Dat zegt de Utrechtse historicus Maarten van Rossem in de gesproken column van het Volkskrant Kennis-Café van februari. De column in het maandelijkse café in Utrecht is vanaf vandaag als podcast ( abonneren met iTunes) beschikbaar op de website van de Volkskrant. Van Rossem is daar vaste spreker.
In de discussie van maandag was biobrandstoffen het onderwerp. Zulke brandstoffen, gewonnen uit planten, zijn in theorie klimaatneutraal, omdat ze evenveel kooldioxide vastleggen als bij gebruik loslaten.
Deskundigen benadrukten maandag dat de eerste generaties biobrandstoffen, zoals de Braziliaanse bioethanol uit suiker, desastreuze gevolgen voor de natuur en de voedselproductie kunnen hebben. Volgens actiegroepen als Milieudefensie kan de energiebalans daarbij zelfs negatief uitpakken. Ook zijn er ernstige twijfels over de manier waarop kleine boeren bij overschakelen op biobrandstof eruit springen.
Palmolieplantages in Indonesië, bijvoorbeeld, worden aangelegd op voormalige veengebieden die voortdurend moeten worden drooggemalen. Bovendien komt er veel methaan uit vrij, een ander broeikasgas.
Volgens deskundigen kan het inzetten op zogeheten tweede-generatie biobrandstoffen twijfels over de duurzaamheid wegnemen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van afvalstromen uit de landbouw, die nu goeddeels onbenut blijven. Biobrandstoffen van de tweede generatie zijn nog goeddeels in een experimenteel stadium.
In Nederland is met ingang van dit jaar bijmenging van 2 procent biobrandstof in de transportbrandstoffen verplicht. Diverse Nederlandse fabrikanten en investeerders werken aan nieuwe installaties om aan de vraag te voldoen. Afnemers van olie in de voedingssector merken nu al een verhoogde concurrentie uit de brandstofsector.
Volgens columnist Van Rossem zou het aanmerkelijk meer zoden aan de dijk zetten als Nederlanders hun energieverbruik zouden halveren. ‘Dat kan gemakkelijk. Hou op met al dat vliegen naar die Turkse zuidkust. Ga op de fiets naar Bennekom, naar pension Dennenrust, en fiets na drie weken weer terug. Dat deden uw grootouders ook.’