Directeur Taalunie: 'Hun hebben' is taalkundig gezien zelfs een verbetering

'Taal verandert voortdurend, gelukkig maar'

De Taalunie is er niet om voor te schrijven wat je wel en niet kunt zeggen, zegt de nieuwe directeur Hans Bennis. Taal verandert voortdurend, en gelukkig maar.

'Het is wonderlijk dat ik op deze plek zit', zegt Hans Bennis (65), sinds enkele weken de hoofdbewoner van de kamer van de algemeen secretaris (directeur) van de Taalunie in Den Haag. Het wonderlijke zit hem in het feit dat hij op zijn leeftijd nog een voltijdbaan ambieert bij een instelling die enkele jaren in een diepe crisis heeft verkeerd. Na achttien jaar directeur te zijn geweest van het Meertens Instituut in Amsterdam, het documentatie- en onderzoekscentrum voor de Nederlandse taal en (volks-) cultuur, zag hij voor zichzelf hooguit nog een toekomst weggelegd als taalkundig onderzoeker.