Nederlanders sparen door ondanks de recessie
© Thinkstock

Nederlanders sparen door ondanks de recessie

Ondanks recessie en koopkrachtdaling vullen Nederlanders nog steeds hun spaarpotten bij. Eind 2011 hadden Nederlanders 360 miljard euro op bankrekeningen staan, 45 miljard euro meer dan eind 2008. Dat blijkt uit statistieken van De Nederlandsche Bank (DNB).

Uit het Overzicht Financiële Stabiliteit dat DNB gisteren publiceerde, blijkt dat de spaartegoeden van huishoudens uit alle leeftijdscategorieën de afgelopen vijf jaar zijn toegenomen. Zelfs jonge huishoudens, waarin de belangrijkste kostwinner tussen de 25 en 29 jaar oud is, zagen hun spaartegoeden in die periode met ruim 6.000 euro groeien. Huishoudens met een hoofdkostwinner tussen de 30 en 34 jaar spaarden bijna 8.000 euro bij elkaar.

Hypotheek
Blijkbaar is er in een groot aantal huishoudens nog financiële ruimte om vermogen op te bouwen en dus ook om de hypotheek deels af te lossen als dat nodig is. Jongeren legden wel minder geld opzij dan ouderen. De groep van 60 tot 64 jaar zette tussen 2006 en 2011 gemiddeld 16.000 euro opzij. Vijftig-plussers blijken eveneens nijvere spaarders.

Dat ouderen meer sparen dan jongeren is niet zo vreemd. Deze generatie heeft gemiddeld een lagere hypotheek, dus lagere woonlasten dan jongere huishoudens. Bovendien zijn hun kinderen vaak al groot en zijn zij daarom minder kwijt aan kleding, voeding, kinderopvang en school. Vlak voor hun pensioen verdienen mensen over het algemeen het meest en hebben ze dus het meeste ruimte om te sparen. De 65- tot 69-jarigen (de jonge gepensioneerden) sparen dan ook minder dan hun iets jongere generatiegenoten die nog aan het werk zijn.

Bij de groei van het spaarvermogen zijn wel een paar kanttekeningen op zijn plaats. Het belegd vermogen van Nederlanders is tussen eind 2008 en eind 2011 bijna 7 miljard euro gedaald. Vanwege tegenvallende beleggingsresultaten hebben veel Nederlanders hun aandelen, obligaties en andere effecten verkocht en de opbrengst op een spaarrekening gezet. De hypotheekschuld van Nederlandse huishoudens groeide in dezelfde drie jaar bovendien met circa 50 miljard euro, en dat is meer dan de spaartegoeden.