Er gaat een nieuwe wind waaien over Europa’s landbouwakkers. En het ziet ernaar uit dat die wind meer dan ooit drager zal zijn van transgeen stuifmeel en zaden van genetisch gemodificeerde (‘gentech’) planten....
De beleidswijziging wordt formeel gepresenteerd als een handreiking aan gentech kritische landen als Oostenrijk, Italië, Griekenland en Luxemburg. Zij zouden meer speelruimte krijgen om de teelt van gentechgewassen op hun grondgebied te verbieden. In ruil voor die ruimere beleidsvrijheid worden lidstaten geacht niet langer ‘dwars te liggen’ bij de Europese toelatingsprocedures. Voorstanders als Nederland, Zweden, Tsjechië en Engeland zou het voortaan vrijstaan om gentechgewassen te verbouwen, terwijl tegenstanders of twijfelaars het recht zouden krijgen om de transgenen te weren. Op het eerste gezicht biedt deze deal winst voor beide zijden. Bijna te mooi om waar te zijn – en dat is het ook. Uit interne Commissiestukken blijkt dat achter deze zogenaamde handreiking in feite juist een inperking van nationale autonomie schuilgaat, en een verdere machtsverschuiving richting Brussel.
Concreet bestaat de beleidswijziging, waarmee de Commissie de kritische lidstaten uit hun loopgraven tracht te lokken, uit twee onderdelen. Allereerst een voorgestelde aanpassing van het wettelijk kader voor EU-toelatingen van gentechgewassen, door introductie van een specifieke bepaling over teelt.
De begeleidende ambtelijke stukken suggereren een zogenoemde ‘opt out’ clausule, waarmee lidstaten het recht zouden krijgen om ondanks EU-wijde toelating van een gentechgewas zelf te beslissen over de teelt op eigen grondgebied. Maar de concept wettekst zelf is beduidend minder toeschietelijk. In plaats van de beloofde nieuwe zelfbeschikkingsrechten voor lidstaten, biedt de bepaling weinig meer dan een simpele samenvatting van reeds bestaande mogelijkheden voor lidstaten om gentech te weren. Deze mogelijkheden zijn en blijven nihil. Nationale verboden mogen niet gegrond zijn op milieu- of gezondheidsoverwegingen en evenmin op coëxistentie, oftewel het garanderen van gentechvrije status van biologische en conventionele landbouwproducten.
Wat overblijft zijn ethische of zogenoemde sociaal-economische factoren, of de publieke opinie. Dit soort weinig concrete argumenten is echter moeilijk juridisch te onderbouwen, en zal zonder twijfel in de rechtszaal worden aangevochten door biotechbedrijven, gentechboeren, internationale handelspartners, en wellicht zelfs Brussel zelf.
Daarnaast kondigt de Commissie een flexibilisering aan van haar ‘coëxistentie’-beleid. Ondanks het ruime juridisch mandaat dat lidstaten hiertoe krachtens EU recht genieten, heeft de Commissie de afgelopen jaren ten onrechte getracht deze vrijheid drastisch te beperken. Aangezien wettelijke bevoegdheid ontbrak, gebruikte de Commissie hiervoor een aanbeveling aan de lidstaten. Hoewel de Commissie hieraan de uitstraling van wetgeving verbindt, is het in werkelijkheid niet meer dan een vrijblijvende weergave van beleidstandpunten van Brusselse ambtenaren. Flexibilisering van deze aanbeveling is derhalve toe te juichen, maar behelst niet meer dan een erkenning van de status quo.
Het heeft er alle schijn van dat wat de Commissie de lidstaten zal aanbieden niet meer is dan een verlokkelijk verpakte sigaar uit eigen doos, tegen een hoge prijs: hun democratisch recht om te stemmen tegen toelatingen van nieuwe gentechgewassen. In de tussentijd creëert Brussel met succes cruciale politieke ruimte voor zichzelf om toelatingen voor gentechgewassen door te drukken. Hoewel de Commissie al veelvuldig de import van gentechvoedsel, veevoeder en non-food producten toestaat, heeft ze bij de toelating van gentechgewassen voor teelt tot op heden nog enige terughoudendheid betracht. Dit mede vanwege haar belofte uit 1999 om niet tegen de wens van een grote groep lidstaten in te gaan, maar vooral omdat juist de teelt en milieu-introductie van gentechgewassen de meeste politieke en publieke weerstand oproept. Maar onder het mom van deze ‘concessie’ aan de lidstaten, van zogenaamde ‘renationalisatie’ van gentechteelt beslissingen, zal de Commissie niet langer schromen om de lange wachtrij aan nieuwe gentechgewassen te gaan wegwerken. De komende maanden al zullen naar verwachting minstens vier transgene maïsgewassen en een sojaboon worden toegelaten tot Europese akkers. Vele zullen volgen.
Na twaalf jaar gentech moratorium waait nu een nieuwe wind door Europa, en deze nieuwe wind moet en zal de blokkades tegen gentechnologie definitief omverblazen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.