Twee Franse kunstenaars plakken foto’s van Iachende Israëli en Palestijnen aan weerszijden van de grens. Dat schept een band. Door Jan Pieter Ekker..
‘U heeft gelijk. Deze gezichten zijn volkomen belachelijk’, zegt broeder Jack uit Bethlehem, staand onder een metershoge foto waarop hij een gekke bek trekt. ‘Maar weet u wat’, vervolgt hij. ‘De oorlog is ook belachelijk. De oorlog lost geen problemen op. De oorlog veroorzaakt alleen maar problemen. De oorlog brengt ons nergens.’
Broeder Jack heeft het tegen een man en een vrouw in een auto. De vrouw knikt ja. De man die naar de foto’s heeft zitten turen, richt zich tot de camera en zegt: ‘U heeft gelijk. Zo komen we nog eens ergens. Het duurt een paar minuten, maar nu begrijp ik alles veel beter’. De vrouw lacht. De man lacht mee.
Daarna legt de geestelijke Jack het nog een keer uit in de camera: ‘Als je vergeet te lachen, word je minder menselijk. We huilen hier veel, maar we moeten ook lachen. Hopelijk maakt dit project ons menselijker. Iedereen – aan beide zijden van de grens.’ En weg zijn ze, op naar de volgende stop, naar Jeruzalem.
In Faces, het regiedebuut van Gérard Maximin alias Gmax, gaan de Franse kunstenaars JR en Marco, respectievelijk verantwoordelijk voor de foto’s en het concept, naar het Midden-Oosten om onder het motto Face 2 Face de lokale bevolking aan weerszijden van het conflict in hilarische poses vast te leggen en op posterformaat in het openbaar te exposeren. Door de mensen zo met elkaar en zichzelf te confronteren, zou het wederzijdse begrip moeten toenemen.
De film – opgenomen in de competitie om de Joris Ivens Award – werd geproduceerd door Pieter van Huystee, die geïnteresseerd raakte in JR na het zien van een reportage in het alweer snel ter ziele gegane VPRO-kunstmagazine Picabia. Daarin vertelt de autodidact JR hoe hij zijn eerste camera vond in een metro in Parijs, vergeten door toeristen. Toen het ding er vier haltes later nog steeds lag, heeft hij het maar meegenomen. Het was geen supertoestel, maar het had wel een goede flits. JR (de fotograaf maakt net als Gmax en Marco gebruik van een schuilnaam voor het geval er problemen ontstaan, het is immers illegaal om lukraak en zonder vergunning posters en foto’s op te plakken) kocht een zwart-wit rolletje en schoot wat beelden van vrienden. Die wilden de foto’s graag hebben. Omdat hij geen geld had om ze af te drukken, maakte JR fotokopieën. Wat hij over had, plakte hij op straat. Zoals een graffitispuiter een tag achterlaat.
Het project Portrait of a Generation zette de Franse fotograaf op de kaart. Met een 28-millimeter lens trok hij de banlieues in; de metersgrote portretten plakte hij vervolgens (illegaal) in de welgesteldere buurten van Parijs. Face 2 Face is het tweede deel van JR’s 28 millimètres project. Meer van hetzelfde, maar dan op de grens tussen Israël en de bezette gebieden. Van Jericho naar Tel Aviv, van Bethlehem naar Jeruzalem.
Israëliërs en Palestijnen zijn weliswaar buren, maar ze kennen elkaar alleen door de (partijdige) media. Daarom hangt hij portretten van Palestijnen op Israëlisch grondgebied en vice versa. Portretten van Israëli en Palestijnen met hetzelfde beroep, zij aan zij, of ‘face to face’. Geschoten met zijn groothoeklens, van heel dichtbij. Zodat iedereen kan zien dat de burgers van beide landen nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn, ondanks de zich al jaren voortslepende oorlog.
Het project Face 2 Face en de film Faces zijn te beschouwen als kunst van kwajongens, die blij zijn als er politiemannen of militairen verschijnen die hun posters van de muur trekken voordat de lijm goed en wel is opgedroogd. Dan valt er tenminste iets te filmen.
De enorme foto’s van gekke bekkentrekkende Palestijnen en Israëliërs met hetzelfde beroep leidden ook in Nederland al tot reuring. De illegaal geplakte foto’s – Van Huystee heeft nog een nachtje helpen plakken – moesten eerder dit jaar op bevel van ambtenaren van het Stadsdeel Centrum in Amsterdam worden verwijderd van de gevels van een boekhandel, een concertzaal en het fotografiemuseum. Op straffe van een dwangsom van 15 duizend euro. De foto’s zouden geen kunst zijn, maar reclame. Daar was een vergunning voor nodig.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.