Verdwijnt de es uit het Nederlandse landschap? Aziatische schimmel bedreigt tot 98 procent van de bomen
© Raymond Rutting / de Volkskrant

Verdwijnt de es uit het Nederlandse landschap? Aziatische schimmel bedreigt tot 98 procent van de bomen

Staatsbosbeheer verwacht 10 tot 20 miljoen euro kwijt te zijn aan kap en plaatsing van nieuwe bomen

Het vals essenvlieskelkje waart door de Nederlandse bossen en legt in het zwartste scenario 98 procent van alle essen om. De uit Azië overgewaaide schimmel grijpt zo wild om zich heen, dat bosbeheerders in allerijl het komende jaar zieke bomen langs paden en wegen kappen die anders zelf dood neer dreigen te vallen.

Als volgend jaar het ergste gevaar voor passanten is geweken, moet duidelijk zijn of inderdaad vrijwel alle van de ruim 10 miljoen essen in Nederland de komende jaren aan de kettingzaag moeten geloven. Inmiddels is zeker 80 procent van de bomen van Staatsbosbeheer, de organisatie met de grootste essenpopulatie op zijn land, in meer of mindere mate is aangetast door de essentakziekte.

In de grootste probleemgebieden - Flevoland, Groningen en Zuid-Holland - zijn al veel bomen omgevallen of gekapt. In Gelderland is het probleem ook aanzienlijk; volgende week begint Staatsbosbeheer met kappen in de Achterhoek, maar ook rond Amsterdam.

Op pad met boswachter Breeveld

Lang hoeft boswachter Hans Breeveld (57) er niet naar te zoeken. Vanuit het kantoor van Staatsbosbeheer in Zeewolde neemt hij de eerste afslag naar links, de Flediteweg. Na een kilometer zet hij de groene terreinwagen stil en wijst naar de linkerkant van de weg waar een bosje staat met bomen zo kaal als de masten van de windmolens in de verte. Zo, zegt Breeveld, ziet een bos met essen eruit als de essentaksterfte heeft toegeslagen. (+)

Op veel plaatsen breekt de monocultuur beheerders nu op; de helft van de zieke bomen van Staatsbosbeheer staat in bossen die bijna volledig bestaan uit essen. Dit leidt daar tot een enorme kaalslag. Natuurmonumenten heeft dit probleem minder. De stichting beheert vooral natuurlijke, gemengde bossen en laat de essen daar doodgaan tussen de andere soorten.

Via Polen en de Baltische staten arriveerde het Aziatische vals essenvlieskelkje - of: Hymenoscyphus fraxineus - rond 2007 in Nederland. Het duurde tot 2010 voordat in het noorden van het land grote delen bos werden aangetast. In 2016 brak de huidige, veel grotere, epidemie uit. Onderzoekers weten niet waarom hier een paar jaar overheen is gegaan. Ook in Duitsland, België en Frankrijk hebben essen grote last van de schimmel.

Tegen de verspreiding van de essentakziekte is niets te doen

Verspreiding

In tegenstelling tot de uitroeibare kever die in de jaren twintig en zeventig van de vorige eeuw de iepenziekte verspreidde, valt tegen de verspreiding van de essentakziekte niets te doen. De schimmel vormt sporen in kleine paddenstoeltjes op afgevallen bladstelen van zieke essen. Die sporen waaien met de wind mee en landen op het blad van gezonde essen en infecteren die. De schimmel kan vervolgens via de tak doorgroeien naar de stam. Door de interactie met de schimmel raakt de sapstroom in de boom verstoord en sterven geïnfecteerde delen af. Met name bomen onder de 40 jaar oud zijn kwetsbaar. Eenmaal aangetast zijn de bomen ook vatbaarder voor bijvoorbeeld de honingzwam.

Staatsbosbeheer verwacht 10 tot 20 miljoen euro kwijt te zijn voor de kap en het plaatsen van nieuwe bomen. De organisatie beheert eenderde van alle essen in Nederlandse bossen, waardoor de totale kosten voor bosbeheerders kunnen oplopen tot 60 miljoen euro. Dit is nog exclusief het verlies aan opbrengsten van het essenhout, dat onder meer wordt gebruikt voor gereedschapsstelen en speeltoestellen.

Met name in Utrecht (24 duizend essen) is het probleem aanzienlijk

En dan zijn er ook nog de steden, waar de es een graag geziene soort is in parken en lanen. Met name in Utrecht (24 duizend essen) is het probleem aanzienlijk. Voor de komende vijf jaar is 5 miljoen euro vrijgemaakt om ze te monitoren en waar nodig te kappen. De stad houdt rekening met een extra kostenpost van 20 miljoen euro voor de komende twintig jaar.

Dat na de kaalslag de es over een paar jaar helemaal is verdwenen, dat geloven de bomenexperts niet. Europese schattingen van overlevingspercentages lopen uiteen van 2 tot 30 procent. 'Hij gaat zeldzaam worden, dat wel', zegt boomonderzoeker Jelle Hiemstra van Wageningen University & Research. 'Het is heel drastisch wat nu gebeurt, een hele populatie stort gewoon in', zegt Paul Copini van het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland. 'Toch ben ik er zeker van dat veel meer dan 2 procent zal overleven.' Harrie Hekhuis, hoofd beheer en productie bij Staatsbosbeheer, verwacht dat 10 procent standhoudt.

Samen proberen ze eigenhandig de boomsoort te redden. Door sterkere bomen veilig te stellen, moet een beter - misschien wel resistent - ras overblijven, zodat over een paar decennia bosbeheerders de es weer durven aan te planten en er een nieuwe populatie kan ontstaan. Zoals het ook ging met de iep, die na de epidemie van de jaren zeventig pas sinds begin van de eeuw aan een comeback bezig is.

Want de es gewoon maar opgeven, dat nooit. 'Tientallen organismen zijn afhankelijk van deze boom', zegt Copini. 'Bepaalde mossen en insecten hebber er nu al last van.' Hiemstra heeft nog een esthetisch bezwaar. 'Het is een inheemse boom, die thuishoort in het Nederlandse landschap', zegt hij. 'We zijn er met zijn allen te veel aan gehecht.'

Aantal hectare essenbos per provincie
Nederland heeft totaal ruim 13 duizend hectare oppervlakte essenbos