Femke Halsema −
19/07/11, 14:08
Theo van Gogh
In de Nederlandse talkshows wordt het zelden spannend. Het moet vooral gezellig zijn. Daardoor krijgen sterke tv-persoonlijkheden geen ruimte zich te laten zien.
Bij alle nadelen die de zomerprogrammering heeft, zoals uitzending van derderangs films en de herhaling van eerder opzettelijk gemiste programma's, is er één onverwacht voordeel: de afname van talkshows.
Nederlandse publieke televisie is vergeven van 'talkshows' waarin op 'het scherpst van de snede' over maatschappelijke onderwerpen wordt gediscussieerd. Ha!
Niets te na over de professionaliteit van Witteman, Pauw, Knevel, Van den Brink en anderen, maar echt spannend wordt het zelden. Ook het programma Uitgesproken van respectievelijk VARA, EO en WNL, varieert op de drie uitgezonden dagen zo weinig dat een buitenlander daar onmogelijk tegengestelde ideologische stromingen in kan herkennen.
In de zomer worden deze vervangen door bezonken programma's zoals Het Filosofisch Kwintet en Spraakmakende Zaken die (aldus Clairy Polak) 'eerder het doorgronden van problemen dan het twistgesprek' als kern hebben, en door een ondraaglijk licht programma zoals Zij is van mij, dat gisteravond werd uitgezonden. Dat laatste programma, waarin mannen over vrouwen praten, heeft zo'n hoog keutelgehalte dat je halverwege spontaan verlangt naar de mop 'waarom hebben vrouwen één hersencel meer dan een koe', zodat je je als vrouwelijke kijker tenminste kwaad kan maken.
MuizenradWat is dat toch met Nederlandse talkshows, die afwezigheid van rumoer en diepgeworteld meningsverschil, waardoor je adem stokt en je de afstandsbediening wegduwt?
Het is wellicht de beperktheid van het Nederlandse taalgebied. Het zal de kleine kring zijn van bekende, opiniërende Nederlanders die, als in een muizenrad, eindeloos op en af draven maar ook conflict mijden omdat ze weer met elkaar door één deur moeten (mea culpa).
Het is ook onze cultureel bepaalde hang naar gezelligheid. De enkele keer dat een discussie vilein wordt, zoals het afgelopen seizoen gebeurde tussen Jort Kelder en Pieter Storms in DWDD, leidt dat tot een ongemakkelijk schuiven op stoelen.
Er is denk ik nog een reden.
Een maand geleden zond Fox News
een twistgesprek uit tussen hun beroemde conservatieve 'anchor' Chris Wallace en de progressieve komiek Jon Stewart. Beide mannen zijn tv-iconen. Zij discussieerden over de bevooroordeeldheid van media en over polarisatie. Het was van begin tot eind razend spannend. Beide mannen waren eloquent, bij vlagen gemeen, geestig en zelfbewust. Het is televisie gemaakt door persoonlijkheden met een grote innerlijke noodzaak het publieke debat te beïnvloeden.
Niks 'gesprekje, kwisje, dingetje'. Een kale studio, twee camerastanden 25 minuten lang, en - vooral - twee sterke persoonlijkheden. Nederlandse talkshows zijn vaak 'formats', waarin de presentator en de gasten getypecast zijn: de acteur, de komiek, de allochtoon, de goedlachse politicus en de onbekende met een verdrietig verhaal. Zij bewegen binnen de door omroepen vastgestelde grenzen van vermakelijkheid en lichtheid. Het zal vast gebaseerd zijn op kijkersonderzoek, maar ik verlang naar sterke, omstreden tv-persoonlijkheden. Ooit maakte Theo van Gogh Een prettig gesprek. Een tafel, twee stoelen en een dikke buik waarachter een niet weg te poetsen persoonlijkheid schuil ging.
Ik ben ervan overtuigd dat Nederland die persoonlijkheden nu ook kent, maar ze moeten zich bevrijden uit de dictatuur van vluchtige formats en de hang naar gezelligheid.
Femke Halsema vervangt deze week Jean-Pierre Geelen als tv-recensent van de Volkskrant.