'Beelden van Esther de Graaf geven mij gevoel van utopisch positivisme'

Esther de Graaf (28), voorgedragen door Ad de Jong,  beeldend kunstenaar en oprichter van kunstenaarsinitiatief W139 in Amsterdam

In deze tijd, zegt Ad de Jong, waarin elk idee moet worden omgezet in geld, Facebook-pagina's of succes, staat het werk van de Graaf op zichzelf. Het is bescheiden, 'niet gekapitaliseerd', direct en adembenemend.

'Wat je ziet is wat ze ermee bedoelt. En dat is niks méér dan de verschillende materialen die ze met elkaar verbindt. Daar gaat het om: om het creëren van een nieuwe beeldtaal en om het bouwen van sensitieve en uiterst kwetsbare structuren, waarbij je je eigen verbeelding moet gebruiken. Haar beelden geven mij een gevoel van utopisch positivisme.'

Zo. Als het aan beeldend kunstenaar Ad de Jong ligt, staat Esther de Graaf op de kaart. Hij ontmoette haar een paar jaar geleden toen zij artist in residence was in Groningen en iemand zocht met wie ze kon praten over haar werk. Hij was op slag gegrepen door haar sculpturen.

Hij zag 'ruimtes van hout en plastic, aan elkaar geplakt met tape, niet heel ingewikkeld, eerder primitief'. Een stuk styrofoam waardoorheen vier stukken hout waren gedrukt, zodat het bleef staan, als een beest. En later, want hij bleef haar vanaf toen uiteraard volgen, zag hij dat ze met dun ijzerdraad, aluminiumfolie en plakband een constructie (Light Navigator) had gemaakt die zo broos was dat hij 'het bijna niet geloofde'.

Museale standaarden
'Haar werk voldoet niet aan de museale standaarden. Daar gaat het aan voorbij. Meestal is het om te huilen zo fragiel, als je één keer ademt valt, het om.' Niet handig natuurlijk, wat betreft vervoer, verzekeringen, veiligheidsrestricties. Maar Esther de Graaf wijkt volgens Ad de Jong niet van haar zelfgekozen pad af.

Een zeldzaamheid, vindt hij: iemand die zich na behaalde successen niet terugtrekt binnen de veilige wereld van de 'internationale biënnaletaal van doorgaans 'magere ideeën', die op hun allergrootst moeten worden uitgevent. Haar sculpturen 'staan in contrast met dat spierballengedoe, met die bouwwerken die met grote schroefmachines in elkaar worden gestampt, of met dingen die al veel eerder en beter door anderen werden gedaan'.

Esther de Graaf is de toekomst, zo ziet de Jong dat. 'Zij buit haar eigen ideeën niet uit. Ze blijft bouwen aan een nieuwe, hedendaagse beeldtaal die zichzelf nooit herhaalt en die bovendien heel genereus is. Haar structuren géven heel veel.' Vrolijkheid dus en vertrouwen in de toekomst van de kunst.

Dat is precies waar Ad de Jong naar op zoek was. Hij zocht een alternatief voor de 'conceptuele en tekstgerelateerde kunst'. Hij zocht naar iets wat zo kwetsbaar is dat het 'in deze wereld bijna niet meer kán'. En hij vond het in het werk van Esther de Graaf. Hij bedacht zelfs een leus, hij flapt hem er zo uit: 'Geen Sensation, maar sensitivity', waarin Sensation verwijst naar de Britse machokunst van de jaren negentig. Die tijd is, als het aan Ad de Jong ligt, voorgoed voorbij. Leve de Nieuwe Sculptuur.

estherdegraaf.nl