*

 
dossier

Archief

Huiskamer in de Ooypolder

Aukje van Roessel − 06/03/99, 00:00

Ineens was daar toen de Bisonbaai. Ik ben vergeten van wie ik voor het eerst hoorde dat je daar heerlijk kon zwemmen....

Het moet 1976 zijn geweest. Zwemmen in de Bisonbaai, gelegen in de Ooypolder bij Nijmegen, was toen nog verboden. We klommen gewoon over het hek, sjokten door het weiland naar de rij bomen, die op een dijkje de achtergelegen Waal toewuifden, en kleedden ons uit om vervolgens lekker naakt het water in te duiken.

Hels waren de boeren. Al die blote lijven, daar moesten ze niks van hebben. Dat ze de naaktzwemmers met gier overgoten of met de riek achterna zaten, heb ik echter alleen uit de verhalen. Dat ze ook geld verdienden aan al die stadse fratsen, daar moet ik nu nog om lachen. Het dijkje was namelijk al snel te smal voor de velen die met de auto kwamen. Dus was er iemand zo slim zijn weiland als parkeerplaats open te stellen. Tegen betaling natuurlijk.

De Bisonbaai is inmiddels natuurgebied. Volgens het bordje, dat nu bij het hek staat en waar wij destijds overheen klommen, is het bezit van Staatsbosbeheer. De rij bomen op het dijkje staan er nog steeds. Ze hebben nog droge voeten, maar de inlands gelegen baai zelf is door het hoge water deel van de Waal geworden. Vanaf het dijkje waarover wij vroeger fietsten is nu een onmetelijke watermassa zichtbaar. Een mooi gezicht, zolang ze niet over deze dijk heengolft.

We kwakten onze rammelende, roestige fietsen destijds neer bij het cafeetje Oortjeshekken. Het café ligt er nog steeds, al heeft het sindsdien een geweldige gedaantewisseling ondergaan. Heel soms gingen we er wat drinken. Geldgebrek weerhield ons ervan vaker aan te leggen. Bovendien had de toenmalige uitbater, de familie Spierings, in het zeer ouderwetse café een heel andere cliëntèle: boeren uit de omgeving die daar een glaasje kwamen drinken, biljarten en kletsen.

De veranderingen bij Oortjeshekken heb ik zelf niet meer meegemaakt. In een van de vele zwarte klappers 'eigen geschiedenis', die in een boekenkast in het inmiddels tot logement omgebouwde Oortjeshekken staan, lees ik waarom. In het jaar dat ik Nijmegen verliet - 1980 -, bood de familie Spierings het te koop aan.

Sindsdien zijn Jan Willems en Mieke Scheepers de trotse eigenaren. Ze hebben het café ingrijpend veranderd en toch heb je het gevoel dat ze de inrichting bij het oude hebben gelaten. Knap gedaan. Alleen de paar foto's, ook in zo'n zwarte klapper, uit het tijdperk-Spierings doen mij eraan herinneren dat het café twintig jaar geleden er op een andere manier ouderwets, namelijk wat verlopen, uitzag.

Het logement geniet nu landelijke bekendheid. Van heinde en verre boeken mensen een weekeinde. Een verbijf van twee nachten is verplicht. Maar dat is geen straf, hoorde ik tijdens de kerstvakantie van twee vrouwelijke mountainbikers in Limburg. Een van hen had zo de smaak van het buiten zijn te pakken gekregen dat ze zich in het nieuwe jaar op een paar dagen Oortjeshekken wilde trakteren. Ze begreep dat ze dan tijdig moest reserveren, namelijk maanden vooruit.

Genietend van een lunch snap ik waarom Oortjeshekken zo in trek is. De omgeving is nog steeds prachtig. In dit jaargetijde vertoeven bovendien duizenden eenden, ganzen en vogels op de nog droge weilanden aan de binnenkant van de dijk. Voor een vogelaar moet dat het einde zijn.

Maar ook Oortjeshekken zelf biedt alle reden naar de Ooypolder af te reizen. Tijdens de reis naar Nijmegen bedenk ik dat een tafeltje reserveren voor de lunch misschien aan te raden is. Het had niet gehoeven, blijkt naderhand. Maar het is toch heel feestelijk als blijkt dat er voor ons is gedekt, eenvoudig maar mét linnen servetten.

We krijgen alle tijd om even op te warmen na onze dijkwandeling. Als ons drankje op is, vraagt de vriendelijke ober of de soep kan komen. 'Wij hebben hier de tijd, hoor', voegt hij eraan toe. Maar we hebben trek en laten de soep opdienen. Uiensoep is het. Heel erg licht, wat ik lekker vind. Maar degene die een zware maaltijdsoep verwacht met veel ui en spek, denkt daar mogelijk anders over.

Daarna krijgen we een prachtig opgemaakt bord met eerlijk voedsel: twee bruine boterhammen met rauwe ham en kaas, een snee notenbrood, kruidkoek, een kräcker met eigengemaakte jam en een geroosterd klein broodje met brie. Als een vlag op dat bord staat een glaasje, waaruit mijn oma vroeger advocaat lepelde, maar dat nu gevuld is met boeren- yoghurt en een toefje slagroom. Vers fruit completeert het geheel. Echt een bord om heel lang van te snoepen. En dat alles voor net geen vijfentwintig gulden per lunch.

Voor wie wil logeren (vanaf zo'n 45 gulden per nacht) of alleen ontbijten of dineren bij Oortjeshekken is reserveren aan te raden. En wie op een drukke, zomerse dag bij het logement aanlegt, moet er rekening mee houden dat de sfeer minder ontspannen is dan anders. Want dat de eigenaren niet goed tegen teveel drukte kunnen, is ook een verhaal dat Oortjeshekken vooruit- snelt.

mailIcon print |