Een gedicht is een openbaar geheim, een manier om iets niet te begrijpen, en het toch te zeggen. Je kunt het niet oplossen als een rebus. In heldere verzen wordt de wereld niet ontraadseld, maar wat we kennen wordt geheim gemaakt, 'mysterieus wat we zien; aanwezig wat we missen'.
Een gedicht kan het niet in andere woorden zeggen dan die waaruit het bestaat, schrijft Willem Jan Otten, die zichzelf in zijn essaybundel Onze Lieve Vrouwe van de Schemering voor de ingewikkelde taak heeft gesteld door hardop te denken naar woorden te zoeken die, hoewel niet in dichtvorm, niettemin de dichterlijke attitude trachten te verklaren. Die een ontvankelijkheid willen kweken, of aanwakkeren, voor het verstaan van 'poëzie, film en geloof', want in zijn benadering is er geen harde scheidslijn tussen kunst en geloof aan te brengen.
Het geloof als openbaar geheim is 'aanstootgevend' geworden, aldus Otten, omdat de huidige wereld antisacraal is, symboolarm, positivistisch, de schaamte niet honoreert, en meent 'dat de tijd alleen maar in één richting verstrijkt'.
Daar kun je het nodige tegen in brengen, zoals ook Ottens samenvatting van het wereldbeeld van W.F. Hermans ('het paranoïserende van het sadistisch universum aantonen met behulp van een schrijfwijze die alleen maar registreert, op het paranoïde af') niet dekkend is, en bovendien een tegenspraak bevat ('alleen maar registreren' veronderstelt een zakelijkheid die niet strookt met 'op het paranoïde af') die de essayist, wiens zorgvuldigheid ten aan zien van zijn voorkeuren voorbeeldig is, niet lijkt te zien. Of te willen zien.
Want op willen komt het aan, daarvan weet hij de lezer te overtuigen in zijn beeldende betogen over door hem geliefde dichters als Chris J. van Geel, Ida Gerhardt, Willem de Mérode en filmers als Tarkovski, Bresson en Bergman. In film, anders dan in een roman, is duur letterlijk, wat er gebeurt krijgen we te zien - maar film kan ook onbestaanbaarheden werkzaam maken, in het hoofd van de toeschouwer, we kunnen personages binnen gaan, zien wat zij beseffen, er zijn wendingen en overgangen mogelijk tussen het bestaande en het denkbare.
Als je er maar in wilt geloven, voor de duur van de lectuur of het kijken. Dan kan zelfs die logge tijd een loer worden gedraaid, en worden herinneringen weer tastbaar, en doden zijn dan toch in staat te verrijzen. Dood is dan niet dood. In Ottens denktrant is ook geloven een kwestie van willen, eerder misschien een verlangen naar geloven dan het geloof zelf.
Ook daar zal, vanuit orthodox-religieuze hoek, tegen geageerd kunnen worden - waar het hier om gaat, is dat Ottens fundamentalisme de zoektocht is, bij verhalen zonder wendingen heeft hij niets te halen, en dat het zoeken hem vrijheid geeft. Dat maakt de noemer 'poëzie, film, geloof' (het had even goed 'toneel, schilderijen en geloof' kunnen zijn, want over Vondel en Barnett Newman schrijft hij ook, en met grote kennis van zaken) een allerminst leerstellige Drievuldigheid, maar wel wordt inzichtelijk op welke wijze ze samenhangen en in elkaar overgaan - want ook film kent rijm en metaforen, nog gezwegen van de bijbelse gelijkenissen.
Weten schrikt hem af. Dat is het terrein van de feiten. Tekenend is Ottens neerslachtigheid als hij in een column van neerlandica Marita Mathijsen leest dat ze met haar literatuurgeschiedenis de lezer wil bedienen die 'behoefte heeft aan zekere thema's, en door de literator op z'n wenken wordt bediend'. De lezer die boeken bestelt, dat is Otten een gruwel, want met die benadering wordt 'het boek dat inbreekt (in zijn epoche, in de lezer) onmogelijk gemaakt. Kennelijk kent Mathijsen die ervaring niet - van door een roman of een gedicht aan het wankelen gebracht te worden'.
Dat is dus eerder lósraken van weten-hoe-het-zit, dan eindelijk begrijpen. 'Dan kunnen we ons wel ophangen', spreekt Otten namens de kunstenaars, en dat de zachtmoedige scribent tot deze drastische formulering overgaat, wil zeggen hoe zeer hem dit aan het hart gaat.
De lezer die op zijn wenken wordt bediend, vindt een bevestiging. Terwijl het hele lezersavontuur eruit bestaat op een essentiële manier niet op je wenken bediend te worden. 'Mensen willen alles, behalve tragedie'. Daar komen we achter door gedichten, toneelstukken, romans, films en schilderijen te 'lezen', die ons erop wijzen dat het paradijs een herinnering is, iets wat we blijvend missen. Maar het verlangen blijft. Zo is de mens. Ik ben geneigd Otten te geloven.
'Wanneer ben ik begonnen met te beseffen dat ik besta?' Met deze vraag begint dit aanstekelijke boek van Librisprijs-winnaar Willem Jan Otten, waarin het bewustzijn zich in een flink aantal genres uit - herinneren, bidden (of dat proberen), poëzie lezen of schrijven, vergeten, verhalen vertellen, lesgeven, roerloos in een kamer zitten terwijl het...
'Wanneer ben ik begonnen met te beseffen dat ik besta?' Met deze vraag begint dit aanstekelijke boek van Librisprijs-winnaar Willem Jan Otten, waarin het bewustzijn zich in een flink aantal genres uit - herinneren, bidden (of dat proberen), poëzie lezen of schrijven, vergeten, verhalen vertellen, lesgeven, roerloos in een kamer zitten terwijl het schemert, een dode voor ogen toveren, dromen, vervelen, verdorren, geloven, of geloven dat je gelooft, een film afspelen voor je geestesoog...
Achter alle kwesties die Willem Jan Otten aan de orde stelt, zweeft de vraag naar wat poëzie is. Het wordt gevraagd aan klassieke dichters, filmmakers, romanschrijvers, maar ook: deelnemers aan de Semana Santa in Malaga, aan een brevierende Talmoedist, een schilderende moeder, een pornoverslaafde, een euthanasie plegende kapitein, een meteoroloog in Berlijn, aan Harry Potter...
Het resultaat is één weids autobiografisch essay dat leest als een roman over een man die, levenslang op zoek naar poëzie, ontdekt dat hij gelooft, en die vervolgens met de gebakken peren zit. Want hij is zichzelf, en dus zijn lezer, nu een verklaring schuldig. Waarom geloven? Waarom poëzie? Is God dan een fictie? Is Pasen poëzie? Is verbeelding religieus? Is erin geloven geen noodzakelijke voorwaarde voor poëzie lezen, een film kijken?
De waarheid is voor de Lieve Vrouwe van de Schemering een bij uitstek essayistische onderneming. Zij vergt het uiterste van de verbeelding.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Cultuur & Media:
kunst & literatuur,
showbizz,
film,
tv.