De schilder en het meisje

Auteur:
Margriet Moor
Genre:
Fictie - Literatuur & Poëzie
 
 
Uitgever:
Bezige Bij, De
ISBN-nr:
9789023457497
Formaat:
Paperback
Verschenen mei 2010
De schilder en het meisje

Waarheid, donder op, denkt de oudere schilder 5

'Kunstwerken praten net als mensen onophoudelijk met elkaar en verstommen, net als mensen, nadat ze met een paar slagersmessen zijn bewerkt.' In een soevereine stijl die de stevige sententie niet schuwt, heeft Margriet de Moor zich na een kwart eeuw schrijverschap voldoende bewerktuigd geweten om onze grootste beeldend kunstenaar uit de Gouden Eeuw te besluipen. 'De schilder' heet hij eerbiedig, ze wil zijn naam niet noemen, laat staan dat ze zich verstout zijn voornaam te gebruiken. En ze schreef een verhaal over de werking van de verbeelding.

Donder op met de waarheid, denkt de oudere schilder, nog maar kort weduwnaar, die een geheimzinnig liefdespaar op de ezel heeft staan dat nog niet af is, en dat tot in de eeuwen erna stof zal geven voor talloze interpretaties en poëzie, dat Vincent van Gogh tot in zijn ziel zal raken en Pierre Kemp zal doen uitroepen dat hij 'het Rood van 't Joodse Bruidje' liefheeft.

Wie is die jonge vrouw? Langs onverklaarbare wegen legt De Moor een verband tussen de liefdevolle intimiteit van het 'Joodse Bruidje', vermoedelijk voltooid in 1665, en twee tekeningen van een jaar daarvoor. Ongewoon tot stand gekomen, die laatste, want Rembrandt werkte toen nog uitsluitend thuis aan de Rozengracht. Het tripje per boot het IJ over was, volgens de kenners, een uitzondering voor de schilder die toch al nooit tot de zwerflustigsten had behoord - zo is hij nimmer, in tegenstelling tot veel van zijn collega's, naar Italië gegaan.

Er bestaan twee tekeningen die Rembrandt op 3 mei 1664 met pen en penseel maakte van Elsje Christiaens, een Deens dienstmeisje dat samen met het corpus delicti, een bijl, was opgeknoopt op het galgenveld dat zich in de Vole-wijck in Noord bevond. Niet begraven, maar ter afschrikking eerloos opgehangen, omdat ze haar pensionhoudster aan het Damrak, die met bezemslagen en al de huur van twee weken onderdak kwam innen, met die bijl de hersens had ingeslagen. Waarom deed Elsje (geboren Else) dat? Waarom had ze geweigerd berouw te tonen, waarmee ze zich zou hebben verzekerd van een kist in de aarde? Waarom voelde Rembrandt zich geroepen, enkele uren nadat het kind op de Dam was gewurgd, naar haar nog onaangevreten lijk te roeien, om het met enkele trefzekere lijnen voorgoed vast te leggen?

Daar kom je met feitenonderzoek nooit achter. Ware kunst laat zich slechts door andere kunst dicht naderen, door de verbeelding aan te spreken die de kloof van eeuwen ogenschijnlijk moeiteloos kan overbruggen. Elsje was twee weken tevoren uit Jutland naar Amsterdam gekomen, stad die toen zwaar kreunde onder de builenpest. Ze begon aan een nieuwe fase in haar levensverhaal, in de plaats waar ze haar stiefzus eerder gloedvol over had horen vertellen.

'Hoe zou ze kunnen vermoeden dat ze in werkelijkheid niet op weg is naar een vertelling, maar naar een tekening, inkt op papier?' Die toevoeging is niet zonder betekenis. Want na de tekening van Rembrandt uit 1664 is er nu de roman De schilder en het meisje, een vertelling in inkt op papier.

