*

 
dossier

Archief

Jeugdige boefjes zijn niet bang voor taakstraf

Van onze medewerker Philip van de Poel − 30/05/01, 00:00

Bij de politie in de Utrechtse achterstandswijk Kanaleneiland weten ze het sinds kort zeker: sommige jongeren in de wijk zitten vaker op het politiebureau dan op school....

In wijken als Overvecht en Hoograven is het niet anders. Het beeld is zo somber dat de Utrechtse politie sinds kort per achterstandswijk een probleemjongeren-toptwintig bijhoudt. Ook elders in de stad wordt nu het aantal minderjarige criminelen dat in aanraking komt met de politie geturfd.

Naar aanleiding van de bevindingen van de turfactie constateerde de Utrechtse korpschef P. Vogelzang maandag dat de huidige strafpraktijk tekortschiet als het gaat om het in bedwang houden van de harde kern probleemjongeren - vooral Marokkanen. Waar het jeugdstrafrecht en de hulpverlening falen, aldus Vogelzang, kan alleen het strafrecht voor volwassenen nog uitkomst bieden.

Zijn pleidooi voor strenger straffen vindt gehoor bij een meerderheid van de Tweede Kamer. En ook politiekorpsen in Amsterdam en Dordrecht pleiten voor harder optreden.

De probleemjongeren van Utrecht laten het geweld aan pleidooien gelaten over zich heenkomen. Niemand heeft behoefte serieus te reageren. 'Misschien is het voor sommige jongens wel goed', luidt een van de schaarse commentaren: 'Om ze wakker te schudden.'

Jongeren wakker schudden doen ze bij Bureau Halt. Maar ook daar zijn ze niet echt optimistisch. Volgens woordvoerster C. Veerman is een groeiend aantal Halt-klanten niet vatbaar voor een leerstraf. 'Jongeren die in een criminele groep zitten, horen hier niet thuis, maar ze hebben recht op een Halt-afdoening. Een alternatieve straf werkt niet bij ernstig probleemgedrag, dan is het wachten op een volgend delict.'

Bij de jeugdreclassering in Utrecht weten ze dat ook. 'Die jongeren die kiezen voor de criminaliteit moet je keihard aanpakken', zegt F. Hooving, hoofd jeugdreclassering. Hij gelooft niet dat het strafrecht voor volwassenen het probleem van criminele jongeren kan oplossen. De recente verscherping van het jeugdstrafrecht en de nieuwe begeleidingsmethodes bieden voldoende mogelijkheden, zegt Hoving. Bovendien slaat korpschef Vogelzang de plank mis als hij het heeft over honderden probleemjongeren in de regio Utrecht. 'Het zijn er maar een paar, het gros zijn jongeren die bij alle problemen een nieuw perspectief verdienen.'

Volgens Halt-woordvoerder Veerman wordt dat perspectief niet zelden vertroebeld door de hulpverleningsinstanties zelf. 'Er is onvoldoende samenwerking en te veel bureaucratische rompslomp. Dat vertraagt de hulpverlening, de jongeren groeien intussen door de verkeerde richting in.'

Jongerenhulpverlener M. Amjahad van Welzijn-west, onder meer de Utrechtse wijk Lombok, ziet regelmatig hoe hulpverleningsinstanties langs elkaar heen werken. Zo zijn er volgens Amjahad scholen die verzuimen direct melding te maken van ernstig spijbelgedrag, het eerste signaal van delinquentie. De reden: uitvallers drukken het leerlingenaantal en daarmee ook de financiering van het onderwijs.

Laatstekansprogramma's raken bekneld in de trage molens van het justitieel apparaat. Deelname aan deze programma's is vrijwillig, maar volgens Amjahad is een stevige stok achter de deur onmisbaar. 'Als justitie niet direct optreedt tegen wegblijvers, vragen de anderen zich af waarom ze stom lesjes zouden leren als ze zonder gevolgen weer de straat op kunnen', verzucht Amhadjan.

Traag functioneren nekte ook het recente optreden van Bureau Jeugdzorg, de koepelorganisatie waartoe de Jeugdreclassering behoort. Door het samengaan van verschillende hulpverleningsinstanties ontstonden lange wachtlijsten. 'De start is moeizaam geweest', erkent Hoving. 'Jeugdzorg is overvallen door de hoeveelheid vragen.'

Volgens Hoving zijn de wachtlijsten nu weggewerkt en worden de laatstekansprogramma's strak gecontroleerd. Teamleider S. Weterings van de jongerenwelzijnsorganisatie Strand houdt niettemin twijfels over het optreden van jeugdzorg. 'In jongens van 16, 17 jaar wordt vaak weinig energie meer gestoken, want die zijn toch bijna volwassen.'

'Het is een trend bij hulpverleningsinstanties: ben je te moeilijk, dan word je eruit geknikkerd', stelt jeugdhulpverlener E. Yilmaz. 'Zo laat je jongeren aanmodderen.'

Tegen deze achtergrond is het volgens Amjahad en Yilmaz makkelijk roepen om zwaardere straffen. 'Jongeren met straf domweg van de straat houden, werkt averechts', gelooft Amjahad. 'Je oogst, wat je zaait', valt Yilmaz bij. 'Kijk naar Amerika, daar komen jonge delinquenten alleen maar harder uit de gevangenis.'

mailIcon print |