Bij de eerste vertoning op het festival van Cannes werd er geklapt, maar dat was niet uit bewondering, want in zijn eerste Italiaanse film sinds vijftien jaar maakt Bertolucci een teleurstellend sleetse indruk. Het is niet best gesteld met zijn vitaliteit en hij lijkt sterk op het ingedommelde gezelschap hele en halve kunstenaars dat zich in Stealing Beauty ergens tussen Florence en Siena verzameld heeft, terend op een verleden dat wellicht in de jaren zestig en zeventig nog spiritueel genoemd kon worden. Een schrijver, een beeldhouwer, een moederlijke dame: typen van toen, en door Bertolucci neergezet volgens de clichés die erbij passen.
In dat groepje uitgedroogde mensen stapt op een zonnige dag de Amerikaanse schone maagd Lucy (Liv Tyler, al eerder zo mooi in Heavy) binnen. Haar moeder heeft zelfmoord gepleegd en ze probeert enige vertroosting te vinden bij die oude vrienden van mams. Lucy hoopt ook weer de jongen te ontmoeten op wie zij vier jaar geleden verliefd werd.
En, niet te vergeten, daar tussen Florence en Siena was ook de plek waar zij negentien jaar geleden gemaakt werd. Lucy ontdekt inderdaad wie haar vader is, ze maakt de oudere heren zenuwachtig en zoekt de beste kandidaat voor haar ontmaagding. Dat wordt natuurlijk degene aan wie je niet denkt, zoals in een ouderwets toneelstuk altijd de butler de moordenaar blijkt.
Het gegeven had natuurlijk best een spitse, geestige, satirische of gaaf romantische film kunnen opleveren, als Bertolucci niet zo ongelooflijk aan de oppervlakte was blijven hangen. De enige die zijn kans greep was cameraman Darius Khondji, die adembenemende plaatjes maakte van het Toscaanse landschap. Dat is het mooiste van de film en dat blijft gelukkig maagdelijk.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Cultuur & Media:
kunst & literatuur,
showbizz,
film,
tv.