Martin Sommer −
22/10/11, 14:10
© ANP. Protesteerders verkleed als Angela Merkel en Nicolas Sarkozy.
Europa is, net als het oude China, overgeleverd aan ambtenaren. We stemmen wel maar veel uitmaken doet het niet. Dat stelt redacteur Martin Sommer.
-
Een democratisch Europa is een achterhaald idee
Even naar Frankrijk voor de frisse lucht. Daar werd het nieuws deze week overheerst door 'un bébé pour l'Elysée'. Nu gaat Sarkozy alsnog de presidentsverkiezingen winnen volgend jaar. Het andere nieuws was namelijk dat zijn socialistische uitdager François Hollande heet, een onpresidentiële dorknoper. Mocht Hollande toch winnen, dan wil hij de Franse pensioenleeftijd van 60 jaar in ere herstellen. Die heeft Sarkozy namelijk onlangs met veel spul en moeite naar 62 verhoogd.
FratsenVroeger dacht je bij zulke berichten: rare jongens die Fransen, maar ook wel gezellig exotisch zo dicht bij huis. Tegenwoordig is Frankrijk een soort binnenland en denk je: die fratsen om president te worden kosten óns onze belastingcenten en pensioenen. En we hebben er niks over te zeggen. Dit is wat eraan schort in Europa. De politiek blijft nationaal, de verknooptheid is internationaal. Meteen begrijp je waarom zo'n eurosanering zo moeizaam tot stand komt. De helden zijn tegenwoordig Europese bankiers, IMF-bazen, economen. Ondernemers die vinden dat er moet worden 'doorgepakt' meldden zich deze week.
Zij weten allemaal hoe het moet. Maar een mandaat hebben al die helden niet. De schurken zijn politici. Die moeten eens opschieten. Schande dat zo'n ministaatje als Slowakije door tegen het noodfonds te stemmen bijna de euro om zeep hielp, schreef Europarlementariër Sophie in 't Veld (D66) in de Volkskrant. Maar zelfs Slowakije heeft het vetorecht en ook daar voelen politici zich mandatarissen van hun kiezers. Anders dan in het Europarlement, zeg ik er voor de zekerheid bij, waar die relatie tussen kiezer en gekozene in geen velden of wegen te bekennen is.
Toen de euro begon, was het idee dat de eurolanden vanzelf naar elkaar toe zouden groeien. Convergentie heette dat. Nog zo'n modewoord:
benchmarking. De goeden houden de slechten bij de les. Allemaal vergeten en niks van terechtgekomen. Nationale politiek bleef nationale politiek. Griekse politici hebben nooit de aanvechting gehad Nederlandse kiezers iets te beloven. Begrijpelijk, daar lagen hun belangen niet. Het eindspel om de euro is een strijd tussen Frankrijk en Duitsland. Alles draait zoals vanouds om de as Parijs-Berlijn. De harde praktijk is: nationale politici botsen, maar ze botsen tragisch want de macht is ze intussen ontglipt.
Eind van de democratieHierover schreef de Fransman Jean-Marie Guéhenno al in 1994 zijn even sombere als briljante boek
Het einde van de democratie. Toen al voorspelde hij het spoedige eind van een Europese munt die er nog niet eens was. Alleen met een gezamenlijke budgetverantwoordelijkheid zou zo'n munt kunnen bestaan (precies de kwestie nu). Die gezamenlijkheid zou moeten wortelen in een gevoelde Europese lotsverbondenheid. Die is er nu eenmaal niet. Er is geen Europese geschiedenis, geen Europese identiteit, er is nog steeds gehannes over waar de grens van Europa nu eigenlijk ligt.
Er is geen Europese politiek maar de Europese Unie bestaat wel. Wat Guéhenno al in 1994 zag en wat zich nu voltrekt, is de komst van Europa als nieuwe vorm van een ouderwets keizerrijk. Zonder hart, zonder richting. Gestuurd door ambtenaren, regels en procedures, niet door een machtskern die de uitdrukking is van het sociaal contract tussen volk en bestuur. Bij de strijd om de euro gaat de aandacht vooral naar de natie en het verlies van soevereiniteit.
LuchtspiegelingRutte verklaart aanhoudend geen soevereiniteit overboord te zetten. Daar hoeven we niet veel woorden aan vuil te maken. Nederland opereert al sinds Napoleon 'in de oksel' van de Europese grootmachten. Wij Nederlanders weten heel goed dat we van de luimen van anderen afhankelijk zijn, en we opereren daar al twee eeuwen handig in.
Belangrijker is wat Guéhenno over de zogeheten federalisten schrijft. Voorstanders van meer Europa, zoals Sophie in 't Veld, denken dat een democratische EU heel wel mogelijk is. Meestal wordt dan gedacht aan de Verenigde Staten. Guéhenno vindt dat een luchtspiegeling. De verknooptheid van markten, internationale organisaties en financiële instellingen maakt dat het idee van Europa als 'een soort democratisch eiland' inmiddels net zo ouderwets is als dat van de soevereine natie.
Wij stemmen wel maar veel uitmaken doet het niet. De politiek wordt ook komend weekeinde gemaakt van voldongen feiten. Europa is, net als het oude China, overgeleverd aan ambtenaren, helden zonder mandaat. Dat noemt Guéhenno het einde van de democratie. Onze ministers hebben dat in elk geval begrepen. Hun hoogste ambitie is het leuren met een 'machtige' eurocommissaris. Een ambtenaar.
Martin Sommer is politiek redacteur van de Volkskrant.