De schok komt niet meteen. Veel van de honderd zwart-wit foto's die Cas Oorthuys (1908-1975) illegaal maakte in het laatste oorlogsjaar, veelal in Amsterdam, en pas in 1970 publiceerde, zijn zo bekend geworden dat het lastig is er nog goed naar te kijken. Zoals men na de tiende keer in het Rijksmuseum ook niet meer lang voor de Nachtwacht blijft staan.
De gedachten blijven beperkt tot: dat háár van toen, daar hoefde de herenkapper in het jaar 1944-1945 ook niet lang over na te denken. Geen diversiteit in coupes, bij allen is het achterovergekamd en kun je de scheiding goed zien zitten. Bij de foto van een schutting, met daarop de teksten 'Honger' en 'Eist meer brood', dwaalde mijn oog af naar het in kleiner formaat gekalkte 'Kut', en daar was ik verbaasd over. Altijd gedacht dat Kut ver na de oorlogsjaren vóór in de mond kwam liggen, op penibele momenten.
Maar misschien is dat ook de opzet van Oorthuys geweest, dat hij de naoorlogse kijker voor wie hij zijn foto's rangschikte, niet meteen het diepe in wilde werpen. Dat is namelijk wat hij doet. Als de foto's van hongerende mensen komen, die op straat in elkaar zakken of sterven, en daarna de lijken in de Zuiderkerk, is elke zweem naar een frivole observatie ondenkbaar. Het lijkt ook of de man die ergens houten balken vandaan heeft gehaald om ze op te stoken (na de spoorwegstaking zat het westen zonder brandstof) de kijker verzoekt om héél gauw op te donderen, want hij moet er langs. Even schiet nog door je hoofd dat hij de balken bijna in de vorm van een kruis houdt, alsof hij het oorlogsleed personifieert. De compositie van de foto is fraai, en dat compliment komt niet de figurant, maar de maker toe.
In de inleiding heeft Wichert ten Have van het Centrum voor Holocauststudie- en Genocidestudies het maar weer eens gezegd: in dat laatste oorlogsjaar waren de Joden al uit het straatbeeld verdwenen. Uiteindelijk zouden er van de 140 duizend Nederlandse Joden 36 duizend de oorlog overleven. Dat geeft deze naschok: Oorthuys' foto's zijn dus de eerste waar zij níet meer op staan, en waarop te zien is wat er met hun huizen en huisraad gebeurt; gesloopt om aan brandhout te komen. Zo wordt brevieren in dit boek vanzelf herdenken.
1 reactie
johannes - 30-11-2011 12:45
Misschien kan er voor alle duidelijkheid, ook eens het aantal geredde joden door Nederlanders verborgen gehouden, worden gepubliceerd, in mijn familie weet ik zeker dat er 5 joden zijn gered!
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Cultuur & Media:
kunst & literatuur,
showbizz,
film,
tv.