Om dit verhaal te kunnen doen, een historische roman die voortdurend laat zien dat het verleden onder het heden klopt (in de apotheek aan de Warmoesstraat heerste 'het binnenlicht dat voor Amsterdam kenmerkend is, ook tegenwoordig nog, en dat zich van elk ander besloten licht op de wereld onderscheidt'), was De Moor genoodzaakt grenzen te overschrijden. Donder dus op met de waarheid, laat ze Rembrandt denken, als hij door zijn stad slentert. 'Maar wat je droomt is bloedecht.' Niet te verklaren, maar wel waar. Zoals ze in eerder werk, van de roman Eerst grijs dan wit dan blauw  (1991) tot de speelse brille van De kegelwerper (2006), liet zien hoezeer haar personages worden gestuurd door intuïtie en impulsen waar de ratio op stuk loopt, zo schildert de schildersweduwe nu met kranige wellust de viswijven, pestlijders, en de kille trots van het Amsterdams stadsbestuur, zetelend in het gigantische Stadhuis (gebouwd in 1655 en nooit door Rembrandt vastgelegd) dat een doek van de meester weigerde met een hooghartig 'U rotzooit maar wat aan'; woordelijk de filisterij die Karel Appel in de twintigste eeuw met provocerende trots tot zijn adagium zou uitroepen.

Hoe verliep de reis die Elsje Christiaens maakte van Jutland naar Amsterdam? Geen mens die het weet. Maar dankzij Margriet de Moor zien we haar huiveren, als ze onderweg in de ijswoestenij aan boomtakken een aantal opgeknoopte wolven ziet bungelen. Goed nieuws, want 'Er wonen hier dus mensen,' roept haar reisgezellin opgetogen. Terwijl de lezer denkt aan het lot dat Elsje wacht, binnen een paar weken zelfs, als ze eenmaal is aangekomen in de plaats van haar dromen. Vergeet het maar, dat ze daar veilig is. Een snode vooruitwijzing, door De Moor geëtst met de aanstekelijke felheid die haar moet hebben bezeten toen ze dit boek schreef.

Ricky, heet Hendrickje Stoffels hier, Rembrandts tweede vrouw met wie hij nooit trouwde, en die aan de pest bezweek. Zo laat De Moor de oude schilder naar Ricky's doodkleur kijken: 'Engelse as, loodwit, schijtgeel, bleekgroen als van een onrijpe witte druif.' Waarna hij terugkeert naar zijn doek, met al dat goud en rood, het schilderij dat hij niet in opdracht maakte maar dat er wel uit moest. Omdat de opdracht uit zijn binnenste kwam. Dat zijn de dwingendste.

'Niet één moordenaar in actie kent het berouw', schrijft De Moor, wanneer Elsje de bijl in de varkenskop van de geldbeluste hospita hengst. Het meisje voelt zich dan in haar element - na wat Gerrit Krol in De vitalist (2000) deed heb ik niet meer zo gevaarlijk, om niet te zeggen grensoverschrijdend, geformuleerd gezien dat ook moorden een krachtbron kan zijn. 'Verbeeldingskracht maakt meevoelend, poëtisch zelfs', aldus De Moor, en dat houdt in dat je ook duistere regionen in het volle licht voor de kiezen kunt krijgen. De eeuw van goud was er ook een van bloedrood. Heftigheid vraagt om de poëzie der rauwheid.

Het mooiste is dit. Rembrandt was er niet bij, maar thuis aan de Rozengracht 184, toen Elsje Christiaens op de Dam voor een groot publiek werd gewurgd. Zo stelt Margriet de Moor het zich voor. Hij kreeg achteraf verslag van zijn zoon, die wél had staan kijken naar het berouwloze meisje en de ingehuurde beul die zijn werk deed. Niet de realiteit zelf, maar het verhaal van zijn zoon bracht de meester in beweging. Vraag niet hoe zoiets gaat. Maar Rembrandt moést later die dag het IJ over, naar de Volewijck. En zijn schetsen daar werden zo indringend, dat hij een jaar later ook wist hoe zijn 'Joodse Bruidje' er uit moest zien.

Ondoenlijk om dat uit te leggen. Zoiets moet je zien. Maar wanneer je een schrijver bent met een gerijpt talent, kun je het aan om, driehonderdvijftig jaar nadat de schilder zijn beelden maakte, erop te antwoorden met wat de verbeelding je ingeeft.

