Jeroen Visser −
20/12/11, 13:42
Van links naar rechts: André Kuipers, de Rus Oleg Kononenko en de Amerikaan Donald Pettit voor de Soyuz TMA-03M waarmee ze morgen de ruimte in vliegen.
© ap
Morgen vertrekt de Nederlandse astronaut André Kuipers vanuit Baikonoer, Kazachstan voor zijn tweede ruimte-expeditie. Met een Russische raket reist Kuipers naar het internationale ruimtestation ISS, waar hij een half jaar zal blijven. Wat maakt André Kuipers zo bijzonder dat hij voor de tweede keer de ruimte in mag?
'Toen Wubbo Ockels werd uitgekozen, dacht ik: dat kan ik dus ook', zei Kuipers (53) in 2008 in een interview met
de Volkskrant. Een potentiële astronaut moet een rotsvaste overtuiging hebben dat hij diegene is die ooit de ruimte in zal gaan. 'Je gaat nog net niet over lijken, maar zelfs je partner kan je niet tegenhouden. Je hebt hier álles voor over', zei Kuipers.
Je moet ook geen last van heimwee hebben. Vanaf morgen zit Kuipers een half jaar ver weg in de ruimte, maar ook de vele trainingen voor de ruimtevlucht waren bijna altijd in het buitenland. 'Mensen die astronaut willen worden, kunnen zich voorbereiden op hard aanpoten. Áls ik al in het land ben, is dat niet meer dan een weekendje om vrouw en kinderen te zien', aldus Kuipers in 2008.
Die trainingen zijn ook niet bepaald gemakkelijk. Zo moest Kuipers alle technische termen van de ruimtecapsule uit zijn hoofd leren - in het Russisch. Ook moest hij oefenen hoe uit een zinkende capsule te ontsnappen. 'Wateroverlevingstraining' heette dat. Hij noemde dat 'de zwaarste oefening ooit' omdat hij destijds bij een temperatuur van 39 graden Celsius in een speciaal pak uit de capsule moest zien te komen. Daarbij verloren de astronauten behoorlijk veel vocht. 'Ik ben 3,5 kilo verloren in één dag tijd.'
AfgewezenOok deed Kuipers een zorgvuldige loopbaanplanning; hij werkte aan een cv waar de European Space Agency (ESA) 'niet omheen zou kunnen'. Hij haalde zijn duik- en vliegbrevet; en na zijn studie geneeskunde solliciteerde hij bij de luchtmacht voor een onderzoeksplek. Daar onderzocht hij gezondheidsproblemen die zich voordoen wanneer mensen in de ruimte verblijven. Ondertussen ging hij regelmatig naar congressen van de ESA, waar hij met mensen van het instituut in contact probeerde te komen.
Uiteindelijk lukte het Kuipers om goede contacten te leggen, waardoor hij een baan kreeg bij de ESA, waar hij coördinator van de medische experimenten werd. Toen de ESA in 1992 bekend maakte op zoek te zijn naar jonge astronauten, stond Kuipers vooraan om zich aan te melden. Hij haalde het tot de laatste selectieronde, maar werd toen alsnog afgewezen.
PolitiekNaast je overtuiging, doorzettingsvermogen en loopbaanplanning is er namelijk nog een andere, doorslaggevende factor in de geboorte van een astronaut. De politiek. Toen Kuipers in 1992 afviel kwam dat doordat hij uit Nederland kwam, vertelde hij. 'Als er nog maar 25 kandidaten overblijven, telt ook je paspoort. Kandidaten uit kleine landen moeten dan wel heel goede papieren hebben.'
Ook als je eenmaal astronaut bent, speelt de politiek nog een grote rol. De reis die hij morgen gaat ondernemen is mede te danken aan de lobby van de Nederlandse regering. Op de ESA-conferentie van 2008 in Den Haag trok toenmalig minister Maria van der Hoeven (Economische Zaken) 'enige miljoenen euro's' extra uit voor de verdere ontwikkeling van het ISS. Daarmee wist ze uiteindelijk de vlucht - die morgen begint - voor Kuipers veilig te stellen.
In 1992 was dat echter nog heel ver weg. Na zijn afwijzing bleef Kuipers evenwel in zijn droom geloven. Hij ging door met zijn werk bij het ESTEC, de grote ESA-vestiging in Noordwijk. In 1998 werd hij alsnog geselecteerd als
best of the rest van de lichting-1992.
Na nog eens zes jaar wachten en trainen werd zijn doorzettingsvermogen beloond. Nederland 'kocht' uiteindelijk de ruimtetrip voor Kuipers. Als tegenprestatie deed hij tijdens zijn 11 dagen in de ruimte ook experimenten voor Nederlandse bedrijven en instellingen.
Het was het wachten waard, vond Kuipers. 'Daar doe je het allemaal voor: het voortdurend studeren, het zwoegen, het ver van je familie verwijderd zijn, de vergaderingen, de stress, de jetlags, de ruimteziekte. Daarom was ik van tevoren een beetje bang dat het misschien niet zo leuk en bijzonder zou zijn als ik altijd had gehoopt. Maar ik vond het fantastisch.'