire naar het socio-economische debat. In de campagne voor 25 mei rept De Wever amper over een staatshervorming en des te meer over besparingen, pensioenhervormingen en lagere belastingen. Zijn nieuwe slogan luidt: 'Show me the money.'

Die economische invalshoek lijkt te werken. In de peilingen is de N-VA opnieuw de grootste, dit keer met ruim 30 procent. Belgische deskundigen waarschuwen voor een 'overwinningsnederlaag': als de N-VA slechts lichtjes vooruitgaat, zullen de andere partijen er alles aan doen om De Wever buitenspel te plaatsen. Dan kan het weer een erg moeilijke regeringsformatie worden.

De Wever laat daarover geen ongerustheid merken. Hij rekent erop dat de Parti Socialiste, de Franstalige socialisten, flink moeten inleveren. Dan kan hij misschien een centrum-rechtse regering vormen, zonder meerderheid aan Franstalige zijde. 'Als dat kan, dan kan die regeringsformatie buitengewoon snel gaan.'

Of hij dan ook premier van België wordt, daar wil hij uit tactische overwegingen niet op antwoorden. Met een kwinkslag: 'Ongeveer het allerergste wat je in België kan overkomen, is de verkiezingen winnen. Het tweede ergste is premier worden. Het adres van de Belgische premier is de Wetstraat 16. Het huisnummer is een indicatie van het percentage dat je nog haalt als je daar weer naar buiten komt.'