*

 
dossier

Archief

'Is Adje twee keer zo goed? Nee'

Van onze verslaggever Broer Scholtens − 07/12/01, 00:00

Universiteitsprofessor Ad Lagendijk vertrekt met miljoenen aan apparatuur van de UvA naar de Universiteit Twente. Tegenwerking door het UvA-bestuur en asbest zijn de redenen, zegt hij....

De afgelopen jaren zijn er aan zijn universiteit, de Universiteit van Amsterdam (UvA), forse bezuinigingen doorgevoerd. 'Die hebben mijn vakgebied, de experimentele natuurkunde, onevenredig getroffen', zegt natuurkundige prof. dr. Ad Lagendijk, die donderdag aankondigde in maart volgend jaar over te stappen naar de Universiteit Twente, met medeneming van acht tot tien onderzoeksplaatsen en vier tot zes miljoen gulden aan apparatuur.

'Door grote investeringen in nieuwbouw in de Watergraafsmeer buiten Amsterdam is bovendien groot achterstallig onderhoud ontstaan in de huidige experimentele ruimtes van de UvA op het Roeterseiland in de binnenstad. Bezuinigingen op universitair onderzoek door het ministerie van Onderwijs hebben dat nog eens versterkt.

'Het is daardoor voor fysici niet meer aantrekkelijk om hier te werken, het wordt steeds moeilijker om aio's, post-docs en hoogleraren hier heen te halen. De UvA verliest op andere universiteiten.'

Lagendijk is universiteitsprofessor. In 1996 werd hij als eerste door het college van bestuur van de UvA vrijgesteld voor onderzoek vanwege zijn hoogstaande research. Sinds de zomer ligt het onderzoek in zijn groep grotendeels stil, op last van de Arbeidsinspectie, omdat er asbest zit in de plafonds van het Van Der Waals-Zeeman Instituut. En die situatie zal de komende zes maanden niet veranderen. Geen onderzoek dus. Dat was de spreekwoordelijke druppel voor Lagendijk.

In Twente, verwacht hij, is de wetenschappelijke infrastructuur uitdagender. Enschede heeft geavanceerdere apparatuur en enkele hooggekwalificeerde onderzoekers in aanverwante vakgebieden. Lagendijk werkt aan de voortplanting van licht in troebele media, in witte verf bijvoorbeeld.

Maar hij gaat ook naar Twente omdat het aan de UvA steeds onaantrekkelijker is geworden om wetenschap te bedrijven. Lagendijk, ook columnist in het katern Wetenschap van de Volkskrant, schreef daar eind november over in zijn bijdrage, toen nog zonder specifiek te zijn. 'Experimentele natuurkunde is een duur vak. Er zijn dure apparaten nodig die snel verouderd zijn.

'Onderzoekers in andere vakgebieden fronsen altijd hun wenkbrauwen als ze de begroting zien van een laboratorium voor experimentele natuurkunde. Adje krijgt twee keer zoveel geld als zijn niet-experimentele collega's.

'Is Adje twee keer zo goed? Nee, natuurlijk niet. Maar dan hoeft Adje ook niet twee keer zoveel geld te hebben, is de algemene redenering.' En: 'In mijn universiteit laten ze duidelijk merken wat ze van de investeringen voor experimenten vinden. Die worden in de begroting opgenomen als Overige Lasten.'

Voorzitter van het college van bestuur van de UvA, dr. S. Noorda, herkent zich niet in deze beschrijving van zijn universiteit. 'Wat we uitgeven aan de natuurwetenschappen is vele malen groter dan aan de sociale wetenschappen', verdedigt hij zich. 'De komende jaren steekt de universiteit 400 miljoen gulden in nieuwbouw in de Watergraafsmeer, voor de natuurwetenschappen.

'Dat heeft absolute topprioriteit. Dan kun je toch niet zeggen dat die door ons stiefmoederlijk worden behandeld. Over anderhalf jaar begint de bouw. Visitatiecommissies beoordelen de natuurwetenschappen hier lovend, de faculteit is vitaal, er zijn samenwerkingsverbanden gegroeid op het gebied van de moleculaire biologie, bijvoorbeeld. Nee, Lagendijk moet een zwart uur hebben gehad toen hij die column schreef', stelt Noorda, die zegt het vertrek van de optica-hoogleraar te betreuren.

Een zwarte dag, welnee, zegt Lagendijk. 'Ik heb de afgelopen jaren diverse malen met het universiteitsbestuur gesproken over de problematiek rond de experimentele fysica. En wat de nieuwbouw betreft, de realisatie daarvan is prachtig, maar vergeet niet dat die nieuwbouw reeds enige jaren is vertraagd en dat die op z'n vroegst in 2005/2006 in gebruik kan worden genomen.'

'Intussen wordt er niet meer in de oudbouw, de laboratoria hier, geïnvesteerd. Dat is nu al jaren zo. De afwachtende houding ten aanzien van dat asbest, waardoor we niet meer kunnen experimenteren, ligt in het verlengde daarvan', aldus Lagendijk.

mailIcon print |