*

 
dossier

Zorg

'Ik stuur mijn vader niet naar een verpleeghuis'

OPINIE - Job van Amerongen − 07/02/12, 06:00
Ouderen bijeen in het verpleeghuis. © ANP

Zonder een goed salaris en waardering voor het personeel kan de verpleeghuiszorg niet worden verbeterd. Dat betoogt Job van Amerongen, politicoloog en verpleegkundige.

  •  Van po-stoel naar douche. Van ontbijt naar lunch. Het tempo is onmogelijk bij te houden  
Voor veel Nederlanders staat de zorg voor ouderen hoog op het lijstje van zaken die (veel) beter kunnen. Die zorg is niet overdreven en heeft niets met een onbehaaglijk gevoel in de onderbuik te maken. Onze ouderen, in het bijzonder zij die in een verpleeghuis of een verzorgingshuis verblijven, verkeren niet zelden in een onaanvaardbaar benarde positie.

Op 1 juli van het afgelopen jaar sloot de afdeling neuropsychiatrie - een afdeling voor dagbehandeling van mensen met dementie en daarnaast psychiatrische problematiek - waar ik acht jaar met veel plezier als verpleegkundig coördinator werkte, de deuren. Bezuinigingen. Ik dacht in de 'veilige groeisector' ouderenzorg te werken. Niets bleek minder waar.

Ik vond een nieuwe betrekking bij een grote verpleeghuiskoepel. Veel meer dan ik verwachtte, bleek er sprake van een bureaufunctie. Daar ik ongelukkig word van functies met geen of weinig cliëntcontacten, nam ik gauw ontslag. Ik besloot tot inschrijving als flexwerker bij een uitzendbureau, een welzijnsorganisatie en een psychiatrisch ziekenhuis.

Alice in Wonderland
Als oproepkracht maakte ik kennis met het werken in een aantal verpleeghuizen. Ik lees kranten en ik kijk televisie. Uiteraard hebben ook mij de signalen over de hoge werkdruk in de ouderenzorg bereikt. Toch voelde ik me als Alice in Wonderland, al waren de sensaties van minder prettige aard. Ik heb me in drieëntwintig jaar werken als verpleegkundige in de psychiatrie en de zorg voor verstandelijk gehandicapten nooit hoeven te vervelen en hard gewerkt, maar mijn arbeidzame leven is uitermate luxueus geweest in vergelijking met de collega's in de verpleeghuizen. Wat werken de mensen aan het bed daar onvoorstelbaar hard! Van hot naar her. Van po-stoel naar douche. Van ontbijt naar lunch. Het tempo is onmogelijk bij te houden.

Het is niet alleen dat ik het tempo niet kan bijhouden. Ik onderken na anderhalve dag werken in een verpleeghuis alle mechanismen waar de zorgverleners die in vast dienstverband in de verpleeghuiszorg werken in nog veel sterkere mate last van moeten hebben. Irritatie. Een gevoel onvolledige zorg te leveren. Een neiging tot slordigheid. Onverschilligheid. Het gevaar 'de mens' uit het oog te verliezen omdat er een klus moet worden geklaard.

Daar komt nog bij: ik heb de luxe gehad dat ik een opleiding tot verpleegkundige heb gevolgd. Een aanzienlijk deel van de frontsoldaten in de verpleeghuizen is ongewapend. Ze zijn niet geschoold en moeten desondanks zorg leveren aan patiënten met uiterst complexe zorgbehoeften. Tal van lichamelijke mankementen. Psychisch disfunctioneren. Ongediplomeerden zullen toch wel terzijde worden gestaan door gediplomeerde collega's, zult u denken. Ik kan u inmiddels verzekeren: lang niet altijd. Gediplomeerden zijn zeker niet iedere dienst voorradig.

Voor de ongediplomeerden doen de meeste werkgevers niets extra's. Er wordt niet geïnvesteerd in vergroting van de beroepstrots via bijvoorbeeld scholing. De salariëring is laag. Iemand die ingeschaald is conform schaal 25 of 30 verdient, met de verplichting tot onregelmatig werken, ongeveer 1.600 euro voor een 36-urige werkweek.

Harde kritiek
Naast het materiële gebrek aan waardering voor je werkzaamheden, komt er regelmatig harde kritiek van twee kanten. Van naasten van cliënten, die boos zijn dat vader of moeder niet goed wordt bejegend, weer geen wisselligging heeft gekregen of omdat er weer een broek is zoekgeraakt. Daarnaast zijn er de managers, nog steeds veel te talrijk in aantal, die innovaties uitstorten over het zorgverlenend personeel omdat het product beter moet. Vooral doorwerken en productie draaien, is de boodschap van veel verpleeghuizen. Welbeschouwd is het een wonder dat er überhaupt nog mensen aan het bed in onze verpleeghuizen willen werken.

Ik heb een vader met een vasculaire dementie. Hij krijgt van mijn moeder de best denkbare zorg. Het is een verdrietige constatering, maar aan de verpleeghuiszorg zou ik mijn vader op dit moment niet toevertrouwen. Voor mijn gebrek aan vertrouwen zal ik echter nooit hen verantwoordelijk houden, die onder zeer zware omstandigheden blijven zorgen voor de meest kwetsbaren. Zij verdienen in de eerste plaats waardering, de noodzakelijke voorwaarde voor iedere verbetering in de zorg. De door de boven ons gestelden beleden bezorgdheid om het lot van de verpleeghuispatiënt is waardeloos wanneer woorden niet worden gevolgd door daden. Materiële en immateriële investering in de zorgverleners aan het bed is daarbij een eerste en noodzakelijke voorwaarde.

Job van Amerongen is politicoloog en verpleegkundige.



mailIcon print | |