Robert Giebels −
02/11/11, 13:18
© anp
vk column
Het leed of juist plezier dat reizen met de trein heet. Volkskrant-redacteur Robert Giebels schreef er een boek over dat gisteren uitkwam. Op vk.nl de komende weken korte fragmenten uit 'Onze excuses voor het ongemak'.
NederlaagEen file van auto's is analoog, een treinvertraging is digitaal. De minuten die je verliest in de file, zijn gelijk aan het aantal minuten dat je te laat komt op je werk. Maar een paar minuutjes treinvertraging kunnen zich wonderbaarlijk vermenigvuldigen.
Eerst moet de trein wachten op een plek op het station. Dat kost een paar minuten erbovenop. Dan moeten treinen die wel op tijd rijden eerst vertrekken - dat is beter voor de statistieken. En die eindeloze goederentrein? Die kan ook nog in dat gaatje. En die stoptrein ook, waardoor jouw intercity in hetzelfde ritme stil staat. Dan is de vertraging zo opgelopen dat de NS het maar beter vindt jouw trein te laten verdwijnen. 'Het volgende station', hoor je dan met vrolijke stem, 'is tot onze spijt het eindpunt van deze trein.'
Eenmaal op het perron van Heerejezusveen lijd ik een enorme nederlaag: ik verlies mijn humeur. En dat wil ik per se niet. Ik wil niet vloeken. Maar G*^V#&D$%K@$!, hoe vaak heb ik die aansluiting niet gemist? En waarom vloekt er niemand fijn met mij mee? Hebben mijn collega-forensen dan nóg meer ervaring dan ik? Alleen op een perron je emoties de vrije loop laten, dat heb ik eigenlijk alleen zwervers met een delirium zien doen.
Om mezelf in tomen, reken ik uit hoeveel minuten vertraging ik nu ga oplopen. 'Zevenenveertig!', stoot ik uit. Twee mensen draaien geïrriteerd hun hoofd. Maar niemand heeft volgens mij de verwensing erin gehoord die ik er in heb gelegd. Bovendien ben ik keurig gekleed.
Robert Giebels is redacteur van de Volkskrant.