Onderzoekers. (Deze personen komen niet voor in het artikel).
Onderzoekers. (Deze personen komen niet voor in het artikel). © Harry Cock, de Volkskrant

'Geen seksisme bij toewijzing onderzoeksbeurzen'

Seksediscriminatie speelt een grote rol bij de toekenning van onderzoeksbeurzen, bleek uit een studie eerder dit jaar. Een nieuwe publicatie stelt: die discriminatie is niet aantoonbaar.

Vrouwen worden niet aantoonbaar achtergesteld bij het toekennen van onderzoeksbeurzen bij wetenschapsfinancier NWO, in elk geval in de sociale wetenschappen. Dit concluderen twee Amsterdamse sociologen na een gedetailleerde statistische analyse van NWO-cijfers voor acht jaar beurstoekenningen in hun vak.

In het Amerikaanse tijdschrift PNAS schrijven UvA-socioloog prof. Beate Volker en criminoloog Wouter Steenbeek dat er geen enkele indicatie is dat sekse een rol speelt in de kans op een wetenschapsbeurs. Ze gaan hiermee lijnrecht in tegen een recente studie van de Leids-Utrechtse sociaal-psycholoog en Spinozaprijswinnaar prof. Naomi Ellemers, die leek aan te tonen dat vrouwen bij gelijke kwaliteit worden achtergesteld in de uiteindelijke toekenningen door commissies en jury's.

Mogelijk is die er, en zeker als vrouw wil ik weten hoe het zit. Maar statistisch hebben wij het niet kunnen aantonen

Beate Volker

Dat zou met name in de sociale- en geesteswetenschappen zo zijn, aldus Ellemers destijds. NWO meldde daarop eventuele discriminatie te willen tegengaan. Rond 17 procent van de hoogleraren in Nederland is vrouw, veel minder dan in vrijwel alle andere Europese landen. Volgens Volker doet NWO er goed aan geen beleidsbesluiten te nemen zolang onduidelijk is of er echt sprake is van achterstelling. 'Mogelijk is die er, en zeker als vrouw wil ik weten hoe het zit. Maar statistisch hebben wij het niet kunnen aantonen.'

Al bij verschijnen kreeg de alarmerende analyse van Ellemers veel kritiek van statistici, omdat de gevonden effecten niet of nauwelijks significant waren. De nieuwe Amsterdamse studie keek in een kleiner vakgebied over een langere periode (2006-2013) naar de slaagpercentages van kandidaten voor meerdere NWO-onderzoeksbeurzen binnen de sociale wetenschappen. Ellemers bekeek alle vakgebieden, in 2010-2013, en één NWO-beurs, de Veni.

Anders dan bij Ellemers is in de nieuwe studie ook naar onderliggende verschillen tussen kandidaten gekeken, van hun specialisme tot het instituut waar ze werken. Het blijkt dat die onderliggende factoren veel beter de verschillen in succes verklaren dan het geslacht van een aanvrager. Deze zogeheten Simpson-paradox - een afgeleid kenmerk wordt aangezien voor de oorzaak van een verschil - komt in de sociale analyse vaak voor, aldus Volker.

In het dinsdag verschenen nummer van PNAS wijzen Ellemers en haar co-auteur Romy van der Lee de kritiek van de hand. Zij houden vol dat met name in vakgebieden waar relatief veel vrouwen aanvragen doen, mannen in elke stap van de beoordeling aantoonbaar meer succes hebben. Dat verschil, zeggen ze, kan daarom niet te maken hebben met andere, verborgen factoren.

De kans op een NWO-toekenning is hoe dan ook maar 10 tot 20 procent.