OPINIE - Marike Hazeborg −
01/02/12, 12:10
Leraren vanuit heel Nederland zijn in de Jaarbeurs in Utrecht voor een manifestatie tegen de ophokuren in het onderwijs, 26 januari 2011.
De kans is groot dat u een leerling was die liever niet naar school ging. Daarom is het ook zo lastig om begrip op te brengen voor docenten die zich dagelijks uit de naad werken en nu in actie komen tegen het inkorten van hun vakantie, schrijft docente Marike Hazeborg.
Wie van u was vroeger dol op school? Wie kon 's ochtends niet wachten om te beginnen, en had moeite om het middelbare schoolgebouw aan het einde van de dag te verlaten? Wie van u speet het, dat het vakantie werd? En wie stond aan het eind van de vakantie weer te popelen om aan de slag te gaan? Enkelen van u, misschien. Hopelijk. Veel mensen uit die kleine groep zijn later zelf docent geworden.
Maar veel meer mensen hebben niet zulke positieve herinneringen aan hun middelbare schooltijd. Het was iets dat moest, een plek waar je aan eisen moest voldoen wilde je overgaan naar een volgende klas (en dus ooit van school af mogen). Verder werd je er lastiggevallen met dingen die je niet of niet goed kon en/of leuk vond. Het was voor velen van u, net zoals voor de leerlingen van nu, de kunst om met zo min mogelijk inspanning zo ver mogelijk te komen. U zorgde dus goed voor uw eigen vrije tijd. Dat kunt u zich vast nog wel herinneren.
Ook was het een tijd waarin u opgroeide. Uw wereld werd groter, maar u leefde nog onder het dak en hopelijk de zorg van uw ouders. Zij werkten hard, en deden veel om er voor te zorgen dat u zo goed mogelijk kon opgroeien, en een zelfstandig individu kon worden. Niet dat u dat besefte: het was gewoon zo.
En net zomin besefte u wat docenten allemaal deden om het u mogelijk te maken om qua opleiding op te groeien. Al die extra inspanningen gingen aan uw blik voorbij. En dat is niet gek, wanneer je een docent één, twee, of misschien drie keer per week ziet. Dan weet je niet dat de meeste docenten 's avonds thuis aan het werk zijn om jouw lessen mogelijk te maken.
Dat ze voorbereiden, nakijken, gesprekken met mentorleerlingen en/of hun ouders voorbereiden en voeren, bezig zijn met het programma voor de open avond voor nieuwe leerlingen, of de voorlichting voor derdeklassers. Dat ze een weer andere planning maken voor de volgende periode omdat er plotsteling allerlei andere (on)mogelijkheden zijn. Dat ze leerlingen begeleiden die een profielwerkstuk aan het maken zijn. Dat ze extra programma's opzetten en uitvoeren om leerlingen bij te spijkeren in vakken waar ze niet sterk in zijn.
Burn-outIn het weekeinde moeten ze bewust tijd vrijmaken voor familie en vrienden, want er is altijd wel iets dat blijft liggen. Om maar te zwijgen van de docenten die in hun vrije tijd een opleiding volgen, omdat er geen geld is om ze de wettelijk verplichte tijdscompensatie te geven (een vervanger is te duur). Alleen worden ze er wel uitgeschopt wanneer ze niet aan hun wettelijke verplichting tot het halen van de juiste bevoegdheid voldoen.
Ook weet je niet wat het de docenten aan vrije tijd kost om jouw stedenreis mogelijk te maken, inclusief de begeleiding ter plekke. Je weet niet dat je docenten structureel tot het maximum worden ingezet en dan nog structureel overwerken. Je realiseert je niet dat je docenten zo onder druk staan, dat bij hen het percentage slachtoffers van een burn-out het hoogst is van alle beroepsgroepen. En dan snap je niet dat ze geen week vakantie in willen leveren. En geen extra les willen geven voor een gelijkblijvend salaris.
Met de blik van hun eigen ervaring als leerling kijken de meeste mensen naar het (voortgezet) onderwijs. Waar zij meer begrip krijgen voor hun ouders wanneer ze zelf kinderen krijgen, ontwikkelen ze niet meer begrip voor docenten. Zij zijn immers niet in die positie. En de blik van de puber die liever niet op school heeft dan meestal een sterke invloed op hoe er met het onderwijs wordt omgegaan.
Die blik is er mede verantwoordelijk voor het feit dat de publieke opinie ieder signaal uit onderwijsland dat er nu echt niets meer bij kan of afgehaald kan worden negeert. En die blik zorgt er voor, dat docenten opbranden wegens gebrek aan gehoor, en gebrek aan een eerlijke, zakelijke beoordeling van de stand van zaken waar zinvol beleid uit voortvloeit. Nederland Kennisland? Niet vanuit de (onbewuste) puberblik.
Marike Hazeborg is docent Nederlands en maatschappijleer; en coördinator van de derdeklassers (havo/vwo).