OPINIE - Nausicaa Marbe −
27/01/12, 11:45
Hans Spekman, de nieuwe PvdA voorzitter, tijdens zijn speech op het PvdA congres in de Brabanthallen in Den Bosch.
© anp
Beter het geratel van PvdA-voorzitter Hans Spekman, dan het gewentel in onhaalbare idealen van de Nationale Ombudsman, schrijft Volkskrant-columniste Nausicaa Marbe.
Wat is Hans Spekman goed te pruimen, in deze tijden van schel compassiegezwatel. Terwijl het CDA met prietpraat komt die het politieke midden tenietdoet, schudt Spekman pragmatische agendapunten uit de mouw van zijn malle gewaad. Hij wil dat PvdA'ers verspilling van overheidsgeld tegengaan, klachten van burgers inventariseren en rap repareren wat bestuurlijk misgaat. Als het aan Spekman ligt, roept hij zijn kompanen een paar keer per jaar ter verantwoording. Zo moeilijk was het dus niet om los te komen van die armetierige retoriek van Job Cohen.
Daar ging de kersverse PvdA-voorzitter, ijsberend over het toneel, zonder spiekbriefje. Bijna in zichzelf gekeerd, ratelend in polderNederlands. Goed, dat hij breeduit vertelt aan welke rijkaards hij 'een hekel' heeft, is een faux pas. Een leider die met hekels dweept, belandt vroeg of laat in slecht gezelschap - of wordt dat zelf.
Maar dat neemt niet weg dat Spekmans linkspopulistische rap vooralsnog te prefereren is boven het pretentieuze gezwam over een moreel deugende, in liefde en harmonie gedrenkte samenleving die we zouden kunnen hebben. Als Wilders niet bestond, als de media niet polariseerden, als je naar 'de ander' zou luisteren. Een samenleving waar medelijden, religie en brave dialogen binden, waar 'ons' staat voor de verdwenen verschillen tussen 'wij' en 'zij' en niemand elkaar beledigt met rationele argumenten.
De konijnenbunker van de Teletubbies is een geperverteerde Hades in vergelijking met dit Nirvana waarin betrokken burgers zonder materiële verlangens, zonder vrees voor migratie (maar wel voor god) 's ochtends hun huizen verlaten om kracht te leren putten uit onderlinge verschillen en te participeren in het uitsluiten van uitsluiting.
Moet ik werkelijk uitleggen wat mis is met dit gewentel in onhaalbare idealen? Kennelijk. Dat dergelijke roze dictaten voorbijgaan aan de menselijke natuur en alle chaos eromheen. Ongeloofwaardig wordt alle conflict ausradiert. Ik doel niet alleen op de weke toekomstvisie van het CDA die de ruggegraat voor een realistische koersverandering ontbeert. De christen-democraten zijn niet de enigen die met idylles alles wat ze niet aankunnen bezweren.
Vorige week sprak de Nationale Ombudsman de Burgemeester Daleslezing uit. Nu snap ik dat Brenninkmeijer, naast zijn werk en zijn twintig nevenfuncties, geen tijd heeft om zich in het integratiedebat te verdiepen. Toch tikte hij, alsof er de afgelopen tien jaar niets gezegd en weersproken is, een tekst met het verrassende inzicht dat we door dialoog (en niet door debatten) het door de media gepropageerde wij-zijdenken moeten doorbreken. Als we elkaar vertrouwen, komt het goed. Ook hij gaat voorbij aan alles wat zulke harmonie duurzaam belemmert. Fraai staaltje moralisme, uit de koker van iemand die volgens zijn functieomschrijving onpartijdig moet zijn.
Opvallend is dat Brenninkmeijer welbekende citaten van Wilders zonder bronvermelding hanteert alsof ze uit de maatschappij (die in problemen gelooft die niet bestaan) naar boven komen. Het gemak waarmee zo'n belangrijk figuur een deel van de werkelijkheid ontkent en het gedachtengoed van de PVV bijna tot nationaal credo verklaart om gewicht te geven aan zijn rammelende betoog, is stuitend. Uiteraard wordt op zo'n zwabberend verhaal een sprookjeseinde geplakt dat alle zorgen ontkracht. Het goede overwint.
De hang naar idylle tast ook de wetenschap aan. Hoe valt anders te verklaren dat de Tilburgse cultuursocioloog Gabriël van den Brink jarenlang onderzoek deed naar praktische idealen van Nederlanders en in
Eigentijds idealisme: een afrekening met het cynisme in Nederland vooral stroop en honing presenteert. Zelfs de PVV-stemmers erin grossieren in lofzangen op de multiculturele samenleving. Dat de lezer hierbij zijn wenkbrauwen fronst, is in dit boek voorzien: in de tekst duikt een gespeeld kritisch, soms cynisch commentaar op - als voorbeeld van hoe het niet moet. Aha, wetenschap die niet bevraagd mag worden. Van den Brink slaat de plank mis als hij algemeen stelt dat burgers wel dromen en idealen hebben, maar politici niet. Ooit van desislamisering als electoraal beloond ideaal gehoord?
In deze hutspot vol selectieve wetenschap, politiek en opinie gaart een akelige gedachte: dat we moeten en kunnen leven als een collectief onschuldige, dociele, niet al te mondige lammeren, gehoed door een elite die, heus, echt waar, enkel goede bedoelingen en compassie kent.
Nausicaa Marbe is schrijfster en columnist van vk.nl.