 

 

(Recensie door Peters Arjan, gepubliceerd op 01-05-2010)

      mail Doorsturen      print Printversie

Geef jouw oordeel over "De schilder en het meisje"

naam
e-mailadres
beoordeling
reactie

nog karakters
 
 
algemene voorwaarden en gedragscode
 

1 2 reacties


1 Henk Veldman - 02-12-2013 22:59

Het verhaal mag dan sterk zijn, het is uiterst slap geschreven. De dialogen zijn saai. Rembrandt komt niet uit de verf, wordt afgeschilderd als een afwezige figuur, krijgt nergens 'ballen'. Ik vind het een teleurstellend boek. Heel vreemd is de behoefte om in een boek over de 17de eeuw, een gebeurtenis met een voetbalmatch te vergelijken. Dat soort beelden passen niet in een historische roman. Ze etaleert veel feitelijke gebeurtenissen, maar weet die niet goed tot leven te brengen. Een groot schrijfster is Margriet de Moor niet.

Beledigend? Ongepast? Meld het ons

2 Johan Volkers - 03-04-2013 16:02

De laatste tijd leg ik steeds vaker een boek niet uit. Dit keer heb ik mezelf gedwongen het boek uit te lezen. Dat kostte me heel veel moeite. De schrijfster is er m.i. NIET in geslaagd de hoofdstukken goed en spannend in elkaar over te laten lopen. Ook het taalgebruik en de stijl zijn soms tenenkrommend. Het komt erg gekunsteld over om niet de naam van Rembrandt te noemen, quasi mysterieus bekende schilderijen van hem te omschrijven zonder de titels te noemen. Nee, dit boek stelt teleur. Teveel omslachtige sfeerbeschrijvingen en open deuren. Een echte afknapper. Onbegrijpelijk dat dit boek 5 sterren kreeg. Nooit word je het verhaal ingezogen. Een gemiste kans, want het gegeven moet voldoende stof bieden voor een goed boek.

Beledigend? Ongepast? Meld het ons

Beschrijving

Het is 3 mei 1664, de dag dat een achttienjarig meisje publiekelijk wordt gewurgd op de Dam in Amsterdam. Het is een evenement waar de halve stad voor uitloopt. Een schilder voelt geen neiging te gaan kijken. Hij heeft zijn gedachten bij een doek waar hij die ochtend materiaal voor heeft gekocht: rode en gouden pigmenten. Later die dag hoort hij...


Het is 3 mei 1664, de dag dat een achttienjarig meisje publiekelijk wordt gewurgd op de Dam in Amsterdam. Het is een evenement waar de halve stad voor uitloopt. Een schilder voelt geen neiging te gaan kijken. Hij heeft zijn gedachten bij een doek waar hij die ochtend materiaal voor heeft gekocht: rode en gouden pigmenten. Later die dag hoort hij van zijn zoon de details over de gruwelijke laatste minuten van het meisje. Margriet de Moor vertelt het spannende verhaal van Elsje Christiaens, een meisje uit Jutland dat in een barre winter besluit per boot naar Amsterdam te reizen. Daardoorheen loopt het verhaal van de schilder en diens verdriet over zijn gestorven vrouw. In een lichte stijl beschrijft De Moor hoe gebeurtenissen uit zijn levensloop op de dag van de terechtstelling met de lotgevallen van het meisje verstrengeld raken, uitmondend in een doodstille ontmoeting.

meer recensies voor genre 'Fictie'

Recensie voor 't Manco - G. Perec , door Truijens Aleid

Recensie voor 19 keer Katherine - J. Green , door Lenteren Pjotr

Recensie voor 1988 - A. Kok , door Onkenhout Paul

Recensie voor 1q84 - Haruki Murakami , door Bockting Berend Jan

Recensie voor 25 45 70 - Jamal Ouariachi, David Pefko, Daan Heerma van Voss , door Stephan Sanders

meer recensies voor auteur 'Margriet Moor'

Recensie voor Mélodie d'amour - Margriet de Moor , door Daniëlle Serdijn

ZOEK IN BOEKEN

Keuze van de redactie

Ons kamp

M. Vuijsje


Oscar

Jan Siebelink




De inzending

Amy Waldman