Onderzoeker: ‘Een half miljoen nieuwbouwwoningen komen bij een overstroming onder water te staan.’..
AMSTERDAM Gemeenten en projectontwikkelaars lijken wel een voorkeur te hebben voor woningbouw in gebieden die volgens de overheid zelf een overstromingsrisico hebben. Als alle nu bekende woningbouwplannen worden uitgevoerd, dan komen er tot 2030 1,3 miljoen woningen bij, waarvan ongeveer een half miljoen in gebieden met een overstromingsrisico.
Tot die conclusie komt het Nederlands Instituut voor Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting (Nirov) na inventarisatie van alle woningbouwplannen en bestudering van de zogeheten risicokaart van de overheid. Het Nirov noemt het ‘zorgelijk’ dat van al die plannen slechts een fractie een dusdanig waterrobuust of waterbestendig ontwerp heeft, dat bij eventuele doorbraak van een primaire waterkering de schade aan woningen meevalt.
‘De notie van de Deltacommissie dat Nederland meer rekening moet houden met wateroverlast speelt maar een matige rol bij makers van nieuwbouwplannen’, concludeert Nirov-onderzoeker Jan Kadijk. ‘Ik wil geen paniek schoppen, daar is ook weer geen reden toe, maar het blijft merkwaardig dat we blijven bouwen in gebieden die risicovol zijn.’
Bij de inventarisatie past de kanttekening dat het Nirov ook plannen heeft meegerekend die nog in een beginstadium verkeren. Als het gaat om de risico’s bij falen van de primaire waterkering hanteert het Nirov de normen van de risicokaart van de overheid zelf: woningen kunnen dan tot zeven meter water te verduren krijgen.
Kadijk erkent dat Nederland nu al veel woningen in laaggelegen polders heeft en dat er van acute dreiging geen sprake is. In Trouw van afgelopen zaterdag constateert hoogleraar waterbouwkunde Han Vrijling dat ‘nieuwe waterbouwers plotseling en selectief het vertrouwen in polders verliezen’. Volgens hem kunnen Nederlanders ook in de toekomst veilig in diepe polders wonen ‘mits de dijken goed onderhouden en op peil worden gehouden’.
Het Nirov zet vraagtekens bij het Westergouwe-bouwplan tussen Gouda en Rotterdam. In een van de diepste polders van het Groene Hart wil Gouda vierduizend woningen bouwen. Kadijk: ‘De vraag is of je vanuit het oogpunt van ruimtelijke ordening voor zo’n locatie moet kiezen. Het is toch een soort badkuip waarin je gaat bouwen.’
De Deltacommissie onder leiding van oud-minister Cees Veerman stelde anderhalve week geleden dat het bouwen op ‘fysisch ongunstige’ locaties gebaseerd moet zijn op een maatschappelijke kosten-batenanalyse. De kosten van het bouwen in diepgelegen polders moeten niet op de samenleving worden afgewenteld, ‘maar gedragen worden door degenen die ervan profiteren’, vindt de commissie. Kadijk: ‘De vraag is of je met deze aanbeveling geen rechtsongelijkheid creëert. Er wonen nu toch ook al mensen in risicogebieden?’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.