*

 

'De gevangen Nederlanders waren slachtoffer van Russische chantage'

OPINIE - Feiko Postma − 26/01/12, 11:15
Het Rode leger marcheert door de straten van Moskou met duizenden Duitse oorlogsgevangenen in september 1944. © AFP

De Nederlandse autoriteiten bekommerden zich in de jaren na de Tweede Wereldoorlog wel om de gevangen landgenoten in de Sovjet-Unie. Dat betoogt historicus Feiko Postma.

In Jan Burgers' artikel over de nalatigheid van de Nederlandse regering jegens tal van oorlogsslachtoffers komen ook de in de Sovjet-Unie vastgehouden Nederlanders aan bod. Dat door Burgers geschetste beeld is op zijn minst eenzijdig en ongenuanceerd. Volgens hem bekommerden de Nederlandse autoriteiten zich totaal niet om deze landgenoten. Hij meldt ook dat er volgens Den Haag niets mis was met de houding van de Sovjet-Unie. De werkelijkheid was anders.

Het is waar dat op het einde van en net na de oorlog Nederlandse repatriëringsmissies vaak langs elkaar werkten. De andere waarheid was dat Nederland als kleine mogendheid niet in staat was om de eigen belangen bij de Sovjet-Unie door te drukken.

Hoe harteloos was de houding van Nederland ten opzichte van de in de Sovjet-Unie geïnterneerde Nederlanders? Wie de relevante archiefstukken uit 1945 tot 1950 van Buitenlandse Zaken doorneemt, ziet dat het amper wist hoeveel Nederlanders in de Sovjet-Unie verbleven. In de loop van 1946 meende men dat er nog 750 waren, maar later werd dat aantal steeds bijgesteld, van 430 halverwege 1950 tot uiteindelijk iets meer dan 200. Er waren in 1945 en begin 1946 overigens geregeld groepen Nederlanders via Odessa teruggekeerd en hoewel dit misschien toevalstreffers waren, bleek in elk geval dat de USSR de repatriëring op dat moment niet actief belemmerde.

Mennonieten
Wat verklaart dan de jarenlange vasthouding van de Nederlanders? Dat is niet, zoals Burgers meent, te wijten aan laakbaar passief gedrag van de Nederlandse overheid. In de zomer van 1946 kwam een groep van enkele honderden Mennonieten van oorspronkelijk Nederlandse komaf door omstandigheden in ons land. Zij bezaten het Russische staatsburgerschap en Nederland weigerde om hen terug te sturen naar de USSR. Daarop besloot Moskou alle nog in de Sovjet-Unie verblijvende Nederlanders vast te houden, totdat de in Nederland woonachtige Sovjetonderdanen zouden zijn teruggezonden.

In 1946 was het de Sovjetautoriteiten al maanden een doorn in het oog dat Den Haag weigerde om duizenden Sovjetonderdanen, die sinds de oorlog in Nederland zaten, te repatriëren. Sinds eind 1944 tot september 1945 waren duizenden andere Russen door de westelijke mogendheden en het Militair Gezag via of vanuit Nederland teruggezonden, maar door een adequaat optreden van Buitenlandse Zaken, Justitie en Binnenlandse Zaken kwam hieraan vanaf oktober 1945 een einde. Dit gewijzigde beleid leidde tot irritatie bij Moskou en dit verklaarde uiteindelijk de stopzetting van de terugkeer van de Nederlanders. In mijn dissertatie De repatriëring van Sovjetonderdanen uit Nederland 1944-1956: mythe en waarheid heb ik dit proces uitvoerig beschreven.

Passiviteit
Deed Nederland hier niets tegen? Liet het zijn landgenoten in de steek? Speelde de kwestie helemaal geen rol in Nederland? Burgers verzuimt aan te geven wat Nederland had kunnen doen. In de ontstane Koude Oorlog was ons land, een kleine mogendheid bovendien, volledig afhankelijk van de gunsten van de Sovjet-Unie. Achtereenvolgende Nederlandse ambassadeurs en ministers van Buitenlandse Zaken hebben vanaf 1946 geprobeerd om openingen te vinden en om toestemming voor bezoeken aan de gevangen Nederlanders te krijgen. Het waren er overigens niet honderden, zoals Burgers meent, hooguit 200. Met het ambassadepersoneel in Moskou mochten zij niet corresponderen en pakjes ontvingen zij evenmin. Een groot deel van deze Nederlanders was Oostfrontstrijder geweest en anderen hadden de pech dat ze zich op het einde van de oorlog toevallig achter de Russische linies bevonden.

Velen verbleven in kampen bij Kiev en Odessa of in de steenkolenmijnen van Workoeta ten noordoosten van Moskou. Nog andere landgenoten werden begin 1950 wegens hun inzet voor de SS in Kiev veroordeeld tot 25 jaar dwangarbeid. Tot in 1953 waren er in concentratiekampen of gevangenissen enkele tientallen Nederlanders opgesloten. Nederland wilde deze Oostfrontstrijders altijd berechten, want tenslotte hadden ze door in Duitse dienst te treden verraad aan Nederland gepleegd en niet aan de Sovjet-Unie.

Lange baan
Op 23 juni 1948 deed zich een gouden kans voor om alle landgenoten terug te krijgen, toen de Russische ambassadeur in Den Haag, Vassili Valkov, liet weten dat alle Nederlanders herwaarts konden keren, indien Nederland de Sovjetonderdanen via krantenadvertenties zou wijzen op de mogelijkheid om te repatriëren. Nederlandse ambtenaren moesten zich bovendien onthouden van anti-Sovjetagitatie. De advertenties werden gepubliceerd, maar de ex-Russen reageerden amper en door vertragingstactieken van de Russische ambassade en het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken geraakte de zaak weer op de lange baan.

Dat de kwestie in Nederland, ook in het parlement, onderbelicht bleef, was niet vreemd. Op dit punt heeft Burgers gelijk. Het dekolonisatieconflict in Indonesië slokte veel aandacht op. Het gaat te ver om Nederland in dit conflict de schuld te geven. Belgen, Luxemburgers, Fransen en Roemenen ondervonden dezelfde moeilijkheden, terwijl zij wel Sovjetonderdanen onder dwang terugzonden. Hun schriftelijke verzoeken om terugzending van hun landgenoten bleven trouwens vaak onbeantwoord.
De gevangen Nederlanders waren slachtoffer van Russische chantage. Het pleit voor Nederland dat het daaraan nooit toegaf. Dat is een betere conclusie.

Feiko Postma is historicus en werkt bij Instituut Blankestijn (Utrecht).







mailIcon print | |

Jouw mening telt!

Deel jouw mening met de andere VK bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />