Het raadsel Spinoza

Auteur:
Irvin D. Yalom
Genre:
Fictie - Literatuur & Poëzie
 
 
Uitgever:
Balans, Uitgeverij
ISBN-nr:
9789460033742
Formaat:
Gebonden
Verschenen januari 2012
Het raadsel Spinoza

Alter ego op de sofa bij Spinoza 4

Zo veel als we weten over het gedachtengoed van Baruch Spinoza (1632-1677), zo weinig weten we over zijn persoonlijk leven. Minstens één reden daarvoor is dat dit leven waarschijnlijk vooral uit denken heeft bestaan. Om zijn gedachtengoed, waarin hij onder meer stelde dat mensen God naar hun evenbeeld scheppen en de Thora, het Oude Testament, het werk is van stervelingen, werd hij anno 1656 uit de Sefardisch-Joodse gemeenschap van Amsterdam verbannen. Vóór zijn excommunicatie besteedde Spinoza zijn tijd hoofdzakelijk aan lenzen slijpen, lezen en schrijven, erna evenzeer - in ballingschap in achtereenvolgens Rijnsburg, Voorburg en Den Haag.

De meesten van ons zullen de vraag of het leven van deze cerebrale en ascetische figuur zich leent voor een roman, ontkennend beantwoorden. De Amerikaanse psychiater en bestsellerauteur Irvin D. Yalom (1931) - in Nederland bekend van de roman Nietzsches tranen en, bij vakgenoten, van Theory and Practice of Group Psychotherapy - zag dat anders. Hij wilde een levenslange fascinatie voor Spinoza afsluiten met een eerbetoon in romanvorm. Dat dit geen eenvoudig karwei was, ontdekte Yalom tijdens jaren van vooronderzoek waarin hij 'domweg geen verhaal kon vinden, iets waar een roman niet zonder kan'. Spinoza zag al in de zeventiende eeuw het goddelijke in het natuurwetenschappelijke, hij ontwaarde, in de woorden van de beroemde spinozist Albert Einstein, 'een God die niet dobbelt met het heelal'.

Mooi - maar wat doe je ermee in romanvorm? Spinoza sleep lenzen bij ochtendlicht, gebruikte zijn middagmaal in eenzaamheid en las Aristoteles bij kaarslicht. Je kunt hem in een fictiewerk een turbulent liefdesleven geven, maar dat doet geen romancier die het eens is met André Gide dat 'fictie geschiedenis is die had kunnen plaatsvinden'.

Yalom vond zijn verhaal bij een bezoek aan het Spinozamuseum in Rijnsburg. Daar hoorde hij dat nazi-ideoloog Alfred Rosenberg (1893-1946) mogelijk door Spinoza gefascineerd is geweest. Als voorman van het nazidepartement dat overal in bezet gebied Joods intellectueel en cultureel erfgoed wegroofde, gaf Rosenberg in februari 1941 de opdracht de (niet oorspronkelijke) 159 boeken uit de Rijnsburgse bibliotheek van Spinoza te confisqueren. 'Er bevinden zich waardevolle vroege werken onder, die van groot belang zijn voor het nader onderzoek naar het raadsel Spinoza', stond in het officiële rapport. In Rosenberg herkende Yalom het andere personage dat hij nodig had voor zijn roman.

Alfred Rosenberg: een frustraat van Baltisch-Duitse origine die een intellectueel minderwaardigheidscomplex al op vroege leeftijd compenseerde met een niet aangelengd antisemitisme. Waaraan hij uiting gaf in pretentieuze spaghetti-zinnen in boeken van meer dan duizend pagina's die in het Derde Rijk een miljoen maal werden gedrukt, maar nauwelijks werden gelezen. Hitler zelf, toch al geen boekenwurm, moest er ook weinig van hebben. De Führer achtte Rosenberg geschikt als intellectueel boegbeeld van het nazisme, maar schuwde diens 'angstaanjagend ingewikkelde manier van denken'. Hitlers beulen hadden net zo'n afkeer van Rosenberg als Rosenberg van hen. In de woorden van Goebbels: 'Hij is 'bijna Alfred'. Rosenberg is er bijna in geslaagd geleerde, journalist, politicus te worden - maar niet meer dan bijna.'

Rosenberg was bepaald een ander soort denker dan Spinoza. Echter: ook hij lijkt zijn tijd voornamelijk te hebben doorgebracht achter boeken en kwalificeert zich niet als ideaal romanpersonage. Een roman over Spinoza én Alfred Rosenberg - je moet er zin in hebben.

Het raadsel Spinoza is een geslaagd en fascinerend boek geworden, op voorwaarde dat je het niet leest als roman maar als ruim 400 pagina's fictieve psychotherapie. Yalom voert twee personages op die de lezer, in hoofdstukken die elkaar afwisselen, toegang verschaffen tot het innerlijk van een 17de-eeuwse en een 20ste-eeuwse denker.

