In het Algemeen Dagblad stond gisteren een mooi interview met Jean Nelissen, onder de kop 'De Neel laat zich niet lossen'....
Aan het eind van het gesprek, de zoveelste grappa was doorgekomen, velde Jean een vernietigend oordeel over de Nederlandse wielrenners: 'Maar nu, sorry dat ik het zeg, ze kunnen er helemaal niks meer van. Het Nederlandse wielrennen, maar ook het Belgische, stelt geen klote meer voor. Wat doen we? Nemen we er nog één?'
Het is de tragiek van de ouder wordende mens, dat hij zijn eigen achteruit kachelende fysieke en mentale gesteldheid projecteert op de wereld om hem heen en overal verval waarneemt.
Jean Nelissen was in 1996 voor het laatst actief als Tour de France-verslaggever. Dat is langer geleden dan ik dacht; bij Jean meen ik me altijd te herinneren dat hij er vorig jaar nog bij was. Kennelijk denken veel meer mensen dat, want het A Dvoerde vorig jaar nog een actie om hem weer terug te brengen in het stoeltje naast Smeets, waarop door de lezers enthousiast werd gereageerd.
Er begint zich, kun je vaststellen, legendevorming te voltrekken rond de figuur Nelissen. Laatst hoorde ik iemand, van wie ik zeker wist dat hij in Nelissens actieve periode tot de volbloed haters behoorde, verzuchten dat hij heftig terugverlangde naar Jean.
Hij is straks tien jaar weg uit de Tour, maar in de Tourweken meer aanwezig dan in zijn actieve periode. Je hoort hem op de radio bij BN R elke ochtend zijn Tourcolumn voorlezen, hij schrijft een column voor NRC Handelsblad en vast nog wel eentje elders, hij vult elke avond een filmpje in De Avondetappe van Mart Smeets en ik hoor hem ook tot vervelens toe in een tv-reclame van Skoda die zó slecht is, dat al het jarenlange harde werken om dat merk een beter imago te bezorgen in één klap teniet wordt gedaan.
Jean Nelissen is een beminnelijk mens, neemt u dat van me aan. Hij heeft mij toen ik net in de Tour kwam kijken, geheel uit de goedheid van zijn hart, vele belangrijke adviezen gegeven, zoals: elke dag nijver L'Equipe lezen, 's avonds nooit gaan eten bij McDonalds, maar in het dichtstbijzijnde sterrenrestaurant, je geen rare gedachten over de meisjes van het erepodium in de kop halen en niet roken in de buurt van bepaalde renners ('Explosiegevaar!').
Toch verbaast de hernieuwde populariteit van de oude koning van Limburg mij. Want ik meen me toch te herinneren dat de kritiek op het duo Nelissen-Smeets meestal niet mals was. Wie zich wielerkenner waande, taalde destijds niet naar de NOS, die zat bij de VRT. Want daar had je 'de twee Marken', Mark Van Lombeek en Mark Uytterhoeven - inderdaad veruit het beste verslaggeversduo dat ooit in het wielrennen actief was.
Jean was de kampioen van de triviale kennis. Als een onbekende Hongaar in beeld kwam, wist Jean te vertellen dat de grootvader van de renner uitvinder was van de poestasaus en dat zijn blinde zus leeuwentemster was in het Russisch Staatscircus. Uit alle wist-u-datjes die Jean door de jaren heen over ons uitstrooide, had je gemakkelijk een wieler-Triviant kunnen samenstellen.
Die brede kennis herken je tegenwoordig nog in zijn onderwerpkeuze voor De Avondetappe. Niemand kent zoveel mensen in het wielerwereldje als Jean en meestal weet hij meer van de tachtigplusser van de dag dan de ondervraagde zelf. Vage Spaanse verzorgers, weduwen van lang vergeten Tourhelden, een accordeonartieste van wie iedereen dacht dat ze al lang dood was, of de oude zus van Agostinho: Jean spoort ze op en blaast ze de sigarenrook in het gezicht - zijn beproefde interviewtechniek.
Laatst zag ik hem in de tuin bij oud-Tourwinnaar Thévenet. Jean trok aan zijn sigaar en mompelde iets over de kleuren van de wolken. Hij bewoog langzaam heen en weer - kennelijk bevond zich onder Thévenets villa een voortreffelijke wijnkelder. Even was ik bang dat Jean met een laatste 'incroyable' zo voorover het riante zwembad in zou kantelen en in de golven zou verdwijnen.
Ik mag Jean graag. Ik hoop maar dat hij niet gedwongen lost en ervoor kiest tijdig en op waardige wijze af te stappen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.