Staatssecretaris Martin van Rijn van Volksgezondheid.
Staatssecretaris Martin van Rijn van Volksgezondheid. © ANP

Van Rijn oppert onderzoek naar falen artsen bij stervensbegeleiding

Als ook uit het officiële rapport van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) blijkt dat artsen en verpleegkundigen tekort schieten bij het toepassen van palliatieve sedatie, zal staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid) een vervolgonderzoek inlassen. Dat zei hij dinsdag in de Tweede Kamer.

Als er een onderzoek komt zal Van Rijn de Inspectie voor de Gezondheidszorg vragen het uit te voeren.

Dinsdag berichtte de Volkskrant op basis van conclusies van het IKNL dat er in de praktijk nogal eens wat mis gaat met palliatieve sedatie. Zo blijkt uit een rondgang dat artsen vaak te vroeg beginnen met de behandeling; dit mag pas als iemand nog maximaal twee weken te leven heeft. Ook wordt sedatie gebruikt als verkapte euthanasie, voelen artsen zich door families onder druk gezet, en worden mensen thuis te veel alleen gelaten.

Van Rijn zei in het vragenuurtje in de Kamer verbaasd te zijn over de conclusies van het IKNL. Volgens de bewindsman waren de resultaten 'tot nu toe erg positief' en was er sprake van 'een groeiende kennis van artsen' over palliatieve sedatie. Hij noemde het 'een nieuw signaal' dat hij 'zeer serieus' neemt.

De staatssecretaris beloofde te kijken of kennisverbetering nodig is, maar wil eerst het officiële rapport van de IKNL afwachten. Dat moet in januari verschijnen. Ook benadrukte hij dat er al overleg plaatsvindt met artsenverenigingen. Die moeten hun leden nog eens wijzen op de richtlijnen rondom stervensbegeleiding.