De acteurs van de eerste Nederlandse 3D film Nova Zembla, Robert de Hoog, Derek de Lint, Doutzen Kroes en Victor Reinier bij de premiere in Amsterdam. © ANP
De acteurs van de eerste Nederlandse 3D film Nova Zembla, Robert de Hoog, Derek de Lint, Doutzen Kroes en Victor Reinier bij de premiere in Amsterdam. © ANP © UNKNOWN

Brandbrief aan de filmindustrie: 'Omarm het downloaden'

Topfilms van deze week zijn pas over maanden te zien in Nederland. Het is tijd dat de Nederlandse filmindustrie kritisch naar zichzelf gaat kijken om zo tot een andere manier van filmverspreiding te komen, een model dat wel aansluit op de moderne, gedigitaliseerde samenleving. Dat betoogt student Filmwetenschappen, Gert Jan Harkema.

Vorige week stuurde de Nederlandse filmindustrie als collectief een brandbrief aan de Tweede Kamer. Daarin worden de Kamerleden opgeroepen voor (strengere) regelgeving tegen het illegaal downloaden te stemmen. Hoewel de gezamenlijke filmproducenten en distributeurs stellen dat ze de individuele consument niet willen vervolgen, is de harde toon jegens beheerders en aanbieders van download-websites opmerkelijk.

Deze 'misdaadsyndicaten' zouden grof geld verdienen met het openbaar maken van films. De filmindustrie vindt dat het hun onmogelijk wordt gemaakt zichzelf hiertegen te verdedigen. Ik zou hier graag een ander perspectief willen belichten. Ik zou de filmindustrie willen oproepen niet de passieve slachtofferrol aan te nemen maar juist actief te reageren op wat er gebeurt in medialand.
Het werkelijke probleem van de filmindustrie is namelijk niet het downloaden maar een distributiemodel dat totaal uit de tijd is.

Beschikbaarheid
In dit distributiemodel heeft de aanbieder alle macht. De productiemaatschappij samen met de distributeur bepaalt wanneer en welke films er te zien zijn in de Nederlandse bioscopen. Dit model werkt alleen maar wanneer er beperkte beschikbaarheid is en wanneer de producent en distributeur daadwerkelijk de enigen zijn die beschikbaarheid van de film in de hand hebben. Echter, zoals hedendaagse filosofen hebben beschreven wordt de gedigitaliseerde maatschappij gekenmerkt door onmiddellijke beschikbaarheid; voor iedereen en overal. Informatie, evenementen en culturele producten moeten op ieder moment en op elke plek toegankelijk zijn.

Het huidige model beantwoordt niet aan deze vraag. Het gaat nog uit van de distributeur die bepaalt wat het publiek ziet en wanneer. Zo zijn de topfilms van deze week pas over maanden te zien in Nederland. Martin Scorseses nieuwste spektakel Hugo draait pas in februari in ons land, evenals The Descendants met George Clooney. De vertraging op een internationale arthouse film loopt al snel op tot een half jaar. Toch halen ook Nederlandse filmliefhebbers hun informatie van Engelstalige websites waar de films die vandaag trending topic zijn in februari alweer achterhaald zijn. Als Nederlandse filmliefhebber krijg je het gevoel achter de trend aan te lopen en als tweederangs kijker behandeld te worden. De Nederlandse kijker krijgt een warme appeltaart voor zich neergezet terwijl hij deze pas over enkele maanden mag opeten. Maar dan is de taart al behoorlijk afgekoeld.

Arrogant
De filmindustrie is arrogant. Het kan maar moeilijk afstand doen van zijn macht over de beschikbaarheid van films. Eerst wordt gekeken hoe een film het commercieel doet in de VS alvorens het maanden later in Nederland wordt uitgebracht. De introductie van spektakelfilms, IMAX en 3-D laten de filmliefhebber nog wachten voor de echte bioscoopervaring. Goeduitgevoerde dramafilms hebben al snel minder geluk. Ook ik sla dan aan het downloaden om maar niet maanden te hoeven wachten. Het is daarom tijd dat de Nederlandse filmindustrie kritisch naar zichzelf gaat kijken om zo tot een andere manier van filmverspreiding te komen, een model dat wel aansluit op de moderne, gedigitaliseerde samenleving.

Muziekindustrie
Ongeveer tien jaar geleden zag de muziekindustrie downloaden als een soortgelijke bedreiging. De succesvolle bedrijven in de huidige muziekindustrie zijn niet diegene die in de verdediging zijn geschoten met het opzetten van rechtszaken. Het zijn juist de ondernemers als iTunes, Spotify en Pandora die zich gericht hebben op een brede beschikbaarheid van muziekproducten. Het is nu ook aan filmindustrie om zich opnieuw uit te vinden. Evenals bij de muziekindustrie hoeft dit zeker niet ten koste te gaan van kwaliteit; het biedt juist geweldige mogelijkheden voor een meer 'open' distributie.

De brandbrief die de filmindustrie stuurde, wekt de indruk dat de Nederlandse filmindustrie onder druk staat. Dit is helemaal niet het geval. De filmsector is juist groeiende. Tussen 2008 en 2010 nam het bioscoopbezoek met zestien procent toe aldus het jaarverslag van de bioscoopexploitanten. De Nederlandse film blijft daarbij niet achter. Denk maar aan de commerciële successen van Gooische Vrouwen, New Kids, en Nova Zembla. Hierdoor lijkt de filmindustrie weinig innovatief geworden in hun omgang met de digitale beschikbaarheid van films. Dat is een gemiste kans. In plaats van in de verdediging te schieten, zou de filmindustrie de nieuwe mogelijkheden juist moeten omarmen. Het illegaal downloaden moet daarom gezien worden als een belangrijk signaal om de Nederlandse filmliefhebber serieus te nemen en het te geven wat hij wil: gewoon mooie films kijken, en wel nu.

Gert Jan Harkema is student Filmwetenschappen aan de Rijksuniversiteit Groningen.