*

 
dossier

Archief

Gokkast vaak belangrijk deel van omzet: 'Van snacks alleen kan een snackbar niet leven'

WEERT SCHENK − 03/04/95, 00:00

Bleek, zwaar ademend en met doffe blik zit de snackbarhouder aan zijn vaste tafeltje. Via een grote spiegel kan hij zien wie de zaak binnenkomt....

Van onze verslaggever

Weert Schenk

AMSTERDAM

Van half elf 's morgens tot half een 's nachts is de smoezelige snackbar geopend, zeven dagen per week. 'Als ik niet open ben, gaan ze naar een ander en blijven daar misschien', zegt hij. En nooit een dag er tussenuit geweest sinds hij het eettentje zeven jaar geleden kocht.

Bij de deur staat Devil Run, een kansspel-automaat. 'Als die inderdaad wordt verboden, kan ik naar de sociale dienst', hijgt de 53-jarige snackbarhouder die anoniem wil blijven. 'Die kast is een belangrijk deel van de omzet. Van snacks alleen kun je niet leven.'

Een commissie onder leiding van oud-minister E.Nijpels, die zich over het gokwezen en de gokverslaving boog, adviseerde vorige week kansspelautomaten uit snackbars en sportkantines te weren. 'Ik zal dan echt moeten stoppen', zucht de man aan het raam.

Overdreven? Hij sloft naar een kastje bij de oven en pakt het rapport van zijn boekhouder. Vorig jaar draaide hij een omzet van 179 duizend gulden, 7400 gulden minder dan in 1993. De inkomsten uit de twee toegestane gokkasten daalden met 6500. De winst over 1994 bedroeg 24.200 gulden. Het belastbaar inkomen: 15.260 gulden.

'Het is dat ik alleen ben, want een gezin kan hiervan niet leven. Luxe doet me niets. En ik verdom het om mijn hand op te houden, daar schaam ik me voor. Ik kom uit een ouwerwets geslacht: ik wil werken voor mijn eten.'

Hij klaagt dat de gemeente Amsterdam de laatste jaren iedereen toestaat zomaar een snackbar, shoarmatent of cafetaria te beginnen. In zijn buurt zijn er de laatste jaren heel wat bijgekomen. Volgens hem klopt er niets van: die werkt met illegalen, dat daar is een dekmantel voor handel in gestolen goederen, ze verkopen er patat mèt voor een gulden - godsonmogelijk - en de pizzeria in die schuur kan niets anders zijn dan een geld-witwasserij.

'Ik kan ook gaan helen en dealen. Gisteren kwam nog zo'n patjakker binnen. Of ik voor een gulden per pakkie sigaretten wilden kopen. Marlboro. Dat is verdienen. Maar ze moeten bij mij niet met zulke dingen aankomen. Ik heb een christelijke levensovertuiging, ik wil mijn geld eerlijk verdienen. Dan liever een droge snee brood.'

Van alles word hem aangeboden, vertelt hij. Video's, sportfietsen voor 75 gulden, nog nieuw in de verpakking. 'Ik zeg altijd: als er geen helers zijn, zijn er ook geen stelers. Er zullen genoeg zijn, die wel meedoen. Met eerlijk zaken doen red je het niet.'

Een rondgang in het Amsterdamse snackwezen leert dat de gokkast een zeer belangrijke bron van inkomsten is. Voor velen is het nog de kurk waarop de zaak drijft, voor de rest een 'heel goede zakcent', waarmee personeel eventueel zwart kan worden uitbetaald. In elk geval is de kast een uitkomst. Het ding kost slechts wat stroom en levert toch tussen de twaalf- tot vijftigduizend gulden per jaar op. De inkomsten worden gedeeld met het bedrijf dat de machine plaatst.

De opbrengsten zijn de laatste jaren flink teruggelopen. Eerst moest het aantal fruitautomaten terug van drie naar één (in sommige gemeenten zelfs naar nul). Vervolgens werd het goudmijntje Random-runner verboden, waarop spelers grof konden winnen en verliezen. Sommige snackbarhouders hebben de verboden 'piekautomaat' op het toilet gezet.

Er is méér malaise in de snackverkoop. Het woord 'puinhoop' is voor bestuurslid J. Püper van de werkgeversorganisatie Koninklijke Horeca Nederland net iets te beladen. Hij houdt het liever diplomatiek: 'De hele sector behoeft een kwaliteitsverbetering.'

Püper wijst erop dat het eten in snackbars vaak niet op de goede wijze wordt behandeld. De Keuringsdienst van Waren keurt wel, maar volgens hem te weinig. En dan de vele snackbedrijven die in handen zijn van buitenlanders. 'Je kan met die mensen niet eens communiceren, laat staan dat je over hun kennis van zaken kunt praten.'

De gemiddelde snackbarhouder blijkt het maar vier jaar uit te houden. De inkomens liggen rond de vijftigduizend gulden bruto.

In Nederland zijn achtduizend cafetaria-achtige bedrijven. Volgens Püper gaan de meesten een nog zorgelijker tijd tegemoet. Niet alleen vanwege het mogelijk verdwijnen van de kansspelautomaat. Andere ontwikkelingen: benzinestations verkopen al steeds meer snacks, en grotere winkels richten eigen snack-corners in.

'Goede ondernemers proberen deze ontwikkelingen inventief op te vangen. Voor anderen is het wegvallen van de inkomsten uit de automaat en de dalende verkoop van snacks reden om te stoppen.' Püper verwacht dat ruim duizend bedrijven verdwijnen.

Püper treurt niet om deze koude sanering, omdat de beste overleven. Niettemin verzet Koninklijke Horeca Nederland zich tegen een verbod op de kansspelautomaat in de snackbar. 'Het apparaat past in het gastvrijheid-concept. Als er regels komen over minimum-leeftijd en afspraken over voorlichting en toezicht, kan dat ding best blijven staan.'

A. Vork, eigenaar van 21 cafetaria-bedrijven in Midden-Nederland, is het daar volledig mee eens. Hij is een landelijke handtekeningen-actie begonnen, gericht tegen de 'hypocriete' overheid. 'De overheid is zelf bezig overal casino's te bouwen, en allerlei loterijen aan te prijzen waar elk kind aan mee kan doen. En dan wel bij ons de automaten aanpakken. Het is geen oplossing voor gokverslaving. Alcohol is ook een probleem, dat wordt toch ook niet uit de cafés en supermarkten gehaald?'

De snackbarhouder aan het raam denkt dat 'dit zijn laatste jaar wordt'. 'Als je eerlijk wilt zijn, wordt je nek omgedraaid. Moet ik toch mijn hand ophouden. Wat kan ik anders? Ik ben tot het uiterste gegaan.'

mailIcon print |