Spinoza biedt in zijn leven als een therapeut-avant-la-lettre bijstand aan Franco Benitez. Deze Benitez is net als Spinoza (Portugees: Bento de Espinosa) een sefardische Jood van Portugese origine. In tegenstelling tot Spinoza is hij niet in Amsterdam geboren, maar is hij de Iberische inquisitie recentelijk ontvlucht. Door de moord op zijn vader heeft zijn godsgeloof ernstige barsten opgelopen. 'Vertel me maar eens waarom het seizoen van de wonderen blijkbaar voorbij is? Waar was die God toen mijn vader op de brandstapel werd verbrand? Was God niet machtig genoeg mijn vader te redden, die hem aanbad?' Op de 'sofa' van Spinoza verwerft Benitez geleidelijk een wereldbeeld waarin God minder een mens gelijkt.

Rosenberg wórdt in Het raadsel Spinoza behandeld, door de fictieve Baltisch-Duitse psychiater Fiedrich Pfister. De echte Rosenberg schijnt in 1936 enkele weken opgenomen te zijn geweest in een inrichting. Waarschijnlijk is hij nooit psychiatrisch geëxamineerd, hoezeer dat ook nodig was geweest. Yalom had het graag gedaan. Pfister is zijn alter ego. Veel van zijn sessies met 'de denkende nazi Alfred' gaan over de aandacht van Hitler waar Rosenberg naar snakt. Helaas, de Führer geeft de voorkeur aan 'pleefiguren' à la Göring en scheldt Rosenberg vaak uit. 'Luister eens Alfred', zegt zijn psychiater, 'jezelf vastkluisteren aan Hitler en dan maar leven met al dat gescheld, en je gevoel van eigenwaarde laten stijgen en dalen al naar gelang zijn stemming, lijkt me geen goed recept voor stabiliteit en welzijn.'

Spinoza en Rosenberg worden verbonden door een obsessie van de laatste voor de eerste. Voor Rosenberg belichaamt Goethe de hoogste incarnatie van de Duitse geest, en juist Goethe schreef dat hij 'de meest onwankelbare vereerder' van Spinoza was. 'De Jood Spinoza' schonk 'de grote Duitser Goethe' een 'onontbeerlijke kalmte en redelijkheid'. Hoe kon dat? Rosenberg heeft Spinoza's bibliotheek uit Rijnsburg nodig om dat raadsel op te lossen. Einstein, ook van Joodse origine, zei: 'Het geheim achter creativiteit is weten hoe je je bronnen moet verhullen'. Yalom laat Rosenberg denken: 'Was dat misschien de sleutel tot het raadsel Spinoza? Misschien waren die 'oorspronkelijke' ideeën van Spinoza helemaal niet zo oorspronkelijk'.

De gesprekken in het Duitsland van de 20ste eeuw en het Nederland van de 17de eeuw worden ook verbonden door thema's en tegenstellingen: zelfstandig denken versus onderwerping aan een almachtige autoriteit; een saamhorigheid die voortvloeit uit tolerantie versus een saamhorigheid die is gebaseerd op uitsluiting van anderen; het onder ogen zien van angsten versus de ontkenning en de ideologische sublimatie ervan.

Therapeut Spinoza boekt met patiënt Benitez aanzienlijke successen. Geleidelijk aan laat Yalom hen ook van rol wisselen. Benitez probeert dan bij de overrationele Spinoza begrip te kweken voor de geborgenheid waaraan mensen behoefte hebben, en die religie hun kan verschaffen. Bij het uitvoeren van de rituelen worden zij door 'een aangename stroom gevoelens' overspoeld. 'Ik voel me veilig als ik die Hebreeuwse melodieën lees en zing met de hele gemeente', zegt Benitez.

De behandeling van patiënt Rosenberg verloopt minder succesvol. 'Gebruik je gezond verstand nu toch eens!', roept dokter Pfister na verloop van tijd. Rosenberg repliceert: 'Er zijn belangrijkere zaken dan gezond verstand, dingen als eer, bloed, dapperheid'. De echte Rosenberg, stelt Yalom, werd tijdens zijn berechting in Neurenberg 'aanzienlijk serieuzer genomen door het hof dan ooit door de nazi's zelf'. Hij werd opgehangen op 16 oktober 1946.
(Recensie door Olaf Tempelman, gepubliceerd op 08-05-2012)

      mail Doorsturen      print Printversie

Geef jouw oordeel over "Het raadsel Spinoza"

naam
e-mailadres
beoordeling
reactie

nog karakters
 
 
algemene voorwaarden en gedragscode
 

4 1 reactie


4 harrie de boer - 12-03-2013 12:50

Erg intrigerend ,aktueel en nogal onthullend boek. Soms gekunsteld en kortaf. Vooral :interessant.

Beledigend? Ongepast? Meld het ons

meer recensies voor genre 'Fictie'

Recensie voor 't Manco - G. Perec , door Truijens Aleid

Recensie voor 19 keer Katherine - J. Green , door Lenteren Pjotr

Recensie voor 1988 - A. Kok , door Onkenhout Paul

Recensie voor 1q84 - Haruki Murakami , door Bockting Berend Jan

Recensie voor 25 45 70 - Jamal Ouariachi, David Pefko, Daan Heerma van Voss , door Stephan Sanders

ZOEK IN BOEKEN

Keuze van de redactie

Ons kamp

M. Vuijsje


Oscar

Jan Siebelink




De inzending

Amy Waldman


De VK tv-series